In het tweede kwartaal lag de spaarquote nog op 12,1 procent. Dat de spaarquote in het derde kwartaal daalde, komt omdat de gezinnen meer uitgaven (+0,4 procent), terwijl hun beschikbaar inkomen (-0,1 procent) daalde. Dit laatste is het gevolg van "een verhoging van de lopende belastingen op inkomen en vermogen", aldus het Instituut voor de nationale rekeningen. De belastingverhoging heeft dan weer te maken met de afwikkeling van de belastingen, die door de zesde staatshervorming vertraging opliep. "Door een inhaaleffect zijn de directe belastingen ten laste van de huishoudens derhalve tijdens het derde kwartaal fors gestegen", klinkt het. De investeringsquote van de gezinnen bleef in het derde kwartaal stabiel op 9,8 procent van het beschikbaar inkomen. (Belga)

In het tweede kwartaal lag de spaarquote nog op 12,1 procent. Dat de spaarquote in het derde kwartaal daalde, komt omdat de gezinnen meer uitgaven (+0,4 procent), terwijl hun beschikbaar inkomen (-0,1 procent) daalde. Dit laatste is het gevolg van "een verhoging van de lopende belastingen op inkomen en vermogen", aldus het Instituut voor de nationale rekeningen. De belastingverhoging heeft dan weer te maken met de afwikkeling van de belastingen, die door de zesde staatshervorming vertraging opliep. "Door een inhaaleffect zijn de directe belastingen ten laste van de huishoudens derhalve tijdens het derde kwartaal fors gestegen", klinkt het. De investeringsquote van de gezinnen bleef in het derde kwartaal stabiel op 9,8 procent van het beschikbaar inkomen. (Belga)