Vrij snel tijdens de eerste coronagolf dook de speculatie op over de manier waarop we zouden werken na de coronaperiode. Vruchteloos heb ik sindsdien gezocht naar artikels die het niveau van mijn telefoontjes met familie of vrienden overstegen. Overal las je hetzelfde. De Fransen noemen dat een pensée unique. In het Nederlands heet het oogklepdenken.

We kunnen dat denken samenvatten in acht thema's. Thema 1: het thuiswerk heeft grote delen van onze economie gered. Thema 2: we leerden snel en pasten ons razendsnel aan. Thema 3: de technologie volgde opvallend vlotjes en veel bedrijven werden rijk. Thema 4: het werk werd productiever, al de rest was shit, behalve natuurlijk de wel heel korte pendeltijd. Maar ook dat bleek problematisch, want we hebben de omsteltijden van het werk naar thuis nodig. Thema 5: het werk is vermoeiender, omdat je niet vaak een beroep kunt doen op de vlotte, bijna automatisch routines bij het samenwerken. Thema 6: bijna iedereen mist de gesprekjes aan de watercooler. Thema 7: aanvankelijk waren de introverten wel blij, maar ook zij misten snel de menselijke warmte. Stille introverten zijn geen mensenhaters, ze willen alleen de menselijke interactie in iets kleinere dosissen dan extraverten. Thema 8: na corona zullen bedrijven gemengde systemen uitbouwen.

De oorlog om talent zal in alle hevigheid losbarsten.

Zodra de economie echt kan hervatten, zal ze als een sneltrein voortdenderen. Sommige profielen zullen ontzettend schaars zijn. De oorlog om talent zal in alle hevigheid losbarsten, waarschijnlijk zelfs in de zorg, want ondanks de hoerakreten voor onze nieuwe helden, zullen velen hun rekening hebben gemaakt. Zo motiverend en betekenisvol was het werk in de zorg al die maanden nu ook weer niet. Burn-outs waren in de zorg al voor de pandemie een vreselijk probleem. Ik zie echt niet in waarom dat zou afzwakken. Integendeel: duizenden zorgverstrekkers zullen zich hebben leeggegeven, zonder de kans te krijgen op een rustige hervatting. Iets analoogs zullen we zien in het onderwijs. En onze ministers zullen dan met een ernstig gezicht, waarop de diepe verantwoordelijkheidszin af te lezen zal zijn, aankondigen dat grote besparingen aangewezen zijn. Ik veronderstel niet in de kunstsector. Of toch? In het onderwijs? In de zorg? Bij de klimaatplannen?

Tegelijkertijd zal blijken dat het virus wel, maar de onbetaalbaarheid van onze pensioenen niet verdwenen is. Het reproductiegetal van onze aantallen gepensioneerden ligt nog altijd netjes boven één. En dan gaat het snel.

Bedrijven zullen inschatten hoe ze hun getalenteerde werknemers aan boord kunnen houden. Door thuisarbeid toe te laten? Ja, als het personeelslid dat wenst. Want de machtsbalans zal in veel sectoren overhellen naar de schaarse talenten. Overal zullen tekorten ontstaan. Denk vooral niet dat mensen graag zullen leren achter een computer. Af en toe vergaderen, ja, en een of twee dagen per week thuiswerken, maar voor teamskills en betekenisvolle communicatie zullen ze niet weer achter dat verdomde scherm willen zitten. Wedden dat de extraatjes aan belang zullen winnen: de kwaliteit van de koffie, en vooral de kleine dingen die het leven van professionele vrouwen (onze allerlaatste nog net niet uitgeputte reserve) dragelijker maken. Want, geloof me maar, in elk gezin heeft een nieuwe bezinning plaatsgevonden over de rol- en de taakverdeling. Nood brak wet tijdens corona, maar de mens is een wezen met een geheugen. Vrouwen hebben bewust en vaak gedwongen een stapje teruggezet op de arbeidsmarkt. Zij zijn dat volgend jaar niet vergeten. Wie zal het best naar hen luisteren? Iedereen heeft de mond vol van creativiteit. Wat ik de laatste maanden heb gelezen over 'het nieuwe werk', heeft mij getoond dat dit echt geen sterk punt is bij hr. Het kan en zal beter moeten.

