Bij de presentatie van de jaarresultaten van BNP Paribas had CEO Jean-Laurent Bonnafé een speciaal woordje over voor Arval. Hij zette de ambitie van de leasingactiviteit van de Franse groep extra in de verf. Tegen 2025 wil Arval 2 miljoen wagens op de weg hebben, tegenover 1,4 miljoen eind 2020. Daarvan moeten een kwart elektrische wagens zijn, tegenover een tiende nu.
...

Bij de presentatie van de jaarresultaten van BNP Paribas had CEO Jean-Laurent Bonnafé een speciaal woordje over voor Arval. Hij zette de ambitie van de leasingactiviteit van de Franse groep extra in de verf. Tegen 2025 wil Arval 2 miljoen wagens op de weg hebben, tegenover 1,4 miljoen eind 2020. Daarvan moeten een kwart elektrische wagens zijn, tegenover een tiende nu. "We willen uitgroeien tot een leider in duurzame mobiliteit", bevestigt Alain Van Groenendael, de Belg die de Arval-groep leidt. Sinds 2017 is het leasingbedrijf een filiaal van BNP Paribas Fortis, de Belgische dochter van BNP Paribas. De facto wordt de onderneming vanuit Parijs aangestuurd, terwijl de activiteiten heel internationaal zijn. Arval is aanwezig in dertig landen, van Europa tot Zuid-Amerika. "Wij zijn gespecialiseerd in operationele leasing van wagens via contracten van drie tot vier jaar", legt Van Groenendael uit. "Wij kopen en verhuren de wagens, zorgen voor verzekering en onderhoud, en verkopen ze aan het einde van het contract. We zijn actief op de markt van de grote ondernemingen, maar ook van kmo's, vrije beroepen en particulieren. Arval is de voorbije jaren gegroeid in volume en marktaandeel. Ondanks de coronacrisis is het leasewagenpark in 2020 gegroeid met 6,4 procent." Maar de markt van mobiliteit en verplaatsingen verandert sterk, net zoals de verwachtingen van de klanten. Na een grondige strategische reflectie en een bevraging van experts, medewerkers en klanten keurde Arval in oktober vorig jaar een nieuw strategisch plan goed, Arval Beyond. Dat plan voorziet in heel ambitieuze groei-doelstellingen. "Onze visie is dat de wagen als vervoermiddel belangrijk zal blijven", zegt Van Groenendael. "Maar we zien een shift van het eigendom van de wagen naar het gebruik ervan. Naast de wagen willen we extra mobiliteitsoplossingen aanbieden, zodat onze klanten verschillende transportmiddelen kunnen combineren. Wij spelen daarbij in op het milieu- en duurzaamheidsbeleid van veel ondernemingen." Tegen 2025 wil Arval 500.000 elektrisch aangedreven wagens op de markt hebben. Momenteel heeft de onderneming er ongeveer 150.000. "We groeien twee keer zo snel als de markt", aldus Van Groenendael. De leasingmaatschappij engageert zich ook om de CO2-uitstoot van haar wagenpark met 30 procent te verminderen. De onderneming is al volledig koolstofneutraal. "We geven het goede voorbeeld", zegt Van Groenendael. "Het volledige directiecomité van Arval rijdt elektrisch. We passen ook ons aanbod aan: denk aan de combinatie van een elektrische auto en een elektrische fiets, of oplossingen voor klanten die met een elektrische wagen rijden, maar voor hun vakantie of een verre verplaatsing een paar keer per jaar een benzine- of dieselwagen willen." Fietsleasing zit vooral in de lift in Frankrijk, Nederland, Duitsland en België. "In België spelen we in op de cafetariaplannen en het mobiliteitsbudget waarin ondernemingen voor hun werknemers voorzien", vertelt Laurent Loncke, de algemeen directeur van Arval in België. "In 2020 verdubbelden we het aantal fietsleasingcontracten bijna tot iets minder dan 2000. Grote ondernemingen zijn voorlopers in e-bikeleasing, maar we merken dat ook kmo's op de kar springen." In België telt Arval 84.000 wagens. Daarvan is 8 procent elektrisch of hybride. "Bij de nieuwe contracten zitten we al aan 23 procent", stipt Loncke aan. Hij verwacht dat het plan van minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) om de fiscale voordelen voor salariswagens vanaf 2025 te reserveren voor elektrische auto's de markt een belangrijke impuls zal geven. "Tegelijk zitten bedrijven met veel vragen", zegt Loncke. "Ze moeten hun wagenpark ingrijpend omvormen, terwijl de installatie van een aantal voldoende laadpalen een grote uitdaging is. Wij helpen bedrijven bij die transitie. We zoeken oplossingen op maat. Een bedrijf met 50 bestelwagens in het hele land heeft andere behoeften dan een onderneming die haar wagens vooral gebruikt in de stad." "Sommige klanten zullen gemakkelijk de overstap naar elektrisch rijden kunnen maken", oordeelt Loncke. "Voor andere wordt het zoeken naar slimme oplossingen en overgangsmaatregelen. Onze consultants gaan bij de klanten langs om de behoeften nauwkeurig te analyseren. Omdat Arval niet afhankelijk is van één constructeur of één energiebron, kunnen we makkelijker een geschikte oplossing bedenken." Tegen eind 2025 wil de groep Arval een brutowinst van 1 miljard euro halen, tegenover 645 miljoen euro eind vorig jaar. Dat komt neer op een gemiddelde jaarlijkse groei van bijna 10 procent. De winstprognose is opmerkelijk, omdat leasingfirma's hun rendabiliteit traditioneel halen uit de restwaarde van auto's die einde contract zijn. Voor elektrische wagens is het nog koffiedik kijken hoe hoog die na enkele jaren is. "Het klopt dat de restwaarde van elektrische wagens fundamenteel is voor ons businessmodel", geeft Van Groenendael toe. "Maar we beschikken over steeds meer data uit regio's als Scandinavië, het Verenigd Koninkrijk en Nederland. Die cijfers zitten in de buurt van de parameters die wij in de contracten voor elektrische wagens hanteren. Bovendien zijn er minder onderhoudskosten aan elektrische auto's en geldt er een garantie van acht jaar op de batterijen." De verwachte winstgroei zal een gevolg zijn van de groeiende markt en van de inspanningen van Arval om de kosten te drukken, beklemtoont Van Groenendael: "Wij verwachten de komende jaren een snel economisch herstel. 80 procent van onze klanten overweegt een uitbreiding van zijn vloot en 60 procent wil vaker een beroep doen op leasingoplossingen. Daarnaast investeren wij fors in automatisering en robotisering, bijvoorbeeld in de communicatie met garages. Een hogere efficiëntie en lagere kosten moeten bijdragen tot een hogere rendabiliteit."