De stijging van de energieprijs heeft een grote impact op kmo's, blijkt uit cijfers van CEE, een specialist in oplossingen voor energie-intensieve bedrijven om zuiniger en rendabeler te produceren. "In sommige productieprocessen is energie goed voor de helft van de productiekosten", duidt algemeen directeur Koen Bosmans. Hij wijst erop dat de meeste productiebedrijven meer warmte dan elektriciteit nodig hebben. Omdat ze die warmte vaak met aardgas opwekken, is de impact extra zwaar.

Dat is het geval bij Ebema, een familiale fabrikant van betonproducten met vestigingen in Rijkevorsel en Zutendaal, die veel energie nodig heeft voor zijn hydraulisch aangedreven betonpersen. "Onze twee sites verbruiken op jaarbasis samen 6.000 megawatt", telt Johnny Hermans, hoofd aankoop en facilitaire voorzieningen. "We betalen 41 euro per megawattuur, een prijs die we eind 2020 hebben onderhandeld. De druk was toen al voelbaar, want ons tarief verdubbelde zowat. Hadden we de prijs niet vastgeklikt, dan betaalden we nu 248 euro. In de eerste kwartalen van 2022 wacht ons dus een waanzinnig hoge energierekening."

Iets vergelijkbaars horen we bij de Gentse bouwonderneming Wyckaert. "Gemiddeld is energie in een bouwproject goed voor 0,35 procent van de kosten, maar door de prijsstijging is dat al 0,5 procent", vertelt algemeen directeur Johan Franceus. "Op een project van 10 miljoen euro is dat 150.000 euro extra. Bovendien kwam de stijging er heel snel. Dit jaar hadden we dertig werven, waarvan de helft met een variabel energiecontract. Onze energiekosten zijn in 2021 verdubbeld."

Het idee om de energieprijs op een goed moment vast te klikken, brengt nauwelijks soelaas. Zelfs als een klein deel van de energiekosten variabel is, komen kmo's al in de problemen. "Sommige van onze kmo-klanten hebben 80 procent van hun energievolume vastgeklikt voor 2022, maar die variabele 20 procent veroorzaakt nog een exuberante stijging van de energiekosten", duidt Koen Bosmans. "Kmo's gaan er maar beter van uit dat de aardgasprijzen niet snel zullen dalen. Ze waren de voorbije drie jaar gewoon veel te laag."

Prijsindexering

Het is bovendien niet vanzelfsprekend de prijsstijging door te rekenen aan de klant. "Dat hangt van project tot project af", zegt Franceus. "Drie kwart van de projecten die Wyckaert aanneemt, zijn privéopdrachten. We staan het sterkst in het segment waar je de prijsstijging het minst kunt doorrekenen."

In Stabroek werkt Mouterij Dingemans voor een deel van zijn klanten met een prijsindexering, die de gestegen energiekosten deels doorrekent. Dingemans levert elk jaar 50.000 ton mout, vooral aan brouwers van trappist en speciaalbieren. "In onze productiekosten is het aandeel van energie gestegen van 30 naar 50 procent", zegt zaakvoerder Karl Dingemans. "We rekenden al de gerstprijs door. Onze klanten, die een energie-geïndexeerd contract hebben afgesloten, accepteren dat we dat ook doen voor de energieprijs. Dat werkt ook omgekeerd: als de prijzen zakken, volgen er kortingen."

Vraagcontrole

Indexeren is maar een deel van de oplossing, weet Dingemans. De kmo's zweren almaar meer bij verduurzaming. "Gelukkig hadden we die beweging al ingezet voor de energieprijzen stegen", zegt Hermans. "De besparing die onze ingrepen opleverden, kwam op het juiste moment. Dankzij de stap naar ledverlichting bijvoorbeeld besparen we in Zutendaal en Rijkevorsel samen 1.000 megawatt. Zonnepanelen zorgen voor nog eens een reductie van 700 tot 800 megawatt."

Ebema, dat ook een duurzaam kantoorgebouw neerzette, koppelt daaraan kleinere besparingen. Het spoorde bijvoorbeeld lekken op bij het gebruik van perslucht en stelt elektromotoren beter af op de dure piekvraag naar energie. Slim omgaan met die piekvraag heeft ook bij Wyckaert ingang gevonden. "Die pieken kosten enorm veel geld", bevestigt Johan Franceus. "We hebben onderzocht hoe we dat konden vermijden."

