Deze zomer verklaarde de Amerikaanse organisatie Business Roundtable dat ze af wil van een ondernemingscultuur waarin de besluitvorming enkel draait rond de vraag wat het beste is voor de aandeelhouders. Bedrijven die het mantra 'alles voor de aandeelhouder' voorop zetten, lijken geen toekomst meer te hebben.

De verklaring kwam er onder meer nadat de Amerikaanse presidentskandidaten Elizabeth Warren en Bernie Sanders hadden laten uitschijnen de verantwoordelijkheid van grote bedrijven te willen aanpakken. Warren en Sanders willen naar een nieuw economisch systeem evolueren waarin ondernemers die vooral sociale doelstellingen nastreven een grotere rol kunnen spelen. Meer zelfs: moéten spelen. Je kunt het bekijken als een nieuw soort kapitalisme. Het kapitalisme van de twintigste eeuw heeft ons heel wat welvaart gebracht, maar nu moeten we dat kapitalisme gebruiken om andere maatschappelijke problemen op te lossen.

Als sociaal ondernemer geloof ik heel sterk in de combinatie van een bedrijf uitbouwen en maatschappelijke problemen oplossen. Als kotstudente handelsingenieur vond ik het moeilijk ideeën voor mijn buurt te communiceren aan de lokale overheid. Van daaruit is het idee voor CitizenLab, een digitaal democratieplatform, ontstaan. Wij willen het vertrouwen van de burgers in de politiek herstellen door hen online mee te laten nadenken over het beleid. Toen wij vier jaar geleden startten, liepen nog niet zo veel Vlaamse lokale overheden warm voor dat idee. Als startend bedrijfje hebben we hen proberen te overtuigen van onze missie en visie. Bij de lokale verkiezingen een jaar geleden zagen we dat burgerparticipatie als prioriteit in vele bestuursakkoorden was opgenomen. Ik schrijf dat niet enkel toe aan onszelf, maar ik geloof wel dat wij en andere bedrijven een enorme rol kunnen spelen in de stimulering van maatschappelijke en democratische innovatie.

Sociale impact boven aandeelhouders.

Wanneer je een duurzaam bedrijf wil uitbouwen, kom je al snel voor de keuze van de financiering te staan. CitizenLab focust op een niche, democratiesoftware voor lokale overheden. Het werd dus al snel duidelijk dat we zouden moeten internationaliseren. Anderzijds ontwikkelt de markt zich nog volop en groeit ze sterk. Daarom besloten we extern kapitaal op te halen om onze groei te versnellen. Ook daarbij probeerden we impact voorop te zetten. In het voorjaar van 2019 haalden we meer dan 2 miljoen euro op van een impactfonds en een strategische partner. Het impactfonds zal ons begeleiden in de maximalisatie van onze maatschappelijke impact, terwijl er met de strategische partner veel synergie bestaat. Als sociale ondernemers kijken we niet enkel naar onze financiële groei, maar minstens evenveel naar de maatschappelijke impact en verantwoordelijkheid. Het voordeel van een private speler te zijn is dat we niet afhankelijk zijn van subsidies of politieke context. Dat is het verschil met non-profitorganisaties en ngo's die in hetzelfde veld actief zijn.

Het aan boord halen van impactinvesteerders vertaalt zich ook naar een andere manier van interne en externe rapportering. Wij gebruiken de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDG) als kader om onze impact te meten. Specifiek willen wij zorgen voor een responsieve, inclusieve, participatieve en representatieve besluitvorming op alle niveaus van de overheid. Per kwartaal rapporteren wij het aantal burgers dat we bereiken en hoeveel procent van hun input feedback ontvangt van de lokale overheid. We willen graag nog een stapje verder gaan in het tastbaar maken van onze maatschappelijke impact door het Benefit Corporation-certificaat te behalen. Dat certificaat legt bepaalde maatregelen op op vijf domeinen: bestuur, werknemers, gemeenschap, milieu en klanten. Als een bedrijf die rapportering en certificering aan zijn klanten en belanghebbenden kan voorleggen, zullen ze ook geloven dat je voor maatschappelijke impact gaat.