" Je kunt honing vergelijken met champagne", zegt Tom Floorizone, een telg van de derde generatie van het familiebedrijf Meli. "Om jaar na jaar honing met dezelfde smaak op de markt te brengen, mengen we verschillende soorten honing. Daarbij moeten we rekening houden met het klimaat en de oogsten." Net zoals dat van Coca-Cola is het recept van Meli-honing een goed bewaard geheim.
...

" Je kunt honing vergelijken met champagne", zegt Tom Floorizone, een telg van de derde generatie van het familiebedrijf Meli. "Om jaar na jaar honing met dezelfde smaak op de markt te brengen, mengen we verschillende soorten honing. Daarbij moeten we rekening houden met het klimaat en de oogsten." Net zoals dat van Coca-Cola is het recept van Meli-honing een goed bewaard geheim. In het vatenmagazijn van Meli staat onder meer Oekraïense, Argentijnse en Roemeense honing. De smaak en de textuur verschillen sterk. "Oekraïense zonnebloemhoning is iets meer gekristalliseerd, doordat er meer glucose dan fructose in zit", zegt Koen Steurbaut, de CEO van Meli. "Roemeense acaciahoning heeft verhoudingsgewijs meer fructose, waardoor er minder kristallisering is." Kristallisering betekent dat de vloeibare deeltjes honing uit een warme bijenkorf van 38 graden bij afkoeling kristallen vormen en daardoor een vaste stof worden. Na China is de Europese Unie de grootste honingproducent ter wereld, blijkt uit EU-cijfers. De Europese honingproductie volstaat evenwel niet, waardoor de Europese Unie ook de grootste honingimporteur ter wereld is. Meli voert honing in van grote honinglanden als Mexico, Argentinië en Oekraïne. De vaten in het magazijn van de West-Vlaamse kmo hebben per land een andere kleur. "De oogst is volop bezig. Veel moet nog binnenkomen, maar we houden altijd een goede voorraad aan", zegt Koen Steurbaut. Dat moet ook, want de oogsten kunnen mislukken door stormen, en het afgelopen jaar zag Meli zijn verkoop stevig stijgen. Volgens cijfers van het marktonderzoeksbureau Nielsen steeg de totale Belgische honingconsumptie in 2020 met 17 procent, goed voor een verkoop van 3,2 miljoen kilogram honing. Meli is de marktleider. Het verkoopt 45 procent van zijn productie in België. De rest gaat vooral naar de buurlanden en Noord-Europa. Meli verkoopt niet enkel onder het eigen merk Meli, het maakt ook honing voor huismerken of bedrijven die de honing verwerken in cornflakes of wafels. De lockdown is niet de enige verklaring voor de gestegen verkoop, weet CEO Koen Steurbaut: "Ook voor corona was honing al hipper dan ooit. Jongeren hebben de weg naar dat natuurproduct gevonden." Dat er sinds vijf à zeven jaar meer interesse voor honing is uit culinaire hoek, helpt ook. Tom Floorizone is zelf ook een imker. Daarmee zet hij een familietraditie voort. Zijn vader en grootvader, Guy en Alberic Florizoone, imkerden ook. Alberic Florizoone begon in 1925 potjes honing te verkopen. In Adinkerke bouwde hij in de jaren dertig een Bijenpaleis, dat uitgroeide tot het pretpark Meli, het eerste Europese themapark. Na de oorlog verhuisde het bedrijf naar Brussel, om mee te groeien met de vraag naar honing in de retail. In 1999 verkochten de Florizoones het pretpark in Adinkerke aan Studio 100 - het heet nu Plopsaland. De opbrengst investeerden ze in het honingbedrijf. Omdat de fabriek in Brussel te klein was geworden, verhuisde Meli in 1999 terug naar Veurne. De site werd stelselmatig uitgebreid tot de 15.000 vierkante meter meter die ze nu telt. De kwaliteitsverantwoordelijke, Siska Van Poucke, spreekt luid om uit te komen boven het bonzende geluid van de machines in de zaal waar de honing wordt verwerkt: "Hier openen we de vaten en maken de honing met een grote mixer vloeibaar. Daarna halen we de onzuiverheden eruit. Dan slaan we de honing op korftemperatuur op in grote tanks." De honing moet acht tot twaalf uur rusten, zodat de was kan stijgen. Die haalt de watermaatschappij Aquafin op, om ze te gebruiken als voedingsstof voor de bacteriën die het water zuiveren. De kinderen en de kleinkinderen van Alberic Florizoone en zijn vrouw Marthe - ze is nu 99 - zijn niet actief in het bedrijf. Sinds 2016 leidt Koen Steurbaut Meli. Daarvoor werkte hij onder meer voor Lego en Mars. Onder zijn leiding deed Meli dit jaar zijn eerste overname: het Nederlandse De Traay. "De Traay is een autonome en winstgevende activiteit, die complementair is aan Meli", zegt Steurbaut. "Naast honing verkopen wij chocopasta, wafels en honingkoek. Die drie producten heeft De Traay