Wereldwijd scoort Singapore dus het beste op het vlak van concurrentiekracht. De Zuidoost-Aziatische stadstaat neemt daarmee de toppositie over van de Verenigde Staten, die het nu met de tweede plek moeten doen, onder andere een gevolg van de handelsoorlogen die president Trump momenteel uitvecht. De derde plek is voor Hongkong. Op nummer vier staat buurland Nederland, dat twee plaatsen vooruitgaat ten opzichte van 2018 en daarmee beter doet dan de traditioneel goed scorende landen Zwitserland (5) en Duitsland (7). Ons land bezet de 22ste plaats tegenover plaats 21 in 2018, en moet daarmee landen als Groot-Brittannië (9), Frankrijk (15), Luxemburg (18) en Oostenrijk (21) laten voorgaan. We scoren wel beter dan bijvoorbeeld Spanje (23), Ierland (24), Italië (30) en Portugal (34). België staat net als vorig jaar op de eerste plaats wat macro-economische stabiliteit betreft, maar verliest vooral punten wanneer het gaat over ICT en de arbeidsmarkt. Helemaal onderaan de competitiviteitsranglijst bengelen de Democratische Republiek Congo (139), Jemen (140) en Tsjaad (141). Het laagst geklasseerde Europese land is Bosnië en Herzegovina dat het moet stellen met plaats 92. Het WEF lijst jaarlijks zowat 140 landen op volgens concurrentiekracht. Verschillende parameters worden in rekening gebracht: veiligheid, gezondheid, efficiëntie van de overheid, infrastructuur, belastingklimaat, onderwijs, enzovoort. (Belga)