Het moet in het vijfde jaar zijn geweest dat ik mijn bedrijf had, nu elf jaar geleden. Als ik aan die periode terugdenk, was risico nemen vanzelfsprekend voor mij. Ik had vertrouwen. Soms vraag ik me af waar ik die durf vandaan haalde. Ik kon de groei van mijn bedrijf nauwelijks bijhouden: mensen bij inzetten, sleutelpersonen met veel expertise aan boord houden, machines kopen. Ik huurde een magazijn, en daarna nog een - bijna elk jaar bouwde ik wel een ruimte bij, voor machines of voor de nieuwe medewerkers. Tot we echt plaats te kort hadden. De groei dwong me te investeren in een gebouw. Dat was in 2007.

In het Leuvense liggen de bedrijventerreinen niet voor het rapen. De zoektocht nam een jaar in beslag. Tot er zich een kans voordeed. Ik kon een terrein kopen mét een bouwvergunning. Het voordeel was dat er snel gebouwd kon worden. We waren eind 2008.

Er waren signalen dat het wat moeilijk ging met enkele banken, maar we maakten ons geen zorgen. In de Verenigde Staten was Lehman Brothers failliet verklaard. Dat was ver van mijn bed. In ons orderboekje was geen teken van ongerustheid te bespeuren.

Mijn bedrijf produceert en verwerkt direct mailings, of communicatie per post. De bankensector was wel onstabiel door wat in de Verenigde Staten gebeurde, maar die banken waren ook onze klanten. Ze schreven hun klanten aan om hun vertrouwen te behouden. Banken die kansen zagen, prezen hun beste producten aan.

We werkten dag en nacht om het gigantische aantal brieven te kunnen verwerken. De kassa rinkelde. Tijdens die heftige periode hield ik vergaderingen met architecten en aannemers. De akte voor de aankoop van de industriegrond was ondertekend.

Maak uw oorlogskas niet leeg.

Ik besliste de oorlogskas die ik had opgebouwd leeg te maken om het terrein te financieren. Te afhankelijk zijn van kredieten geeft me een ongemakkelijk gevoel. Het krediet voor het bedrijfsgebouw was volledig rond. Het werd toegekend zonder enig probleem. De eerste bouwmaterialen kwamen toe. Het was januari 2009. Er was geen vuiltje aan de lucht. Ik had niets anders gezien dan groei.

En tooen viel het plots stil. Alles viel stil. Ik herinner me nog dat ik met een werkhelm op het hoofd tijdens een werfvergadering het helse tempo van de bouwvakkers volgde. We bouwden een groot magazijn, ik had me geëngageerd voor de aflossing van kredieten en mijn orderboekje was zo goed als leeg. Maandenlang zweefden we tussen overleven of niet overleven. Het lukte altijd net.

Ik heb er wakker van gelegen. Het gebouw, onze mensen, de klanten, het orderboekje. Hier en daar zeiden collega-ondernemers me: "Wie investeert in een crisis, komt er sterker uit." Zovele jaren later kan ik dat beamen. Je staat klaar voor wat komen zal.

Nochtans heb ik mijn lessen geleerd. Ondernemen is risico nemen. Dat hoort er nu eenmaal bij. Maar de oorlogskas tot op de bodem ledigen, is niet meer aan mij besteed. Ik zie opnieuw dezelfde beweging, maar in kortere tijd en extremer. In drie dagen tijd gingen we van een volle planning naar vrijwel een volledige stilstand. Onze mensen zitten thuis. Ik heb hen verteld: we komen dit te boven. Het water staat niet aan onze lippen. We hebben reserves. Ik heb meermaals gedacht aan collega-ondernemers die net zwaar hebben geïnvesteerd. Het ging goed met de economie, er was geen vuiltje aan de lucht. Niemand zag het coronavirus aankomen. Er valt niemand iets te verwijten.

Het crisismonster slaat snel en onverbiddelijk toe. De vaste kosten van een bedrijf moeten ook in slechte tijden worden betaald. Zorg dus dat u een minimum aan reserves heeft. Ledig uw oorlogskas nooit volledig, zodat de laatste munt die u op de bodem vindt het verschil maakt tussen er nog zijn of er niet meer zijn.

