Uit verscheidene zogenaamde sentimentsindicatoren blijkt dat het economische klimaat in de eurozone aanhoudend verslechtert. Zo versombert het ondernemersklimaat in heel Europa, en nam in december 2018 ook het consumentenvertrouwen in de eurozone af. In de verwerkende industrie werd zelfs voor de zesde maand op rij een terguval genoteerd.

Volgens KBC lijkt door die negatieve evolutie een groeivertraging in bepaalde landen, zoals Frankrijk en Italië, onafwendbaar. Als gevolg van de verwachte groeivertraging bij onze belangrijkste handelspartners stelt KBC de groeiprognoses voor de Belgische economie neerwaarts bij, tot respectievelijk 1,2 procent in 2019 en 1,1 procent in 2020. Dat is 0,2 procentpunt minder dan bij een vorige prognose van december 2018.

De economen van KBC merken op dat hun prognoses somberder zijn dan die van de Nationale Bank van België (NBB) van halfweg december. De NBB mikte vorige maand op een toename van het Belgische bbp met 1,4 procent in 2019 en 1,2 procent in 2020.

De afkoeling van de Belgische economie is volgens het KBC-rapport in de eerste plaats te wijten aan het verslechterende internationale conjunctuurklimaat, wat onder meer weegt op de uitvoer. KBC verwijst in dat verband naar de onzekerheid over de Amerikaans-Chinese handelsoorlog, waarvan een escalatie mogelijk naar Europa leidt. Nog meer onzekerheid komt er door het uitblijven van een akkoord tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie over een ordentelijke brexit-deal. Bovendien krijgen leidende politici binnen de eurozone af te rekenen met sociale onrust door onder meer het protest van de 'gele hesjes' in Frankrijk, dat zich ook buiten de Franse grenzen lijkt te verspreiden.

Maar het KBC-rapport brengt ook goed nieuws, want de economen van de bank verwachten dat het reëel beschikbaar inkomen van de Belgische gezinnen dit jaar met 2,2 procent 'vrij stevig' zal stijgen. De verwachte stijging van de koopkracht is een gevolg van de ook dit jaar blijvende groei van de werkgelegenheid en een versnellende stijging van de lonen, als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt. Ook de taxshift zorgt voor meer inkomen, net als een lagere inflatie als gevolg van dalende energieprijzen.