Als zijn vrienden hem als student Germaanse filologie in Leuven hadden verteld dat hij ooit voor een bank zou werken, had Luc Keppens hen gek verklaard. "Dat was wel het laatste van mijn gedachten", vertelt hij via een videocall vanuit de hoofdzetel van Fintro, een dochter van BNP Paribas Fortis. Maar de economische crisis van begin jaren tachtig dreef hem toch richting de bankwereld. "Ik heb eerst nog voor een paar kmo's in het Kortrijkse gewerkt. Zo leerde ik de bank kennen. Het idee was daar een jaar van te proeven, en kijk: 37 jaar later ben ik er nog altijd. En ik heb in dit werk zeker voldoening gevonden, vooral in het retailbankieren."
...

Als zijn vrienden hem als student Germaanse filologie in Leuven hadden verteld dat hij ooit voor een bank zou werken, had Luc Keppens hen gek verklaard. "Dat was wel het laatste van mijn gedachten", vertelt hij via een videocall vanuit de hoofdzetel van Fintro, een dochter van BNP Paribas Fortis. Maar de economische crisis van begin jaren tachtig dreef hem toch richting de bankwereld. "Ik heb eerst nog voor een paar kmo's in het Kortrijkse gewerkt. Zo leerde ik de bank kennen. Het idee was daar een jaar van te proeven, en kijk: 37 jaar later ben ik er nog altijd. En ik heb in dit werk zeker voldoening gevonden, vooral in het retailbankieren." LUC KEPPENS. "Nee, het is niet goed als een sponsorproject de hobby van de CEO is. Dit wordt breed gedragen in onze groep en we hebben een lange traditie in het sponsoren van cultuur, en vooral literatuur. Onze voorlopers NMKN (Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid, nvdr) en ASLK (de Algemene Spaar- en Lijfrentekas, nvdr) sponsorden in de jaren tachtig al literatuur. Ook de Generale Bank sponsorde een boekenprijs, en als Fintro hebben we onze naam eerder al verbonden aan de Literatuurprijs en de Prijs voor het Spannende Boek. Dit komt dus niet zomaar uit de lucht vallen. Maar het is natuurlijk wel fijn dat ik veel affiniteit met kunst en literatuur heb." KEPPENS. "Onze bedoeling was dat voort te zetten met de LangZullenWeLezen-campagne van de VRT en boek.be, maar dat bleek wat moeilijker, omdat dat echt een initiatief van de VRT is en wij iets minder aan bod kwamen. Maar we hebben nog altijd onze Fintro Prijs voor het Spannende Boek en de Franstalige tegenhanger Écriture Noire, voor schrijvers die nog geen boek hebben uitgegeven. De manuscripten worden aan ons bezorgd en beoordeeld door professionele uitgevers. Ook niet-winnaars komen zo in de belangstelling. Alles samen hebben we al een tiental boeken mee helpen uitgeven." KEPPENS. "Dat is zo. Kijk, wij zijn een bank die werkt via onafhankelijke verzekeringsmakelaars. Dat zijn zelfstandige agenten die verzekeringen aanbieden, met daarnaast exclusief de bankdiensten van BNP Paribas Fortis onder de merknaam Fintro. We zijn dus erg actief in kredietverlening en woonkredieten, en hebben in de covid-periode veel mensen geholpen met overbruggingskredieten. Toen kregen we de opmerking vanuit de literaire wereld: 'Goed dat jullie de bedrijven helpen, maar je weet toch dat ook in de kunstenwereld het water velen tot aan de lippen staat? De kansen op die markt zijn al zo klein. Kunnen jullie daar niets voor doen?' Omdat een paar klassieke sponsorprojecten niet konden doorgaan, was er wat budget en konden we 76.000 euro aan prijzengeld vrijmaken. "De dynamiek kwam ook mee van misdaadauteur Toni Coppers, die bij ons in de jury van de Prijs voor het Spannende Boek zit. We hebben samen gekeken waar de behoefte het grootst was en zo een prijs gecreëerd voor het bewegende verhaal, zoals theater en film; het beeldende verhaal, met beeldende kunst, fotografie en schilderkunst; en natuurlijk het geschreven verhaal, literatuur in het Nederlands en het Frans. Eigenlijk gaat het dus om vier prijzen. Dat is voor ons als nationaal merk ook erg belangrijk. Daarom staan we er ook op dat we kandidaten uit beide taalgebieden hebben. Onze jury bestaat uit Franstaligen en Nederlandstaligen." KEPPENS. "Nee, die prijzen zijn er voor minstens drie jaar, en het liefst natuurlijk nog langer, omdat ze passen bij het DNA van Fintro. Daarom betrekken we het culturele veld ten volle bij deze prijs - met galeriehouders, curatoren en docenten van kunstscholen. En de projecten worden beoordeeld door juryleden die boven elke vorm van verdenking staan." KEPPENS. "Fintro is een bank die het moet hebben van nabijheid, met al die plaatselijke agenten die contacten onderhouden met hun klanten. Het nabije, het helpende, het warme menselijke contact, dat zit veel meer in ons profiel dan in dat van een grootbank. Wij zijn de bank met de hoogste NPS-score op de Belgische markt, de hoogste klanttevredenheid dus, en dat is de verdienste van al die plaatselijke agenten." KEPPENS. "Rechtstreeks niet echt, maar het is natuurlijk wel goed voor