Het moet in het vijfde jaar zijn geweest dat ik mijn bedrijf had, nu elf jaar geleden. Als ik aan die periode terugdenk, was risico nemen vanzelfsprekend voor mij. Ik had vertrouwen. Soms vraag ik me af waar ik die durf vandaan haalde. Ik kon de groei van mijn bedrijf nauwelijks bijhouden: mensen bij inzetten, sleutelpersonen met veel expertise aan boord houden, machines kopen. Ik huurde een magazijn, en daarna nog een - bijna elk jaar bouwde ik wel een ruimte bij, voor machines of voor de nieuwe medewerkers. Tot we echt plaats te kort hadden. De groei dwong me te investeren in een gebouw. Dat was in 2007. In het Leuvense liggen de bedrijventerreinen niet voor het rapen. De zoektocht nam een jaar in beslag. Tot er zich een kans voordeed. Ik kon een terrein kopen mét een bouwvergunning. Het voordeel was dat er snel gebouwd kon worden. We waren eind 2008. Er waren signalen dat het wat moeilijk ging met enkele banken, maar we maakten ons geen zorgen. In de Verenigde Staten was Lehman Brothers failliet verklaard. Dat was ver van mijn bed. In ons orderboekje was geen teken van ongerustheid te bespeuren. Mijn bedrijf produceert en verwerkt direct mailings, of communicatie per post. De bankensector was wel onstabiel door wat in de Verenigde Staten gebeurde, maar die banken waren ook onze klanten. Ze schreven hun klanten aan om hun vertrouwen te behouden. Banken die kansen zagen, prezen hun beste producten aan. We werkten dag en nacht om het gigantische aantal brieven te kunnen verwerken. De kassa rinkelde. Tijdens die heftige periode hield ik vergaderingen met architecten en aannemers. De akte voor de aankoop van de industriegrond was ondertekend.Ik besliste de oorlogskas die ik had opgebouwd leeg te maken om het terrein te financieren. Te afhankelijk zijn van kredieten geeft me een ongemakkelijk gevoel. Het krediet voor het bedrijfsgebouw was volledig rond. Het werd toegekend zonder enig probleem. De eerste bouwmaterialen kwamen toe. Het was januari 2009. Er was geen vuiltje aan de lucht. Ik had niets anders gezien dan groei. En tooen viel het plots stil. Alles viel stil. Ik herinner me nog dat ik met een werkhelm op het hoofd tijdens een werfvergadering het helse tempo van de bouwvakkers volgde. We bouwden een groot magazijn, ik had me geëngageerd voor de aflossing van kredieten en mijn orderboekje was zo goed als leeg. Maandenlang zweefden we tussen overleven of niet overleven. Het lukte altijd net. Ik heb er wakker van gelegen. Het gebouw, onze mensen, de klanten, het orderboekje. Hier en daar zeiden collega-ondernemers me: "Wie investeert in een crisis, komt er sterker uit." Zovele jaren later kan ik dat beamen. Je staat klaar voor wat komen zal. Nochtans heb ik mijn lessen geleerd. Ondernemen is risico nemen. Dat hoort er nu eenmaal bij. Maar de oorlogskas tot op de bodem ledigen, is niet meer aan mij besteed. Ik zie opnieuw dezelfde beweging, maar in kortere tijd en extremer. In drie dagen tijd gingen we van een volle planning naar vrijwel een volledige stilstand. Onze mensen zitten thuis. Ik heb hen verteld: we komen dit te boven. Het water staat niet aan onze lippen. We hebben reserves. Ik heb meermaals gedacht aan collega-ondernemers die net zwaar hebben geïnvesteerd. Het ging goed met de economie, er was geen vuiltje aan de lucht. Niemand zag het coronavirus aankomen. Er valt niemand iets te verwijten. Het crisismonster slaat snel en onverbiddelijk toe. De vaste kosten van een bedrijf moeten ook in slechte tijden worden betaald. Zorg dus dat u een minimum aan reserves heeft. Ledig uw oorlogskas nooit volledig, zodat de laatste munt die u op de bodem vindt het verschil maakt tussen er nog zijn of er niet meer zijn.