Ik beken. Als ontspanning na alweer een bewogen dag op de financiële markten was een van mijn stiekeme geneugtes te kijken naar het onvolprezen televisieprogramma The Sky is the Limit, dat welgestelde ondernemers in hun dagelijkse routine volgt. Onder hen Willy Naessens. Wie, zoals ik, Willy Naessens voor het eerst of van ver aanschouwt, ziet een flamboyante figuur die ginnegappend door het leven stapt, waarbij hij iedereen, zonder onderscheid van rang of stand, aanklampt met een bon mot in een mengtaal tussen het Nederlands en het Algemeen Elsegems. Kortom, hij is sympathiek, maar niet iemand die je al te ernstig moet nemen. Hoe verkeerd kon ik zijn.

Naarmate het programma vorderde en ik Willy Naessens meer in actie zag, ging mijn snobistische vooringenomenheid over in respect, en daarna in bewondering. Hij is ongetwijfeld de beste verkoper die ik ooit aan het werk zag, omdat hij de gave heeft report te maken met mensen: een spontane connectie die ontstaat bij het eerste contact, ingeleid door het ontwapenende en authentieke karakter van zijn persoonlijkheid. Hij is ook een groot ondernemer, die de schoolbanken verliet op zijn veertiende om daarna met vallen en opstaan, en branie, een imposant bedrijf uit te bouwen. Hij is ten slotte ook een groot manager, die oprecht begaan is met het welzijn van zijn medewerkers, en eigenlijk met het welzijn van iedereen. Een van zijn motto's is: ik heb het goed, dus iedereen mag het goed hebben. Prachtig in zijn eenvoud, een uitspraak een volksfilosoof waardig.

Wellicht zonder dat hij ooit een managementboek ter hand heeft genomen, heeft hij zijn tien geboden van het succesvolle ondernemen neergeschreven. Samengevat zijn dat: gezond, gelukkig, gemotiveerd, ambitieus en opportunistisch zijn; hard werken; je omringen met goede mensen en hen goed betalen; delegeren maar ook controleren; de concurrentie in de gaten houden; de klanten verzorgen; het bedrijfsimago koesteren en rustig groeien. Meer moet dat niet zijn. Nul pretentie. Duidelijk. Klaar.

Geef Willy Naessens een sigaar.

De ode aan Willy Naessens is een ode aan de familiale ondernemingen. Een familiale bedrijfscultuur is een sterk tegengif voor slechte praktijken zoals kortetermijndenken, politieke spelletjes, verspilzucht en een management met een gebrek aan authenticiteit. Familiale aandeelhouders investeren niet alleen voor zichzelf, ze investeren ook voor de volgende generatie. Ze houden de kosten onder controle, wat zich bijvoorbeeld uit in sobere kantoren. Hun sterke kostenbewustzijn en hun relatief lage schuldratio's maken hen solide en vermijden dat ze waardevolle mensen moeten ontslaan tijdens recessies. Ze doen vrij weinig overnames en vallen zo niet ten prooi aan de ijzeren wet dat 70 procent van alle fusies en overnames waarde vernietigt. Ze vereenzelvigen zich met hun bedrijf en vertalen de ambitie die daaruit voortvloeit in een sterke internationalisering. Ze hoeven niet naar allerhande complexe financiële incentives te grijpen om trouw af te kopen. Door hun sterke authentieke bedrijfscultuur is hun personeelsverloop laag.

Dat leidt allemaal tot een hogere bedrijfskwaliteit. Hun sterke winstmarges en hun hoge investeringsefficiëntie maken een sterke groei mogelijk. Wel loopt het wel eens fout als ondernemingen met een sterk familiaal aandeelhouderschap extern management binnenhalen dat de finesses van de familiale bedrijfscultuur, en de specifieke bedrijfsvoering die daarbij hoort, niet begrijpt.

Op de beurs doen valuebedrijven het over lange periodes beter dan de meer kwalitatieve groeiondernemingen. Maar dat gaat niet op voor familiale groeiondernemingen. Uit onderzoek van het Credit Suisse Research Institute blijkt dat zowel kleine als grote ondernemingen met een sterk familiaal aandeelhouderschap het uitstekend doen op de beurs. In de periode 2006-2018 presteerden familiale ondernemingen wereldwijd per jaar meer dan 3 procent beter dan de beurs, en dat in elke sector. De kleine familiale ondernemingen deden het zelfs meer dan 7 procent per jaar beter dan de beurs. Doe uzelf dus een plezier en beleg in kleine familiale ondernemingen voor de lange termijn. En Willy Naessens? Geef die man een sigaar.