niet, maar wel honing en de cosmeticalijn Bee Honest. We kunnen organisch groeien in de Benelux, met Meli in Nederland en met de merken van De Traay in België." Meli boekte in 2019 een omzet van 47,6 miljoen euro en een bedrijfswinst van 3,3 miljoen met 55 werknemers. Dat was voor de overname van De Traay. Sindsdien telt Meli 120 werknemers. De acquisitie was niet de enige investering. Meli stak ook 300.000 euro in een nieuw labo, dat tjokvol staat met de modernste apparatuur. Het oude labo was te klein geworden. Het nieuwe labo zal ongeveer 1400 honingstalen per jaar kunnen verwerken. Het is de biotoop van biochemica Siska Van Poucke. Zij analyseert stalen voor Meli de honing aankoopt, om te kijken of er bijvoorbeeld geen residu's van antibiotica in zitten. Ook na aankomst van de honing en tijdens het productieproces in de fabriek worden stalen genomen. Sinds kort werkt Meli ook met ERP-software, waarmee het de honing kan traceren vanaf de aankomst tot het afgewerkte product. "We zijn nu volledig gedigitaliseerd en geautomatiseerd", zegt Siska Van Poucke. Het koninginnenstuk onder de hightechtoestellen staat niet in het nieuwe labo, maar heeft een aparte ruimte nodig. Koen Steurbaut noemt het NMR-toestel van het Duitse Bruker "de Rolls-Royce van de analysetoestellen". Siska Van Poucke legt uit hoe de honingscreener werkt: "Het is een beetje zoals naar het ziekenhuis gaan voor een scan. We nemen een scan van de honing en voeren enkele parameters in, zoals de origine. Zo kunnen we de honing vergelijken met de officieel geaccrediteerde bibliotheek van honingstalen die Bruker beheert. Op die manier komen we vervalste honing op het spoor." Voedselfraude met honing gebeurt bijvoorbeeld door er suikerstroop aan toe te voegen. Ondanks al die kwaliteitscontroles kregen de honingen van Meli en De Traay in een onderzoek van de consumentenorganisatie Test-Aankoop eerder dit jaar maar het label 'redelijk' of 'slecht' van kwaliteit. Test-Aankoop liet twee onafhankelijke laboratoria 24 multiflorale honingsoorten uit de supermarkt testen, om de authenticiteit te onderzoeken. De beste honing van Meli of De Traay staat niet in de top tien. "Bij het beoordelen van honing moet je altijd de geografische en botanische herkomst kennen", reageert Koen Steurbaut. "Het artikel gebruikt bijvoorbeeld de organische component HMF als parameter om te beoordelen of honing verhit is." Volgens Test-Aankoop is HMF inderdaad een "goede indicator van middelmatigheid en veroudering: hoe minder erin zit, hoe beter de honing". "Maar Meli-honing is een mengeling, waarin ook tropische honing wordt gebruikt", gaat Steurbaut verder. "Honing uit tropische landen als Mexico heeft van nature een hoger HMF-gehalte. Voor honing uit West-Europa mag het HMF-gehalte niet hoger zijn dan 40 milligram per kilo, maar voor tropische honing is dat 80. Honing lijkt iets eenvoudigs, maar het is een wetenschappelijk uitdagend product." Als commercieel honingbedrijf moet Meli opboksen tegen vooroordelen en onwetendheid. "Er is veel begripsverwarring", stelt Koen Steurbaut. "Er is om te beginnen een verschil tussen smaak en kwaliteit. In manukahoning moet een minimumpercentage pollen van de manukaplant aanwezig zijn, maar daarom is het nog niet de beste honing. Dat is een kwestie van smaak veeleer dan van kwaliteit, want kwaliteitstechnisch moet honing aan dezelfde wettelijke voorwaarden voldoen." De wet bepaalt wanneer iets honing mag worden genoemd. Er mag bijvoorbeeld geen enkel additief aan worden toegevoegd. Steurbaut legt ook uit dat honing met een lage prijs bovendien wordt gewantrouwd: "Wij hebben scherpe prijzen omdat we een deel van onze honing uit het buitenland halen. De lonen daar zijn marktconform, maar veel lager dan bij ons." De imker in Tom Florizoone voelt zich aangesproken door het onderwerp. "Ik zit op Facebook en andere sociale media in verschillende groepen voor imkers. Ik lees soms de meest rare ideeën over wat hier in de fabriek gebeurt. Mensen denken dat we suiker aankopen en hocus-pocus mengen in een potje. Aan honing mag je niets veranderen. Het enige wat we doen, is honing selecteren, zuiveren, assembleren en in potjes steken. Er zijn heel veel vooroordelen. Een bij heeft een vliegwijdte van 5 kilometer van zijn korf en terug. Als de buurman van een hobby-imker zoals ik net zijn tuin heeft gesproeid en de bijen nectar van die planten meenemen, komt dat product in zijn korf terecht. Een kleine imker heeft thuis geen labo om dat te weten te komen."