In de gebouwen van Henkel aan de Nijverheidsstraat in Westerlo ontvouwt Stijn Gillissen een luier voor volwassenen. "Weet u dat in zo'n luier gemiddeld 1,5 tot 3 gram van onze kleefstoffen zit? Die kleven alle dunne laagjes van een luier aan elkaar".
...

In de gebouwen van Henkel aan de Nijverheidsstraat in Westerlo ontvouwt Stijn Gillissen een luier voor volwassenen. "Weet u dat in zo'n luier gemiddeld 1,5 tot 3 gram van onze kleefstoffen zit? Die kleven alle dunne laagjes van een luier aan elkaar". Maar Stijn Gillissen, de verantwoordelijke voor toepassingen in de geneeskunde, wil vooral iets anders tonen. "Wij werken mee aan de ontwikkeling van een systeem met slimme sensoren in de luier. Die geven aan wanneer je de luier moet wisselen, vooraleer hij gaat lekken. Die gegevens kunnen ook naar het centrale managementsysteem van een ziekenhuis gestuurd worden. Er is veel interesse voor dat nieuwe product, zeker voor volwassenenincontinentie. Standaard worden zulke luiers om de twee tot vier uur ververst. Als je die cyclus slim kunt beheren, zal het aantal gebruikte luiers verminderen." Gilissen kan nog meer innovaties tonen. Elektrodes die het hartritme meten, of glucosetesten voor mensen met suikerziekte. Heel dunne folies, die camera's in de wagen warm houden. Stoelverwarming voor in de wagen, via minuscule, plooibare elektrische geleiders. Een autodashboard waarvan de knopjes zijn vervangen door een aanraakscherm. "Een auto heeft gemiddeld meer dan honderd aan- en uitknoppen. Daar willen de autoproducenten vanaf. Ze willen steeds lichtere wagens, met minder mechanica en meer elektronica." Achter een ietwat kleurloze gevel van een bedrijfspand in Westerlo zit een wereld van spitstechnologie. Dit is het West-Europese knooppunt van het Duitse beursgenoteerde conglomeraat (zie kader Kleven, wassen en verzorgen) voor alles wat met kleefstoffen in elektronica te maken heeft. 'Kleefstoffen' is de belangrijkste divisie van Henkel. Het is een verzamelnaam voor heel diverse toepassingen. De Duitse onderneming is de wereldmarktleider in die sector. Het maakt zowel Pritt voor de consumentenmarkt, als bijzonder sterke hechtingen voor industriële toepassingen onder de merknaam Loctite. Die laatste vind je overal: in voedingsverpakkingen, maar ook in auto's en vliegtuigen. In België worden die lijmen in twee fabrieken gemaakt: in Drogenbos en Westerlo. Drogenbos maakt de grote volumes, Westerlo is een specialist in lijmen voor elektronische componenten. "Onze lijmen kleven alle componenten op de printplaat van een laptop of van een slimme telefoon", zegt Geert Luyckx, hoofd van de afdeling elektronica in België. "Vaak gaat het om componentjes die je nauwelijks met het blote oog kunt zien. Onze lijmen vormen bij het injecteren druppeltjes dunner dan een haar. Ze hebben een tweede belangrijke eigenschap: ze voeren de warmte af die de processors, en de daarmee verbonden printplaten en batterijen, opwekken. Elektronica wordt steeds kleiner, maar genereert ook almaar meer warmte. Bovendien schermen we de printplaat af met een deklaag, zodat er geen vocht of chemicaliën bij kunnen. In een smartphone zijn 10 tot 25 onderdelen gelijmd met onze producten. In een auto zit 15 tot 20 kilo Henkel-materiaal. Ook in vliegtuigen zitten onderdelen vast dankzij onze lijmen. Er wordt in de assemblage almaar minder geschroefd. Dat heeft alles te maken met het continue streven naar minder gewicht." Van de 110 werknemers in Westerlo doen er 35 onderzoek. Het zijn vooral mensen met een chemische opleiding, van wie een groot deel doctors in de scheikunde. Samen met de klant ontwikkelen zij lijmen op maat