Vrij snel tijdens de eerste coronagolf dook de speculatie op over de manier waarop we zouden werken na de coronaperiode. Vruchteloos heb ik sindsdien gezocht naar artikels die het niveau van mijn telefoontjes met familie of vrienden overstegen. Overal las je hetzelfde. De Fransen noemen dat een pensée unique. In het Nederlands heet het oogklepdenken. We kunnen dat denken samenvatten in acht thema's. Thema 1: het thuiswerk heeft grote delen van onze economie gered. Thema 2: we leerden snel en pasten ons razendsnel aan. Thema 3: de technologie volgde opvallend vlotjes en veel bedrijven werden rijk. Thema 4: het werk werd productiever, al de rest was shit, behalve natuurlijk de wel heel korte pendeltijd. Maar ook dat bleek problematisch, want we hebben de omsteltijden van het werk naar thuis nodig. Thema 5: het werk is vermoeiender, omdat je niet vaak een beroep kunt doen op de vlotte, bijna automatisch routines bij het samenwerken. Thema 6: bijna iedereen mist de gesprekjes aan de watercooler. Thema 7: aanvankelijk waren de introverten wel blij, maar ook zij misten snel de menselijke warmte. Stille introverten zijn geen mensenhaters, ze willen alleen de menselijke interactie in iets kleinere dosissen dan extraverten. Thema 8: na corona zullen bedrijven gemengde systemen uitbouwen. Zodra de economie echt kan hervatten, zal ze als een sneltrein voortdenderen. Sommige profielen zullen ontzettend schaars zijn. De oorlog om talent zal in alle hevigheid losbarsten, waarschijnlijk zelfs in de zorg, want ondanks de hoerakreten voor onze nieuwe helden, zullen velen hun rekening hebben gemaakt. Zo motiverend en betekenisvol was het werk in de zorg al die maanden nu ook weer niet. Burn-outs waren in de zorg al voor de pandemie een vreselijk probleem. Ik zie echt niet in waarom dat zou afzwakken. Integendeel: duizenden zorgverstrekkers zullen zich hebben leeggegeven, zonder de kans te krijgen op een rustige hervatting. Iets analoogs zullen we zien in het onderwijs. En onze ministers zullen dan met een ernstig gezicht, waarop de diepe verantwoordelijkheidszin af te lezen zal zijn, aankondigen dat grote besparingen aangewezen zijn. Ik veronderstel niet in de kunstsector. Of toch? In het onderwijs? In de zorg? Bij de klimaatplannen? Tegelijkertijd zal blijken dat het virus wel, maar de onbetaalbaarheid van onze pensioenen niet verdwenen is. Het reproductiegetal van onze aantallen gepensioneerden ligt nog altijd netjes boven één. En dan gaat het snel. Bedrijven zullen inschatten hoe ze hun getalenteerde werknemers aan boord kunnen houden. Door thuisarbeid toe te laten? Ja, als het personeelslid dat wenst. Want de machtsbalans zal in veel sectoren overhellen naar de schaarse talenten. Overal zullen tekorten ontstaan. Denk vooral niet dat mensen graag zullen leren achter een computer. Af en toe vergaderen, ja, en een of twee dagen per week thuiswerken, maar voor teamskills en betekenisvolle communicatie zullen ze niet weer achter dat verdomde scherm willen zitten. Wedden dat de extraatjes aan belang zullen winnen: de kwaliteit van de koffie, en vooral de kleine dingen die het leven van professionele vrouwen (onze allerlaatste nog net niet uitgeputte reserve) dragelijker maken. Want, geloof me maar, in elk gezin heeft een nieuwe bezinning plaatsgevonden over de rol- en de taakverdeling. Nood brak wet tijdens corona, maar de mens is een wezen met een geheugen. Vrouwen hebben bewust en vaak gedwongen een stapje teruggezet op de arbeidsmarkt. Zij zijn dat volgend jaar niet vergeten. Wie zal het best naar hen luisteren? Iedereen heeft de mond vol van creativiteit. Wat ik de laatste maanden heb gelezen over 'het nieuwe werk', heeft mij getoond dat dit echt geen sterk punt is bij hr. Het kan en zal beter moeten.