Bij de crash op 10 maart kwamen 157 mensen om het leven. Het opstijgen kende een normaal verloop, maar nadien werd de neus van het vliegtuig herhaaldelijk naar beneden geduwd, ongevraagd, zo verklaarde de Ethiopische minister van Transport Dagmawit Moges tijdens een persconferentie. De piloten volgden de procedures, maar slaagden er niet in om het toestel weer onder controle te krijgen. De bemanning had ook de nodige licenties en kwalificaties om de vlucht uit te voeren.

In het rapport wordt de Amerikaanse vliegtuigbouwer Boeing aangeraden om het besturingssysteem van het vliegtuigtype te herbekijken, al benadrukken de onderzoekers dat er niet per se een structureel probleem is met het vliegtuigtype. De zogenoemde MCAS-software, die mogelijk aan de basis ligt van de commando's waardoor de neus van het vliegtuig omlaag werd geduwd, wordt niet bij naam genoemd. Al maakt die uiteraard deel uit van het besturingssysteem.

De eerste bevindingen zijn gebaseerd op de gegevens die werden geregistreerd door de zwarte dozen van het vliegtuig van Ethiopian Airlines. Die registreren zowel de vluchtgegevens als de cockpitgesprekken. De data van de zwarte dozen werden in Frankrijk uitgelezen.

Het volledige rapport zou binnen een jaar klaar moeten zijn. De Ethiopische regering verklaarde eerder al dat de vliegtuigcrash gelijkenissen vertoont met de crash van eenzelfde toesteltype in Indonesië in oktober vorig jaar. Daarbij vielen 189 doden. Mogelijk speelde in beide gevallen de voor de 737 MAX ontwikkelde besturingssoftware MCAS een rol. Sinds kort na de tweede vliegtuigcrash worden alle Boeings 737 MAX wereldwijd aan de grond gehouden.