van volledig geautomatiseerde productieprocedés. "We maken 400 soorten lijm", vertelt Geert Luyckx. "Dat kan gaan tot kleine spuitjes met 5 gram materiaal. De groeimarkt in de autosector is alles wat met elektrische wagens te maken heeft. Dat zijn niet enkel de batterijen, maar ook de toestellen die de wisselstroom omzetten in gelijkstroom. Ook daar moet heel veel warmte worden afgevoerd. In één batterij kan tot 10 kilo Henkel-materiaal zitten voor de afvoer van warmte." Het productieprocedé in Westerlo heeft iets van een bakkerij. Vaak zeer hooggeschoolde werknemers roeren in potjes pasta. "Het is zoals een bakker die deeg maakt", zegt Geert Luyckx. Later wordt dat 'deeg' gemixt tot lijm, in centrifuges van 1 tot 800 liter - elke order is maatwerk. Het lijkt een bijzonder ambachtelijk procedé, terwijl in de laboratoria ultramoderne meetapparatuur van miljoenen euro's wordt gebruikt. "De voorbije jaren is heel veel geïnvesteerd in Westerlo, zowel in mensen als in laboratoria. We hebben een van de modernste laboratoria in het land. Daarom ook kunnen we relatief gemakkelijk nieuwe mensen vinden", vertelt Geert Luyckx tevreden. "Drie universiteiten liggen vlakbij: Antwerpen, Hasselt en Leuven. En er is de technische hogeschool in Geel. Wij werken rond elektronica, wat staat voor innovatie. We ontwikkelen dingen samen met klanten. Onze mensen zitten niet van 8 tot 5 in een laboratorium, maar onderhandelen rechtstreeks met de klanten. En dat in een internationale omgeving." Want slechts enkele procenten van de productie blijft in eigen land. Ook voor het Belgische hoofdkantoor in Brussel, met zijn 230 werknemers, vindt Henkel gemakkelijk mensen. Naast het kantoor op de zevende verdieping aan de Heizel flonkeren de bollen van het Atomium in de herfstzon. In het hoofdkantoor voeren cosmetica en waspoeders de boventoon. Want Henkel is een merkwaardig conglomeraat. Alles startte in 1876, toen Fritz Henkel waspoeder lanceerde. Wasproducten en schoonmaakmiddelen blijven vandaag goed voor een derde van de groepsomzet. De kaskraker blijft Persil, dat vorig jaar zijn 110-jarig bestaan vierde en ruim 1 miljard euro omzet haalt. Later volgden cosmetica en persoonlijke hygiëne, met als bekendste merk Schwarzkopf voor haarverzorging. Die afdeling maakt bijna een vijfde van de groepsomzet. Het laatste, en in omzet belangrijkste segment (47%), zijn de kleefstoffen. "Wij hebben merken met een lange historiek en leidende posities. We zitten altijd in de top drie in de consumentenmarkt, en in een aantal categorieën zijn we de marktleider", meldt Ivan De Jonghe, het hoofd van Henkel Benelux. België is weliswaar een volwassen markt, zoals heel West-Europa, met als uitdagingen de huismerken en de promotiedruk bij de winkelketens. "Het marktaandeel van de huismerken in onze categorieën blijft beperkt. De promotiedruk is er wel. Daar spelen we op in met innovaties. 30 tot 40 procent van onze omzet bestaat uit producten die maximaal drie jaar oud zijn." Die innovaties mikken niet enkel op jongeren. De vergrijzing vormt een groeimarkt voor Henkel. Op het gelijkvloers van het hoofdkantoor krijgen kappers opleidingen. Op catwalks wordt de wondere werking van de haarverzorgingsproducten geshowd. "We hebben een haarkleuring specifiek voor grijs haar, 'Keratine Silver perfect'. Die zorgt voor een natuurlijke grijze kleur", zegt Ivan De Jonghe, die zelf al zijn eerste grijze haren heeft. "De vergrijzing is voor ons een kans. Je hebt een heel grote groep senioren. Die blijven fit, willen er gezond en mooi uitzien, en hebben heel wat koopkracht. Ze reizen veel, zijn digitaal verbonden. Dat is een groeimarkt."