Romelu Lukaku: 48ste, marktwaarde: 68,8 miljoen euro. Thibaut Courtois: 61ste, marktwaarde: 62,4 miljoen euro. Kevin De Bruyne: 73ste, marktwaarde: 58 miljoen euro. Toen het Zwitserse onderzoeksbureau CIES deze zomer zijn ranking van de hoogst gewaardeerde voetballers opmaakte, bleef het aantal Belgen in de top honderd beperkt tot drie. En de tijd is voorbij dat de Hazards en de Lukaku's een vaste stek hadden in de top tien. Is het een teken aan de wand dat het tijdperk van de gouden generatie van de Rode Duivels, die binnenkort op de Wereldbeker in Qatar aantreedt, stilaan ten einde loopt? De Belgen gaan ook achteruit in de data van de internationale website Transfermarkt.be. Die raamt de totale waarde van de Belgische nationale ploeg dit jaar op 558,7 miljoen euro. Dat is een stuk minder dan de 964 miljoen euro in 2018, net nadat de Rode Duivels hun beste prestatie op een internationaal toernooi hadden behaald: de derde stek op de Wereldbeker in Rusland.
...

Romelu Lukaku: 48ste, marktwaarde: 68,8 miljoen euro. Thibaut Courtois: 61ste, marktwaarde: 62,4 miljoen euro. Kevin De Bruyne: 73ste, marktwaarde: 58 miljoen euro. Toen het Zwitserse onderzoeksbureau CIES deze zomer zijn ranking van de hoogst gewaardeerde voetballers opmaakte, bleef het aantal Belgen in de top honderd beperkt tot drie. En de tijd is voorbij dat de Hazards en de Lukaku's een vaste stek hadden in de top tien. Is het een teken aan de wand dat het tijdperk van de gouden generatie van de Rode Duivels, die binnenkort op de Wereldbeker in Qatar aantreedt, stilaan ten einde loopt? De Belgen gaan ook achteruit in de data van de internationale website Transfermarkt.be. Die raamt de totale waarde van de Belgische nationale ploeg dit jaar op 558,7 miljoen euro. Dat is een stuk minder dan de 964 miljoen euro in 2018, net nadat de Rode Duivels hun beste prestatie op een internationaal toernooi hadden behaald: de derde stek op de Wereldbeker in Rusland. Toch ligt de marktwaarde van de nationale ploeg nog altijd hoog. Ten tijde van de Wereldbeker in 2014, het eerste grote toernooi van deze Rode Duivels, was de ploeg volgens Transfermarkt.be nog 436 miljoen euro waard. Er bestaat wat discussie over de relevantie van zulke waarderingswebsites, maar toch zijn ze volgens experts een interessante indicator. Hun cijfers weerspiegelen niet de exacte marktwaarde van een speler, maar tonen wel hoe het soortelijk gewicht van een speler en een ploeg evolueren (zie kader onderaanRelevant of nattevingerwerk?). Toppers als Kevin De Bruyne, Romelu Lukaku en Eden Hazard haalden vier jaar geleden hun hoogste marktwaarde. Sommigen zijn opvallend in waarde gedaald. De Bruyne zit met 80 miljoen euro, tegenover 150 miljoen euro in 2018, nog altijd op een hoog niveau. Maar de marktwaarde van Eden Hazard maakte in die periode een duikvlucht van 150 naar 12 miljoen euro - niet verwonderlijk voor een speler die bij Real Madrid al een hele tijd op de bank zit. Ook andere oudgedienden als Jan Vertonghen (van 30 naar 1,8 miljoen), Toby Alderweireld (van 40 naar 4 miljoen) en Dries Mertens (van 30 naar 3,4 miljoen) gingen erop achteruit. Dat is een verschil met het jonge talent Leandro Trossard, die zijn marktwaarde zag stijgen van 14 naar 30 miljoen euro. Lees verder onder de tabel"Het klopt dat we met de Rode Duivels aan het einde van een tijdperk zijn beland, maar er spelen ook andere factoren", zegt Thomas Peeters, sporteconoom aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam. "Die daling van de marktwaarde is deels te verklaren door de leeftijd. Het elftal wordt ouder. Anderzijds hangt ze samen met de prestaties van de club. Zijn die minder goed, dan daalt je marktwaarde. En spelers die van de Engelse Premier League naar de Belgische competitie verkassen, zien hun waarde ook achteruitgaan. Maar het brede plaatje blijft toch dat deze generatie heel sterk gepresteerd heeft en daar financieel de vruchten van oogst." Kevin De Bruyne verdient 24 miljoen euro per jaar, Romelu Lukaku 12 miljoen euro. Het vermogen van de gestopte Vincent Kompany schommelt rond 45 miljoen euro. "Vincent Kompany was de eerste Rode Duivel die met voetbal echt veel geld heeft verdiend. De return on investment van deze generatie is hoog", weet Stijn Francis, een ex-voetballer en voetbalmakelaar van Stirr Associates. "Het is de eerste Belgische generatie die in clubverband echt iets heeft bereikt. De lonen zijn bovendien hoger dan een paar generaties geleden. Nu moet een doorsneespeler genoeg kunnen verdienen om gerust te zijn voor de rest van zijn leven." Francis verwijst vooral naar de prestaties van de Belgische toppers in landencompetities en de Champions League, maar niet naar toernooien met de nationale ploeg. Maar zou hun marktwaarde niet nóg een stuk hoger hebben gelegen als de Rode Duivels wereldkampioen waren geworden? Francis: "Dat maakt voor de toppers niets uit. Maar als je nog in België speelt en echt goed presteert, kan zo'n toernooi je waarde wel een boost geven." "Een selectie voor de nationale ploeg trekt de marktwaarde van spelers uit de tweede lijn op", bevestigt Trudo Dejonghe, sporteconoom aan de KU Leuven. "Als je in de Belgische competitie speelt, kun je door een opvallende prestatie een internationale transfer versieren. Denk maar aan Thomas Meunier die nog tijdens het Europees kampioenschap van 2016 kon onderhandelen over een transfer van Brugge naar PSG. Ex-Rode Duivels die van de radar waren verdwenen, zijn naar België teruggekeerd om via de nationale ploeg een nieuwe transfer te versieren. Mislukt dat, dan daalt hun marktwaarde. Dat dreigt te gebeuren met Dedryck Boyata, die deze zomer overstapte van het Duitse Hertha BSC naar Club Brugge, maar daar geen potten heeft gebroken en de selectie voor de Wereldbeker heeft gemist." De regel dat een jonge speler een sterke prestatie op een Europees kampioenschap of Wereldbeker gebruikt als een springplank naar een internationale transfer, gaat minder op dan in het verleden, zegt Peeters: "Er is veel meer doorgedreven scouting, ook in onze competitie. Dat komt deels door de Rode Duivels, maar ook omdat we in ons voetbal geen minimumloon voor buitenlandse spelers hebben. Dat maakt het interessant om onze clubs over te nemen en ze te gebruiken als opleidingsvehikel." Veel profs van de gouden generatie zijn al tijdens hun carrière begonnen een deel van hun vermogen te investeren, vaak in niet-sportieve activiteiten. Dennis Praet startte met enkele vrienden de kledinglijn DYJCode. Thibaut Courtois investeerde in de onlineapotheek Viata, maar heeft zijn aandeel ondertussen verkocht. Vincent Kompany stapte tijdens zijn carrière in Manchester in Elite Limousines, dat luxewagens verhuurt. Van Kevin De Bruyne is bekend dat hij een bejaardenhuis heeft gekocht. In 2014 lanceerde hij met KDB een eigen kledinglijn. "Als je zoals De Bruyne tijdens je loopbaan wellicht 