"Zelfs nadat de energie- en pandemiefactoren zijn verdwenen uit de inflatiedynamiek, zal de loongroei de komende jaren de belangrijkste drijvende kracht achter de prijsstijgingen zijn", zo schreef Lane in een blog op de website van de ECB. Nu de inflatie in de regio dit najaar de grens van 10 procent heeft overschreden, vreest de ECB dat een loon-prijsspiraal haar scenario van een geleidelijke terugkeer van de inflatie naar haar doelstelling van 2 procent zou kunnen doen ontsporen. Dat gebeurt momenteel echter niet, aangezien de laatste loononderhandelingen in het algemeen hebben geleid tot een gemiddelde loonstijging van 3,8 procent voor 2022 en 3,5 procent voor 2023, zo merkt Lane op. In Duitsland kregen bijna 4 miljoen werknemers in de industriële sector, in de elektronica en de metaalbewerking, vrijdag een loonsverhoging van 8,5 procent over twee jaar. "Hoewel deze stijgingen als hoger dan normaal worden beschouwd, weerspiegelen zij grotendeels het inhaalproces na de daling van de reële lonen sinds medio 2021, toen de energie- en grondstoffenprijzen de algemene inflatie opdreven en de koopkracht aantastten." (Belga)

"Zelfs nadat de energie- en pandemiefactoren zijn verdwenen uit de inflatiedynamiek, zal de loongroei de komende jaren de belangrijkste drijvende kracht achter de prijsstijgingen zijn", zo schreef Lane in een blog op de website van de ECB. Nu de inflatie in de regio dit najaar de grens van 10 procent heeft overschreden, vreest de ECB dat een loon-prijsspiraal haar scenario van een geleidelijke terugkeer van de inflatie naar haar doelstelling van 2 procent zou kunnen doen ontsporen. Dat gebeurt momenteel echter niet, aangezien de laatste loononderhandelingen in het algemeen hebben geleid tot een gemiddelde loonstijging van 3,8 procent voor 2022 en 3,5 procent voor 2023, zo merkt Lane op. In Duitsland kregen bijna 4 miljoen werknemers in de industriële sector, in de elektronica en de metaalbewerking, vrijdag een loonsverhoging van 8,5 procent over twee jaar. "Hoewel deze stijgingen als hoger dan normaal worden beschouwd, weerspiegelen zij grotendeels het inhaalproces na de daling van de reële lonen sinds medio 2021, toen de energie- en grondstoffenprijzen de algemene inflatie opdreven en de koopkracht aantastten." (Belga)