Jost Group en enkele van zijn Roemeense en Slovaakse dochterondernemingen staan sinds 2015 centraal in een onderzoek naar sociale dumping en mensenhandel. In het kader van dit nog lopende onderzoek had een onderzoeksrechter opdracht gegeven tot de inbeslagname van alle 346 vrachtwagens van een dochteronderneming van de groep die gebaseerd is op de site in Herstal. Het federaal parket wilde overgaan tot de inbeslagname, maar het transportbedrijf diende een eenzijdig verzoekschrift in en verkreeg in januari opschorting van de procedure. De kamer van inbeschuldigingstelling van Luik zette vorige week maandag uiteindelijk het licht op groen voor de inbeslagnames. Een woordvoerster van Jost Group bevestigt dat de federale gerechtelijk politie maandagavond ter plekke is op de site van Jost Group in Herstal, in de provincie Luik. De federale gerechtelijke politie nam er 17 vrachtwagens in beslag, klinkt het. De overige trucks waren niet aanwezig op de site in Herstal. De woordvoerster benadrukt ook dat het aantal van 346 trucks gebaseerd op de situatie in 2017 en dat het dochterbedrijf intussen nog maar 240 vrachtwagens telt. In een mededeling reageert het bedrijf "met verstomming" op de onmiddellijke inbeslagname van de vrachtwagens. "We zijn verbijsterd over die beslissing, want de kamer van inbeschuldigingstelling besliste in zijn arrest op 25 maart 2019 dat de modaliteiten van de inbeslagname bepaald moesten worden door de onderzoekrechter", zegt directeur Christophe Ravignat. Volgens hem was een bijeenkomst met de onderzoeksrechter "in de zeer nabije toekomst" gepland. Jost Group benadrukt tot slot dat het de beschuldigingen nog steeds ontkent. (Belga)