Een project in Oudenaarde leende zich daartoe. De bouwonderneming gebruikt daar geen drie stroomgeneratoren maar één, gecombineerd met een batterijeninstallatie. "De grote set batterijen kan de piek in de stroombehoefte van de torenkranen opvangen", legt Franceus uit. "We besparen elke week per uitgespaarde generator 1.300 liter stookolie. In Oudenaarde werkten we 46 weken. De besparing is dus gigantisch. De batterijen zijn ook duurzamer: per verbruikte liter besparen we 2.640 gram CO2. En ook de buurt is blij, want er is minder lawaai. We willen die aanpak breder uitrollen en koppelen aan het gebruik van zonnepanelen op de werf."

Mouterij Dingemans heeft zonnepanelen en investeerde in een warmte-krachtkoppeling. "Mout maken vergt veel proceswarmte. Hoe meer warmte we intern recupereren, hoe minder we extern moeten aankopen", zegt Karl Dingemans. De twee motoren wekken op jaarbasis 4.500 megawatt elektriciteit op, goed voor 90 procent van de behoefte. De restwarmte recupereert het bedrijf voor het droogproces. "Het is een rendabele investering die zich in vijf jaar terugverdient. Ik ben blij dat we dat hebben, want intussen is energie een factor geworden die een jaar goed of slecht maakt."

De vraag blijft hoe toekomstgericht die aanpak is, want de twee motoren werken op aardgas. "We kijken naar de overheid om te beslissen waarmee we in de toekomst het best werken. Het uitrollen van een waterstofnet of op grote schaal inzetten op warmtenetten, zijn de echte oplossingen, die een overheid kan of moet organiseren", zegt Dingemans.

Koen Bosmans van CEE wijst er nog op dat een overheid ook de lasten op groene elektriciteit kan verlagen en aardgasverbranding meer kan belasten. "Iedereen is het erover eens dat de vervuiler moet betalen, maar de politieke moed ontbreekt om het principe in deze situatie door te drijven."

50 procent bedraagt het aandeel van energie in de productiekosten van Mouterij Dingemans, tegenover 30 procent voordien.

