Er is ruimte voor twee doorgedreven carrières in een gezin. Het vergt wel voldoende planning." Aan het woord zijn Lieve Logghe en Hans Van Rijckeghem. Zij is financieel directeur (CFO) van de Europese afdeling vlakke staalproducten bij 's werelds grootste staalfabrikant ArcelorMittal. Hij is CEO van de retail- en vastgoedholding Shopinvest, die vooral bekend is van het modebedrijf e5 mode.
...

Er is ruimte voor twee doorgedreven carrières in een gezin. Het vergt wel voldoende planning." Aan het woord zijn Lieve Logghe en Hans Van Rijckeghem. Zij is financieel directeur (CFO) van de Europese afdeling vlakke staalproducten bij 's werelds grootste staalfabrikant ArcelorMittal. Hij is CEO van de retail- en vastgoedholding Shopinvest, die vooral bekend is van het modebedrijf e5 mode. Trends mocht het uit West-Vlaanderen afkomstige koppel interviewen in zijn woning in het Oost-Vlaamse Lochristi. Weliswaar op zaterdag, want in de week zitten de agenda's propvol en vertoeft Logghe ook grotendeels in het hoofdkwartier van ArcelorMittal in Luxemburg. "We leerden elkaar kennen toen we handels- en financiële wetenschappen studeerden in Brussel", steekt Logghe van wal. "We zaten ook in het presidium van de faculteitskring. Hans was preses, ik was cultuurpreses. We hadden veel gemeenschappelijk, dezelfde ambities en drive. Rond die tijd zijn we een koppel geworden. Om in Brussel als West-Vlamingen te overleven, ben je dan ook op elkaar aangewezen", lacht Logghe. U komt uit een landbouwersgezin. LIEVE LOGGHE. "Ondernemerschap zat in mijn bloed, nog meer dan bij Hans, omdat mijn ouders het er met de paplepel hadden ingegoten. Vreemd genoeg draaide het omgekeerd uit, want Hans is de zelfstandige." HANS VAN RIJCKEGHEM. "Als voormalig aandeelhouder van Lessius en als bestuurder van verschillende vennootschappen, heb ik inderdaad een zelfstandig statuut. Maakt weinig uit. De manier van denken, is wat telt. Of je onderneemt voor jezelf of voor iemand anders blijft hetzelfde." Hebt u wel ruimte om te ondernemen naast Etienne Kaesteker, de oprichter van e5 mode en Shopinvest? VAN RIJCKEGHEM. "De koers van Shopinvest bepalen we samen. Etienne houdt zich niet bezig met de operationele werking van zijn bedrijven. De aanstelling van zijn neef Alexander Talpe tot CEO van e5 mode,bevestigt dat. Maar dat hij als oprichter een oogje in het zeil houdt, lijkt me vanzelfsprekend. Het blijven zijn bedrijven en zijn centen. Trouwens, familiale aandeelhouders vinden ondernemerschap bij hun directe medewerkers een groot pluspunt. Bij Lieve is dat net hetzelfde." LOGGHE. "Dat klopt. Het wordt weleens vergeten, maar net als Hans werk ik voor een familiebedrijf, dat van de familie Mittal. Ik heb regelmatig contact met de oprichter, Lakshmi Mittal, en vooral met zijn zoon Aditya Mittal, die de CEO van ArcelorMittal Europa is. Samen hebben zij 40 procent van ArcelorMittal in handen. Ook bij ons staat ondernemerschap hoog aangeschreven. Zolang we aantonen dat we meerwaarde brengen, krijgen we ruimte om ons eigen beleid uit te stippelen." U werkt al bijna heel uw professionele leven in de staalsector. U was CFO van de Gentse vestiging van ArcelorMittal in 2008, net toen de bankencrisis uitbrak. Hoe hebt u dat beleefd? LOGGHE. "Die crisis drukte haar stempel op mijn carrière. Elk staalbedrijf heeft zware vaste kosten en ons orderboek was voor de helft leeg. We moesten zo veel mogelijk besparen en dat deed pijn. Maar we hadden niet te kiezen, het was een kwestie van overleven. Mensen begrepen niet hoe ernstig de situatie toen was. Die crisis leerde me het belang van goede communicatie en ik leerde zuinig om te springen met financiële middelen, want die blijven hoe dan ook schaars. Ik draag die lessen nog altijd mee. Wereldwijd kampt de staalsector met overcapaciteit, dus zal ArcelorMittal maar kunnen overleven als we onze centen doeltreffend uitgeven." Wat zijn de grootste uitdagingen voor ArcelorMittal in Gent? LOGGHE. "Opnieuw: kostenefficiëntie. We moeten de grondstoffen van ver halen, maar dat evolueert positief. Nu kunnen we in Gent schepen van 71.000 ton ontvangen, maar