Als het voelt als een zeepbel en als het ruikt naar een zeepbel, dan is het waarschijnlijk een zeepbel. Als het berichtenplatform Snapchat in zijn eerste beursdagen wordt verhandeld tegen 70 keer de omzet, ondanks de zware verliescijfers, kun je die waardering alleen belachelijk noemen. Als beleggers bereid zijn 18 keer de bedrijfswaarde van kleine Amerikaanse aandelen te betalen, valt de mond van de conservatievere beleggers open van verbazing. Als de grote jongens op Wall Street noteren tegen bijna 30 keer de cyclisch gecorrigeerde winst, moet je al stevige argumenten aanvoeren om aan te tonen dat het deze keer anders is. De Amerikaanse beleggers feesten alsof het 1987 is. Later dat jaar crashte de beurs.
...

Als het voelt als een zeepbel en als het ruikt naar een zeepbel, dan is het waarschijnlijk een zeepbel. Als het berichtenplatform Snapchat in zijn eerste beursdagen wordt verhandeld tegen 70 keer de omzet, ondanks de zware verliescijfers, kun je die waardering alleen belachelijk noemen. Als beleggers bereid zijn 18 keer de bedrijfswaarde van kleine Amerikaanse aandelen te betalen, valt de mond van de conservatievere beleggers open van verbazing. Als de grote jongens op Wall Street noteren tegen bijna 30 keer de cyclisch gecorrigeerde winst, moet je al stevige argumenten aanvoeren om aan te tonen dat het deze keer anders is. De Amerikaanse beleggers feesten alsof het 1987 is. Later dat jaar crashte de beurs.Het is de economie, domoren! Vergeet Donald Trump en de lage rente. De motor achter de acht jaar durende hausse op Wall Street zijn de verder aansterkende conjunctuur en de opnieuw aandikkende bedrijfswinsten. Die winsten zitten in de Verenigde Staten ver boven hun historische gemiddelde, maar van een normalisatie - lees: een daling - is voorlopig weinig sprake. Het mooie weer op de beursindexen wordt gemaakt door een handvol toppers zoals Facebook, Amazon en Google. Beleggers die de vervijfvoudiging van de koers van Facebook hebben gemist, hopen dat Snapchat plaatsneemt in dat rijtje. Donald Trump zal hen als de vriend van big business weinig in de weg leggen, maar hen veeleer trakteren op een belastingverlaging.Kortom, voor beursgenoteerd Amerika schijnt de zon. De winsten stijgen, de waarderingen zitten in de lift en de economie trekt aan. Beter wordt het niet. Wellicht neemt de zeepbel nog een veel grotere omvang aan voor de onvermijdelijke correctie volgt, maar nu al is duidelijk dat de returns van Amerikaanse aandelen en obligaties de volgende jaren mager zullen uitvallen, als we vertrekken van die waarderingen. Zelfs een nieuwe renteverhoging door de Amerikaanse centrale bank (Fed) kan de pret niet bederven. Integendeel zelfs: dat argument voor lagere beurzen is een argument voor hogere beurzen geworden. Als Janet Yellen als voorzitter van de Fed de rente verhoogt, steekt ze de duim omhoog steekt voor de Amerikaanse economie. De Fed wil dat momentum aangrijpen om het beleid verder te normaliseren. Tot vorig jaar nam de instelling elk excuus te baat om een renteverhoging uit te stellen, nu kan het niet snel genoeg gaan. Yellen gaf al te kennen dat ze de rente eerder vroeger dan later verhoogt. Reken op een renteverhoging volgende week, en op twee extra verhogingen later dit jaar.'Missie volbracht', mogen ze bijna hardop zeggen bij de Fed. Op de boordtabellen prijkt een werkloosheid van minder dan 5 procent en een inflatie die opschuift richting 2 procent, precies zoals de opdracht van de Fed luidt. De werkgelegenheidsgraad ligt wel nog ver onder het niveau van 2007, maar de vergrijzing eist daar zijn tol, wat maakt dat de Verenigde Staten bijna een volledige werkgelegenheid hebben. Toch is het te vroeg om victorie te kraaien. De Fed moet nog beginnen met de afbouw van haar opgeblazen balans. Dat is een delicate operatie, omdat de financiële markten verslaafd zijn geraakt aan het expansieve geldbeleid. Dat is nog altijd heel soepel, want in deze omstandigheden zou een normale langetermijnrente rond 4 procent schommelen. Nu bedraagt die nog 2,4 procent. Bij een inflatie van bijna 2 procent levert dat een reële langetermijnrente van minder dan 1 procent op. Dat is in een sterke conjunctuur vragen om problemen.In Europa is er van schuimkopjes op de beurzen nog geen sprake. Niet alleen liggen de waarderingen hier nog een stuk lager, ook de Europese bedrijfswinsten hebben nog een inhaaloperatie te goed. Volgens de zakenbank Barclays gingen de winsten per aandeel in de Verenigde Staten maal 5 sinds 1987, en in Europa slechts maal 3. Die kloof is vooral sinds de financiële crisis van 2009 uitgediept. De Europese schuldencrisis en de dubbele recessie hielden de winstontwikkeling aan de ketting, maar dat verhaal kantelt. In het vierde kwartaal van 2016 stegen de Europese bedrijfswinsten sneller dan de Amerikaanse, en die trend zou dit jaar moeten doorzetten. Het langverwachte herstel van de Europese bedrijfswinsten lijkt eindelijk begonnen. Kortom, de beurzen dansen opnieuw meer op het ritme van de bedrijven en van de economie, en minder op dat van de centrale banken en de politieke gebeurtenissen, zoals de voorbije acht jaar het geval was. Niet Mario Draghi, Donald Trump en Marine Le Pen behoren de koersen te bepalen, wel Mark Zuckerberg, Luc Tack en andere Europese bedrijfsleiders. De ondernemers nemen eindelijk opnieuw de wereld over. Dat werd hoog tijd.