De stijging van de energieprijs heeft een grote impact op kmo's, blijkt uit cijfers van CEE, een specialist in oplossingen voor energie-intensieve bedrijven om zuiniger en rendabeler te produceren. "In sommige productieprocessen is energie goed voor de helft van de productiekosten", duidt algemeen directeur Koen Bosmans. Hij wijst erop dat de meeste productiebedrijven meer warmte dan elektriciteit nodig hebben. Omdat ze die warmte vaak met aardgas opwekken, is de impact extra zwaar. Dat is het geval bij Ebema, een familiale fabrikant van betonproducten met vestigingen in Rijkevorsel en Zutendaal, die veel energie nodig heeft voor zijn hydraulisch aangedreven betonpersen. "Onze twee sites verbruiken op jaarbasis samen 6.000 megawatt", telt Johnny Hermans, hoofd aankoop en facilitaire voorzieningen. "We betalen 41 euro per megawattuur, een prijs die we eind 2020 hebben onderhandeld. De druk was toen al voelbaar, want ons tarief verdubbelde zowat. Hadden we de prijs niet vastgeklikt, dan betaalden we nu 248 euro. In de eerste kwartalen van 2022 wacht ons dus een waanzinnig hoge energierekening." Iets vergelijkbaars horen we bij de Gentse bouwonderneming Wyckaert. "Gemiddeld is energie in een bouwproject goed voor 0,35 procent van de kosten, maar door de prijsstijging is dat al 0,5 procent", vertelt algemeen directeur Johan Franceus. "Op een project van 10 miljoen euro is dat 150.000 euro extra. Bovendien kwam de stijging er heel snel. Dit jaar hadden we dertig werven, waarvan de helft met een variabel energiecontract. Onze energiekosten zijn in 2021 verdubbeld." Het idee om de energieprijs op een goed moment vast te klikken, brengt nauwelijks soelaas. Zelfs als een klein deel van de energiekosten variabel is, komen kmo's al in de problemen. "Sommige van onze kmo-klanten hebben 80 procent van hun energievolume vastgeklikt voor 2022, maar die variabele 20 procent veroorzaakt nog een exuberante stijging van de energiekosten", duidt Koen Bosmans. "Kmo's gaan er maar beter van uit dat de aardgasprijzen niet snel zullen dalen. Ze waren de voorbije drie jaar gewoon veel te laag." Het is bovendien niet vanzelfsprekend de prijsstijging door te rekenen aan de klant. "Dat hangt van project tot project af", zegt Franceus. "Drie kwart van de projecten die Wyckaert aanneemt, zijn privéopdrachten. We staan het sterkst in het segment waar je de prijsstijging het minst kunt doorrekenen." In Stabroek werkt Mouterij Dingemans voor een deel van zijn klanten met een prijsindexering, die de gestegen energiekosten deels doorrekent. Dingemans levert elk jaar 50.000 ton mout, vooral aan brouwers van trappist en speciaalbieren. "In onze productiekosten is het aandeel van energie gestegen van 30 naar 50 procent", zegt zaakvoerder Karl Dingemans. "We rekenden al de gerstprijs door. Onze klanten, die een energie-geïndexeerd contract hebben afgesloten, accepteren dat we dat ook doen voor de energieprijs. Dat werkt ook omgekeerd: als de prijzen zakken, volgen er kortingen." Indexeren is maar een deel van de oplossing, weet Dingemans. De kmo's zweren almaar meer bij verduurzaming. "Gelukkig hadden we die beweging al ingezet voor de energieprijzen stegen", zegt Hermans. "De besparing die onze ingrepen opleverden, kwam op het juiste moment. Dankzij de stap naar ledverlichting bijvoorbeeld besparen we in Zutendaal en Rijkevorsel samen 1.000 megawatt. Zonnepanelen zorgen voor nog eens een reductie van 700 tot 800 megawatt." Ebema, dat ook een duurzaam kantoorgebouw neerzette, koppelt daaraan kleinere besparingen. Het spoorde bijvoorbeeld lekken op bij het gebruik van perslucht en stelt elektromotoren beter af op de dure piekvraag naar energie. Slim omgaan met die piekvraag heeft ook bij Wyckaert ingang gevonden. "Die pieken kosten enorm veel geld", bevestigt Johan Franceus. "We hebben onderzocht hoe we dat konden vermijden." Een project in Oudenaarde leende zich daartoe. De bouwonderneming gebruikt daar geen drie stroomgeneratoren maar één, gecombineerd met een batterijeninstallatie. "De grote set batterijen kan de piek in de stroombehoefte van de torenkranen opvangen", legt Franceus uit. "We besparen elke week per uitgespaarde generator 1.300 liter stookolie. In Oudenaarde werkten we 46 weken. De besparing is dus gigantisch. De batterijen zijn ook duurzamer: per verbruikte liter besparen we 2.640 gram CO2. En ook de buurt is blij, want er is minder lawaai. We willen die aanpak breder uitrollen en koppelen aan het gebruik van zonnepanelen op de werf." Mouterij Dingemans heeft zonnepanelen en investeerde in een warmte-krachtkoppeling. "Mout maken vergt veel proceswarmte. Hoe meer warmte we intern recupereren, hoe minder we extern moeten aankopen", zegt Karl Dingemans. De twee motoren wekken op jaarbasis 4.500 megawatt elektriciteit op, goed voor 90 procent van de behoefte. De restwarmte recupereert het bedrijf voor het droogproces. "Het is een rendabele investering die zich in vijf jaar terugverdient. Ik ben blij dat we dat hebben, want intussen is energie een factor geworden die een jaar goed of slecht maakt." De vraag blijft hoe toekomstgericht die aanpak is, want de twee motoren werken op aardgas. "We kijken naar de overheid om te beslissen waarmee we in de toekomst het best werken. Het uitrollen van een waterstofnet of op grote schaal inzetten op warmtenetten, zijn de echte oplossingen, die een overheid kan of moet organiseren", zegt Dingemans. Koen Bosmans van CEE wijst er nog op dat een overheid ook de lasten op groene elektriciteit kan verlagen en aardgasverbranding meer kan belasten. "Iedereen is het erover eens dat de vervuiler moet betalen, maar de politieke moed ontbreekt om het principe in deze situatie door te drijven."