met de nieuwe zeesluis in Terneuzen gaat dat naar schepen van 120.000 ton. Daarmee zal de efficiëntie van die vestiging stijgen. Onze staalbedrijven zijn energie-efficiënt, maar ook energie-intensief. En tot slot is er de innovatie in producten en processen, een uitdaging voor heel Europa." De Amerikaanse president, Donald Trump, voerde vorige maand een invoerheffing van 25 procent in op staal, al heeft hij die tot nader order voor Europa opgeschort. Wat betekent zo'n heffing voor u? LOGGHE. "Voor onze vestigingen in de Verenigde Staten is zo'n heffing zelfs een goede zaak, want tot op zekere hoogte bescherm je zo de Amerikaanse markt tegen goedkoop staal. Voor Europa blijft de rechtstreekse impact van die heffing gelukkig beperkt, omdat wij vooral op eigen bodem en aan Turkije leveren. Maar er is wel een indirect gevaar. Trump houdt ongeveer 12 miljoen ton staal tegen. Dat zal ergens naartoe moeten. We lopen het risico dat het hier terechtkomt. Het maakt dat het Europese management de situatie goed in het oog moet houden. Europa houdt het goedkope staal van China nog even weg, maar dat zal niet blijven duren. We mogen niet op onze lauweren rusten en moeten onze productie optimaliseren, zodat we wereldwijd kunnen concurreren." Biedt Europa voldoende bescherming tegen de uitspattingen van Trump? LOGGHE. "Europa denkt mee, maar is volgens mij te bureaucratisch en te liberaal. We moeten meer Europees denken en focussen op ons continent. We gaan de wereld niet redden door alles open te stellen. We zijn voorstander van vrije handel, maar hebben een gelijk speelveld nodig, aangezien de staalmarkt een wereldmarkt is. Trumps beleid is trouwens op een andere manier gevaarlijk voor ons. Hij v eroorzaakt volatiliteit op de markt. Neem de dollarkoers. ArcelorMittal Europe factureert in euro, maar verdient in dollar. Als Trumps uitspraken wegen op de dollar, brengt dat onze competitiviteit in gevaar. "Met zulke dossiers hou ik mij dagelijks bezig. Weliswaar niet alleen, ik heb een team van duizend medewerkers. Maar veel documenten die naar de Europese Commissie moeten, passeren wel eerst via mij." U werkt in twee verschillende werelden. Praat u thuis over het werk? VAN RIJCKEGHEM. "Soms kom ik thuis nadat we met Shopinvest een investering van pakweg 1 miljoen euro gedaan hebben. Dan komt Lieve erbij zitten en vertelt ze hoe ArcelorMittal net een investering van 50 miljoen euro afrondt. Dan moet ik even slikken ( lacht). Zulke zaken komen wel vaak voor. Maar ondanks die verschillen zijn de wetmatigheden van onze werelden dezelfde. Daarom geven we elkaar vooral advies. Dat gaat over omgaan met stress, elkaars zorgen relativeren, enzovoort. We maken beiden moeilijke situaties mee, dus plaatsen we dat in perspectief. Zo zijn we eigenlijk elkaars sparringpartner." LOGGHE. "We kunnen inderdaad bij elkaar terecht voor advies en sturen elkaars manier van werken bij. Soms leunt de een te veel naar een bepaalde kant of pakt die een conflict te hard aan." VAN RIJCKEGHEM. "Een ijzeren vuist in fluwelen handschoen? ( kijkt naar Logghe) Dat is een mooie metafoor voor jouw aanpak. We hebben soms ook discussies. Ik denk bijvoorbeeld aan die daling van de dollarkoers. Die is nefast voor Lieve en ArcelorMittal, maar e5 mode koopt in dollar goederen aan, voor ons is die koersevolutie dus goed." Trumps tweets houden u 's nachts dus niet wakker, meneer Van Rijckeghem? VAN RIJCKEGHEM. "Toch niet zoveel als Lieve. ( lacht)" Waarvan ligt u dan wel wakker? VAN RIJCKEGHEM. "E-commerce blijft een uitdaging. Daarom namen we met Shopinvest een belang in de fotodienstengroep Smartphoto. Daarmee willen we digitale evoluties nauwgezet volgen. Webwinkels concurreren rechtstreeks met ons, omdat wij vooral inzetten op fysieke winkels. De strijd is ongelijk. E-commercebedrijven volgen andere wetmatigheden dan klassieke winkels. Toen Lieve en ik studeerden, leerden we twee dingen: geld en middelen zijn schaars en bedrijven willen dividenden en rendabiliteit aan hun aandeelhouders geven. Die twee zaken lappen veel webwinkels aan hun laars. Kapitaal is niet langer schaars. Als het