de naamsbekendheid van de hele groep. Het is een corporate actie om het merk onder de aandacht te brengen, zodat mensen het ook associëren met wat onze agenten dagelijks in praktijk brengen: het helpen van mensen. En als ze kunstenaars in hun klantenbestand hebben, kunnen ze die natuurlijk voordragen als potentiële winnaars." KEPPENS. "In het directiecomité zit ik tussen juristen, economen en burgerlijk ingenieurs. Ik ben er de enige filoloog. Het strekt de groep tot eer dat ze profielen zoals de mijne alle kansen geven, ik heb altijd kunnen doen wat ik wilde doen. Film en lezen zijn een passie, maar ik heb ook de realiteit nodig. Daarom is een retailbank interessant, omdat je daar met alle soorten mensen in contact komt, de koning en de knecht. De een vraagt of zijn dopgeld al is gestort en de ander vraagt zich af wat hij moet doen met de miljoenen die hij heeft geërfd." KEPPENS. "Voor mezelf speelt dat wel een rol, maar eigenlijk zou u dat aan mijn collega's moeten vragen. De regels zijn wat ze zijn, maar soms moet je een inschatting maken. En ik denk dat je nooit genoeg aan jezelf kunt werken om afgewogen en empatisch beslissingen te kunnen nemen. Interesse voor kunst en literatuur kan daarbij helpen. Ik merk dat er in managementteams veel mensen zitten die in kunst geïnteresseerd zijn en veel lezen. Soms vragen ze me tips. Alleen tips voor managementboeken moeten ze mij niet vragen, want die lees ik nooit." KEPPENS. "Mijn universiteit was het Filmmuseum in Brussel (nu Cinematek, nvdr). Daar heb ik veel van de wereld opgestoken, ik woonde er bijna. Mijn smaak is heel eclectisch, van Hollywood over de stille film tot documentaires uit Kazachstan. En voor de rest: geschiedenis en filosofie zijn mijn grote dada's. Voor filosofie heb ik een clubje met gelijkgezinden, waarmee ik al twintig jaar samenkom. Dan lezen we de grote filosofen. We kiezen een boek per jaar en lezen dat traag en nauwkeurig, en dan komen we vier tot zes keer samen om dat te bespreken. Een hele zaterdag, van het ontbijt tot het diner. Als je in je eentje Spinoza wilt lezen, is dat echt zwaar, maar als je er tussentijds over kunt praten en filosoferen met anderen, motiveer je elkaar." KEPPENS. "Kunst kan verstrooiing zijn. 'Entertainment' komt overigens van ' entretenir', wat betekent dat je de gevestigde ideeën nog eens bevestigt. Maar kunst kan ook iets zijn wat je wakker schudt. Ik zie veel ondernemers die in kunst geïnteresseerd zijn, omdat daar ideeën worden gelanceerd die de gewone norm ter discussie stellen. Dat is dezelfde houding als die van een kritische ondernemer die zoekt naar innovaties. Goede kunstenaars kijken naar de dingen op een manier die niet vanzelfsprekend is. Dat zorgt voor een kritische houding die ons allemaal wakker houdt. Ik denk dat een maatschappij waarin kunst geen rol speelt, een maatschappij is die verdort. Ook als de kunsten onder de knoet van het gezag liggen, zoals tijdens het communisme of het Hollywood van de jaren veertig, vijftig en zestig, krijg je een dorre maatschappij. We moeten onze tegenstemmen koesteren." KEPPENS. "Het is een van de dingen die mij opvielen tijdens de covid-periode. De kunsten komen altijd helemaal op het einde. Terwijl veel mensen hun uiterste best hebben gedaan om protocollen te schrijven om alles veilig te laten verlopen, maar het kwam niet eens op de agenda, zelfs na lang aandringen. Ik vind dat erg jammer. Natuurlijk moeten we onze ondernemingen steunen, ze zijn de motoren van onze welvaart, maar de kunsten zijn evengoed een motor van onze samenleving. Zeker jonge kunstenaars moeten worden geholpen. Waarom zouden we geld ophalen voor jonge start-ups, maar niet voor jonge kunstenaars? Omdat ze niet nuttig zouden zijn? Ze zijn wel nuttig, alleen op een andere manier, maar even noodzakelijk." KEPPENS. "Wij moeten als bank verbindingen leggen, creatieve talenten helpen. We moeten niet alleen de mensen die veel geld hebben en veel geld zoeken bij elkaar brengen, maar ook de mensen met veel talent, veel energie en veel ideeën." KEPPENS. "Ik snap dat er mensen zijn die niet blij zijn met de banken, zeker na 2008. Maar we mogen niet iedereen over dezelfde kam scheren. Ook de media in het algemeen zijn niet echt geliefd, maar dat reductionistische gedoe is niet goed, want ik lees ook veel fantastische stukken in de kranten en de bladen. Laten we de merchant banker van Wall Street niet gelijkschakelen met de retailbanker op Overleie in Kortrijk. "Altijd hameren op het negatieve helpt ons niet, dan breng je de maatschappij in een negatieve hypnose. Mensen hoop geven en inspireren helpt wel. Daarom moeten we ondernemers en kunstenaars een podium geven. Dat is wat we willen doen met die nieuwe prijzen. Mensen willen hun energie kwijt op een positieve manier, van dingen genieten. Dat is inspirerend voor iedereen."