De wet-Volstead voerde in Verenigde Staten in 1920 de Drooglegging in, een verbod op alcohol dat bijna veertien jaar standhield. Een eeuw later wordt ze als een soort bewijs gezien dat het geen goed idee is drinken te verbieden op een moment dat het al populair is. De Drooglegging bevorderde de opkomst van de georganiseerde misdaad. Maffiabendes verdienden fortuinen met smokkel. Volgens een schatting waren er tijdens de Drooglegging minstens 20.000 illegale bars in New York.

Toch zijn er nog plaatsen in de wereld waar alcohol verboden is, en niet alleen in islamitische landen. In Amerika is dat het geval in bijna 500 overwegend protestantse county's. Op de meeste andere plaatsen proberen de overheden alleen drinken te ontmoedigen door belastingen te heffen en de reclame te beperken. Die maatregelen werken. Maar het drinken is vooral op de terugtocht om een reden die daar los van staat: een verschuiving in de sociale waarden onder de jongeren.

In bijna elk westers land beginnen tieners later te drinken dan vroeger. Dat komt deels doordat ze elkaar vaak alleen online ontmoeten. Misschien speelt ook een betere opvoeding een rol. Als we afgaan op patronen uit het verleden, zullen de tieners van vandaag opgroeien tot veelal matige drinkers. De millennials, die nu tussen twintig en veertig jaar oud zijn, drinken ook al minder alcohol. Voor hen is matigheid een onderdeel van een gezondere levensstijl en dat lijkt eerder een blijvende trend dan een modegril.

Drinken raakt uit de mode.

Alcohol is zelfs in kleine hoeveelheden kankerverwekkend, maar de meeste mensen weten dat niet. Daarom praten gezondheidexperts over waarschuwingen op alcoholetiketten. Voorlopig heeft alleen Zuid-Korea een kankerwaarschuwing verplicht gemaakt. Ook Ierland heeft sinds 2018 zo'n wet, maar die is nog niet uitgevoerd.

De grote alcoholproducenten zien de bui hangen. Ze breiden hun assortiment producten met weinig of geen alcohol uit. Zo hebben bijna vijftig van de merken van Heineken al een alcoholvrije versie. In de meeste westerse landen zijn die alternatieven nog een modesnufje, maar de verkoop groeit snel. In Duitsland en Nederland maken ze 10 procent van de bieromzet uit.

Lobby's

Over een generatie of twee kan drinken in de rijke landen achterhaald lijken. Tot het zover is, blijft alcohol een van de duurste problemen voor de volksgezondheid en de productiviteit. In arme landen is de aangerichte schade per liter alcohol groter, net zoals die in het Westen groter is onder de armen dan onder de rijken.

Maatregelen aan de aanbodzijde, zoals hoge accijnzen, zullen in parlementen en rechtszalen tegenkanting krijgen. Want anti-alcoholactivisten zijn geen partij voor de legioenen lobbyisten die zijn ingehuurd door de drankindustrie. Dat was ooit anders. De Drooglegging kwam er onder druk van de Anti-Saloon League, toen een van de machtigste lobbygroepen van Amerika. Ze werd gesteund door veel rijken, onder wie John Rockefeller, Henry Ford en Andrew Carnegie. Vandaag is de strijd tegen alcohol een delicate onderneming voor filantropen, omdat drinken in het sociale leven van de rijken is ingebakken.

De wet-Volstead voerde in Verenigde Staten in 1920 de Drooglegging in, een verbod op alcohol dat bijna veertien jaar standhield. Een eeuw later wordt ze als een soort bewijs gezien dat het geen goed idee is drinken te verbieden op een moment dat het al populair is. De Drooglegging bevorderde de opkomst van de georganiseerde misdaad. Maffiabendes verdienden fortuinen met smokkel. Volgens een schatting waren er tijdens de Drooglegging minstens 20.000 illegale bars in New York. Toch zijn er nog plaatsen in de wereld waar alcohol verboden is, en niet alleen in islamitische landen. In Amerika is dat het geval in bijna 500 overwegend protestantse county's. Op de meeste andere plaatsen proberen de overheden alleen drinken te ontmoedigen door belastingen te heffen en de reclame te beperken. Die maatregelen werken. Maar het drinken is vooral op de terugtocht om een reden die daar los van staat: een verschuiving in de sociale waarden onder de jongeren. In bijna elk westers land beginnen tieners later te drinken dan vroeger. Dat komt deels doordat ze elkaar vaak alleen online ontmoeten. Misschien speelt ook een betere opvoeding een rol. Als we afgaan op patronen uit het verleden, zullen de tieners van vandaag opgroeien tot veelal matige drinkers. De millennials, die nu tussen twintig en veertig jaar oud zijn, drinken ook al minder alcohol. Voor hen is matigheid een onderdeel van een gezondere levensstijl en dat lijkt eerder een blijvende trend dan een modegril. Alcohol is zelfs in kleine hoeveelheden kankerverwekkend, maar de meeste mensen weten dat niet. Daarom praten gezondheidexperts over waarschuwingen op alcoholetiketten. Voorlopig heeft alleen Zuid-Korea een kankerwaarschuwing verplicht gemaakt. Ook Ierland heeft sinds 2018 zo'n wet, maar die is nog niet uitgevoerd. De grote alcoholproducenten zien de bui hangen. Ze breiden hun assortiment producten met weinig of geen alcohol uit. Zo hebben bijna vijftig van de merken van Heineken al een alcoholvrije versie. In de meeste westerse landen zijn die alternatieven nog een modesnufje, maar de verkoop groeit snel. In Duitsland en Nederland maken ze 10 procent van de bieromzet uit. Over een generatie of twee kan drinken in de rijke landen achterhaald lijken. Tot het zover is, blijft alcohol een van de duurste problemen voor de volksgezondheid en de productiviteit. In arme landen is de aangerichte schade per liter alcohol groter, net zoals die in het Westen groter is onder de armen dan onder de rijken. Maatregelen aan de aanbodzijde, zoals hoge accijnzen, zullen in parlementen en rechtszalen tegenkanting krijgen. Want anti-alcoholactivisten zijn geen partij voor de legioenen lobbyisten die zijn ingehuurd door de drankindustrie. Dat was ooit anders. De Drooglegging kwam er onder druk van de Anti-Saloon League, toen een van de machtigste lobbygroepen van Amerika. Ze werd gesteund door veel rijken, onder wie John Rockefeller, Henry Ford en Andrew Carnegie. Vandaag is de strijd tegen alcohol een delicate onderneming voor filantropen, omdat drinken in het sociale leven van de rijken is ingebakken.