op is, doen ze een kapitaalverhoging. Rendabiliteit maakt ook weinig uit. Wat telt, is marktaandeel. Bovendien veranderen webwinkels de mentaliteit van klanten. Vroeger heerste een gevoel van schaarste in de kledingsector, maar door het internet denken klanten dat elk kledingstuk op ieder moment beschikbaar moet zijn. Dat maakt het voor ons moeilijker." Zijn klassieke winkels bijna dood en begraven? VAN RIJCKEGHEM. "Neen, maar ze zullen wel meer moeite moeten doen. We moeten klanten redenen geven om de verplaatsing naar ons te maken en niet naar de concurrent, dus zullen fysieke winkels meer moeten aanbieden dan enkel verkoop. De klant blijft een onzeker iemand, die op zoek is naar bevestiging en advies. Elke klant kan bij ons terecht voor persoonlijk stijladvies. Je boekt online en komt naar de winkel op het afgesproken uur. Daar staat een personal shopper klaar om je te helpen. Op die manier zijn we e-commercebedrijven te slim af, want enkel fysieke winkels kunnen zoiets doen. Bovendien is onlineverkoop een moeilijk verdienmodel, zeker in de kledingsector. Klanten bestellen vijf paar schoenen via een webwinkel, kiezen een paar dat hen bevalt en sturen de rest terug. Begin dan maar eens winst te maken. Ik verwacht dus een nieuw evenwicht tussen fysiek en digitaal, want e-commerce zal niet blijven groeien. Dat zie je trouwens al in sommige sectoren, waar webwinkels marktaandeel van elkaar beginnen af te snoepen." Moet e5 mode diversifiëren om het hoofd boven water te houden? VAN RIJCKEGHEM. "E5 mode zal de nadruk blijven leggen op de verkoop van kleding. Maar Shopinvest wil een gediversifieerde speler zijn, die focust op vastgoed en retail. Ondertussen hebben we ook belangen in Nederlandse kledingwinkelketens als Berden of Nr4. Maar telkens we een investeringsdossier bekijken, vragen Etienne Kaesteker en ik ons af of bedrijven in onze groep er iets aan hebben. We streven steeds naar maximale synergie in onze holding." Mevrouw Logghe, door uw positie behoort u tot een beperkte club. Weinig vrouwen bereiken de top van een industriële wereldtopper. LOGGHE. "Inderdaad. Ik ben de enige vrouw in het Europees managementcomité van ArcelorMittal. Dat is te weinig, maar het probleem begint onderaan, bij de instroom van personeel. ArcelorMittal zet daar sterk op in. We rekruteren actief bij vrouwelijke studenten, want de staalsector is doorgaans een mannenwereld. Als meer vrouwen aan de basis beginnen, zullen ze automatisch doorstromen naar het topmanagement. Zo lossen we dat probleem op, want quota voor vrouwen op topfuncties bieden geen structurele aanpak." VAN RIJCKEGHEM. "Quota zijn inderdaad geen oplossing. Een goede mix is uiteraard een meerwaarde, zo zitten in het directiecomité van zowel Shopinvest als e5 mode evenveel mannen als vrouwen. Maar we hebben daar geen quota voor ingesteld, dat is zo gegroeid. Ik zie geen redenen waarom vrouwen het topmanagement niet kunnen bereiken. Het is niet zo dat mannen hun vrouw dwingen vier vijfde te werken, vrouwen zijn sterker dan dat. Als we meer vrouwen aan de top willen, moeten ze zelf meer ambitie tonen. Nu, als iemand in een gezin besluit andere prioriteiten te stellen dan zijn of haar carrière, dan is daar niets mis mee. Maar sta je er beiden achter, dan mag een koppel heus ambitieus zijn. Er is ruimte voor twee doorgedreven carrières in een gezin. Alleen: het vergt voldoende planning." Is het moeilijk tijd voor elkaar te vinden? VAN RIJCKEGHEM. "We moeten onze agenda's goed bijhouden. Lieve zit drie tot vier dagen per week op kantoor in Luxemburg en moet veel rondreizen in Europa. En als ik op zakenreis ga, is dat al snel naar Mongolië, waar we micro-kredieten verstrekken, of naar het Verre Oosten. Het maakt de vrije weekends des te belangrijker. We hebben gelukkig goede personal assistants, die ervoor zorgen dat we tijd voor elkaar overhouden, en in het weekend zeker ook voor onze twee kinderen. Gezien onze bezigheden, gingen die vanaf twaalf jaar op internaat. Ze hebben dat nooit erg gevonden. Integendeel, hun vriendenkring is daardoor hechter en ze leerden al jongs zelfstandig te zijn."