100 miljoen euro hebt verdiend, kun je dat moeilijk op een spaarrekening zetten", zegt Thomas Peeters. Toch zagen verscheidene voetballers hun investeringen mislukken. Axel Witsel was in het verleden mede-eigenaar van LindSky Aviation, een luchtvaartbedrijf in Deurne, dat failliet ging. Nacer Chadli scheurde in 2016 zijn broek aan de kledingzaak Shaza, die ook op de fles ging. "Je zou verbaasd zijn hoe onprofessioneel sommige voetballers met hun vermogen bezig zijn", weet Stijn Francis. "Ze beseffen dat ze moeten investeren, maar daar zit nauwelijks een plan achter. Dat hoeft niet te verbazen. De mensen in hun entourage, zoals makelaars, verdienen daar niets aan. Ik weet dat het cool is geworden met private equity bezig te zijn, maar weten ze wel dat je dan ook rekening moet houden met investeringen die mislukken? In de Premier League raken drie op de vijf spelers in financiële problemen na vijf jaar." De Koninklijke Belgische Voetbalbond is een soms vergeten financiële winnaar van de gouden generatie, met dank aan de combinatie van het gestegen prijzengeld en de sterke prestaties. In 2018 bedroeg de totale prijzenpot op de Wereldbeker in Rusland 344 miljoen euro. Dat was toen al zo'n 12 procent meer dan bij de Wereldbeker in Brazilië in 2014. Toen lag 35 miljoen te wachten op de winnaar, in 2018 in Rusland 38 miljoen. België mocht met 24 miljoen euro naar huis. De Belgische voetbalbond kon dat jaar dan ook 8 miljoen euro nettowinst voorleggen. In 2021 heeft hij, ondanks de zware verliezen door de coronapandemie, toch nog een winst van 2,9 miljoen euro geboekt, met dank aan de inkomsten uit het Europees kampioenschap, al eindigde dat voor de Rode Duivels in de kwartfinale. Dankzij de gouden generatie trok de voetbalbond ook makkelijk sponsors aan. Jupiler, Proximus, ING, Coca-Cola en Carrefour zijn vaste waarden. Over de precieze sponsorinkomsten is weinig bekend, maar ze zouden vlot 7 miljoen euro overschrijden. "Steven Martens (die secretaris-generaal was tussen 2011 en 2015, nvdr) was de eerste die gezien heeft dat er met die gouden generatie veel geld te verdienen viel", zegt Stijn Francis. "Al heeft de bond iets te laat ingezien hoe dat een goudmijn kon zijn. Een aantal sponsorcontracten was aanvankelijk niet op niveau, maar die zijn ondertussen wel aangepast." Daarnaast werden de middelen onder meer gebruikt om in Tubeke een nieuw hoofdkwartier te bouwen en de organisatie te professionaliseren. Stijn Francis: "Tien à vijftien jaar geleden was de voetbalbond een ministerie of een soort beschermde werkplaats. Het is vandaag nog altijd niet dé scherpe organisatie, maar er zijn wel nieuwe mensen aangetrokken en de business draait. Dat is te danken aan de nationale ploeg." Trudo Dejonghe is kritischer: "De voetbalbond heeft veel verdiend aan de Rode Duivels, niet alleen door de prestaties op de toernooien, maar ook dankzij de lange periode dat ze in de FIFA-ranking op het nummer één stonden. Dan willen veel teams vriendschappelijk tegen je spelen, en dat brengt ook geld in het laatje. De merchandising rond het merk met Red Devils is al jaren een succes. Het enige jammere is dat te veel van dat extra geld naar het nieuwe hoofdkwartier in Tubeke en het loon van de bondscoach is gegaan. Of te veel naar zaken zoals extra beenruimte in de vliegtuigen van de nationale ploeg. Dan zou ik toch eerder investeren in grassrootsprojecten, zoals de opleiding van jeugdtrainers."