'Werkbaar werk'. Het thema staat al een tijdje bovenaan op het todolijstje van federaal minister van Werk Kris Peeters (CD&V). De voorbije maanden onderhandelde hij al enkele keren samen met de werkgevers en de vakbonden over maatregelen om in bedrijven voor meer 'werkbaar werk' of - zoals de werkgevers het uitdrukken - 'wendbaar werk' te zorgen. De hervormingen moeten de werknemers ertoe aanzetten langer aan de slag te blijven. In de Nationale Arbeidsraad (NAR) bespreken de sociale partners momenteel een aantal voorstellen, zoals glijdende werkuren en soepelere regels voor deeltijdse arbeid.
...

'Werkbaar werk'. Het thema staat al een tijdje bovenaan op het todolijstje van federaal minister van Werk Kris Peeters (CD&V). De voorbije maanden onderhandelde hij al enkele keren samen met de werkgevers en de vakbonden over maatregelen om in bedrijven voor meer 'werkbaar werk' of - zoals de werkgevers het uitdrukken - 'wendbaar werk' te zorgen. De hervormingen moeten de werknemers ertoe aanzetten langer aan de slag te blijven. In de Nationale Arbeidsraad (NAR) bespreken de sociale partners momenteel een aantal voorstellen, zoals glijdende werkuren en soepelere regels voor deeltijdse arbeid.Maar Kris Peeters ziet het veel breder: hij heeft tien werven vastgelegd om de arbeidsmarkt te moderniseren. De voorstellen zijn niet te nemen of te laten, ze moeten door de sociale partners worden besproken. En zoals dat in België gaat: als er geen akkoord is, neemt de regering de eindbeslissing.De tien werven zijn zeer uiteenlopend. Het eerste voorstel is de invoering van het tijdsparen, dat werknemers moet toelaten verlofdagen op te sparen. Die kunnen ze later in hun loopbaan opnemen of omzetten in geld. Een tweede maatregel: het systeem van het plus-minusconto, zoals Audi Vorst nu al doet, uitbreiden naar andere sectoren. Dat zijn glijdende werkuren, waardoor werknemers op piekmomenten een dag extra op zaterdag kunnen werken, en in kalme periodes een vrije dag kunnen opnemen. Kris Peeters wil ook het telewerken in wettelijke regels gieten (14,4% van de werknemers werkt nu al geregeld thuis), de werkgevers de kans geven een variabel mobiliteitsbudget aan te bieden aan werknemers (niet iedereen wil een bedrijfswagen) en het stelsel van de overuren versoepelen. De zesde werf is de vereenvoudiging van het stelsel van de thematische verloven, zoals het ouderschapsverlof, het verlof voor de verzorging van een zwaar ziek familielid en het palliatief verlof. Peeters wil ook dat ontslagvergoedingen voor een belangrijk deel worden gebruikt om werknemers een nieuwe baan te helpen zoeken. Nog andere werven zijn de invoering van een apart statuut voor freelancers en mogelijk voor andere kennisberoepen waar nu al niet meer wordt gewerkt met vaste uurroosters. Ten slotte wil Peeters onderzoeken of het mogelijk is uitzendkrachten met contracten van onbepaalde duur aan te werven.Jan Denys, de arbeidsmarktspecialist van Randstad, staat positief tegenover de voorstellen van de minister van Werk: "Het beste wat Peeters tot nu heeft gedaan. Sectoren en bedrijven kunnen daarmee experimenteren buiten het stringente kader van de arbeidswet. De rigide arbeidswet zal tussen haakjes kunnen worden gezet. Ondernemingen kunnen zich niet meer verschuilen achter het argument dat banencreatie moeilijk is omdat de arbeidsmarkt te rigide is."Denys plaatst wel enkele kanttekeningen bij de voorstellen. Zo is hij niet gewonnen voor een nieuw apart statuut voor freelancers en kenniswerkers, tussen dat van werknemers en zelfstandigen in. "Er zijn al veel mensen die niet volgens een vast uurrooster werken en die worden beoordeeld op basis van een prestatie en niet op basis van het aantal gepresteerde uren. Ze zijn werknemers, maar ook zelfstandigen. Waarom een derde statuut? Dat maakt de zaken nodeloos ingewikkeld.""Ik vraag me natuurlijk ook af in welke mate de voorstellen door alle sociale partners zullen worden aanvaard. Werkbaar werk gaat over werk, maar van de kant van de vakbonden heb ik vooral de indruk dat het voor hen minder werk betekent."