In het rapport zet De Lijn de streefwaarden naast de resultaten. Meest in het oog springend is het gedaalde aantal reizigers in de periode van de beheersovereenkomst. Plan was om 10,5 procent meer reizigers te vervoeren, maar het werd een daling met 3,49 procent tot net geen 530 miljoen. Onverwacht is die reizigersdaling niet. Het laatste jaar dat De Lijn nog meer reizigers kon aantrekken, was 2010. Bij het opstellen van de streefcijfers was bovendien nog geen rekening gehouden met de besparingen die het bedrijf nadien moest slikken. Daardoor moesten de tarieven vorig jaar fors de hoogte in en gingen de meeste gratis abonnementen op de schop. Maar ook andere streefdoelen werden niet gehaald. De stiptheid is er amper op verbeterd, zo blijkt uit het rapport. Maar 53,12 procent van de bussen en trams reed in 2015 op tijd, tegen 51,40 procent in 2011. De Lijn verwijst naar de negatieve impact van de files. Het drukke verkeer heeft ook een impact op de snelheid van de trams. Enkel in West-Vlaanderen, waar de Kusttram over lange stukken ongehinderd kan rijden, haalt De Lijn de gewenste tramsnelheid van 25 km/u. Op het Gentse net rijden de trams amper 15,66 km/u. Ook wat de veiligheid betreft, kan de maatschappij weinig goeds melden. Zo mikte ze op een jaarlijkse daling met 2,5 procent van het aantal ongevallen in eigen verantwoordelijkheid per 100.000 km exploitatie, maar was er vorig jaar bij de bussen nog een stijging van 2,12 naar 2,34 ongevallen/100.000 km. Bij de trams was er wel een daling van 0,35 naar 0,30. Het aantal verkeersboetes van De Lijn-chauffeurs had ook sterk moeten dalen, maar kwam vorig jaar op het hoogste niveau uit in de beheersperiode. Maar er zijn ook lichtpunten. De Lijn slaagde er bijvoorbeeld wel in om de kostendekkingsgraad op te krikken en ook het aantal betaalde ritten ten opzichte van het totale aantal ritten steeg sterk. De gestelde streefwaarde op vlak van ontvangsten werd dan ook gehaald. De opbrengst per kilometer steeg tussen 2011 en 2015 van 0,70 naar 1,01 euro. De kosten stegen van 4,73 in 2011 naar 5,38 euro vorig jaar, maar De Lijn slaagde er wel in een verbeter te boeken tegenover 2014 (5,50 euro/km). Voor milieudoelstellingen tot slot was er wisselend succes. Het dieselverbruik heeft De Lijn niet echt kunnen drukken. Enkel voor de Citybussen werd de streefwaarde (een dalende trend) gehaald, terwijl voor de grotere bussen het verbruik ongeveer stabiel bleef. De Lijn wijt dat aan de drukte op de weg. De bussen moeten vaker starten en stoppen, wat het verbruik verhoogt. Bovendien schrapte de maatschappij bij zijn besparingen vooral minder drukke en dus zuinigere lijnen. De ecologische voetafdruk per reiziger daalde dan weer wel sterk, al moet wel gezegd dat dit vooral een gevolg is van het feit dat er meer kilometers werden geschrapt dan dat er reizigers verloren werden. Voor CO2-uitstoot werd een dalende trend vooropgesteld, maar dat is niet elk jaar gehaald. De uitstoot van fijn stof kreeg De Lijn wel jaarlijks omlaag. (Belga)

In het rapport zet De Lijn de streefwaarden naast de resultaten. Meest in het oog springend is het gedaalde aantal reizigers in de periode van de beheersovereenkomst. Plan was om 10,5 procent meer reizigers te vervoeren, maar het werd een daling met 3,49 procent tot net geen 530 miljoen. Onverwacht is die reizigersdaling niet. Het laatste jaar dat De Lijn nog meer reizigers kon aantrekken, was 2010. Bij het opstellen van de streefcijfers was bovendien nog geen rekening gehouden met de besparingen die het bedrijf nadien moest slikken. Daardoor moesten de tarieven vorig jaar fors de hoogte in en gingen de meeste gratis abonnementen op de schop. Maar ook andere streefdoelen werden niet gehaald. De stiptheid is er amper op verbeterd, zo blijkt uit het rapport. Maar 53,12 procent van de bussen en trams reed in 2015 op tijd, tegen 51,40 procent in 2011. De Lijn verwijst naar de negatieve impact van de files. Het drukke verkeer heeft ook een impact op de snelheid van de trams. Enkel in West-Vlaanderen, waar de Kusttram over lange stukken ongehinderd kan rijden, haalt De Lijn de gewenste tramsnelheid van 25 km/u. Op het Gentse net rijden de trams amper 15,66 km/u. Ook wat de veiligheid betreft, kan de maatschappij weinig goeds melden. Zo mikte ze op een jaarlijkse daling met 2,5 procent van het aantal ongevallen in eigen verantwoordelijkheid per 100.000 km exploitatie, maar was er vorig jaar bij de bussen nog een stijging van 2,12 naar 2,34 ongevallen/100.000 km. Bij de trams was er wel een daling van 0,35 naar 0,30. Het aantal verkeersboetes van De Lijn-chauffeurs had ook sterk moeten dalen, maar kwam vorig jaar op het hoogste niveau uit in de beheersperiode. Maar er zijn ook lichtpunten. De Lijn slaagde er bijvoorbeeld wel in om de kostendekkingsgraad op te krikken en ook het aantal betaalde ritten ten opzichte van het totale aantal ritten steeg sterk. De gestelde streefwaarde op vlak van ontvangsten werd dan ook gehaald. De opbrengst per kilometer steeg tussen 2011 en 2015 van 0,70 naar 1,01 euro. De kosten stegen van 4,73 in 2011 naar 5,38 euro vorig jaar, maar De Lijn slaagde er wel in een verbeter te boeken tegenover 2014 (5,50 euro/km). Voor milieudoelstellingen tot slot was er wisselend succes. Het dieselverbruik heeft De Lijn niet echt kunnen drukken. Enkel voor de Citybussen werd de streefwaarde (een dalende trend) gehaald, terwijl voor de grotere bussen het verbruik ongeveer stabiel bleef. De Lijn wijt dat aan de drukte op de weg. De bussen moeten vaker starten en stoppen, wat het verbruik verhoogt. Bovendien schrapte de maatschappij bij zijn besparingen vooral minder drukke en dus zuinigere lijnen. De ecologische voetafdruk per reiziger daalde dan weer wel sterk, al moet wel gezegd dat dit vooral een gevolg is van het feit dat er meer kilometers werden geschrapt dan dat er reizigers verloren werden. Voor CO2-uitstoot werd een dalende trend vooropgesteld, maar dat is niet elk jaar gehaald. De uitstoot van fijn stof kreeg De Lijn wel jaarlijks omlaag. (Belga)