Midden 2014 voerde de EU een reeks sancties in tegen Russische bedrijven omwille van de acties van Rusland in Oekraïne. Het ging dan onder meer om beperkingen op financiële transacties en de export van bepaalde goederen en technologieën. Een van de getroffen bedrijven was het Russische gas- en olieconcern Rosneft.

Dat bedrijf stapte in Groot-Brittannië naar de rechter tegen de Europese strafmaatregelen en de Britse rechter schoof de kwestie door naar het Europees Hof van Justitie. Dat Hof oordeelt nu dat de sancties wel degelijk rechtmatig genomen zijn. Zo noemt het Hof de maatregelen bijvoorbeeld "niet disproportioneel". Het Hof oordeelt ook dat het bevoegd is om te oordelen over het buitenlandse en veiligheidsbeleid van de EU.