De Belgische economie begint het nieuwe jaar zoals het afscheid nam van het oude: puffend, zwetend en zwoegend. De groei struikelde in het laatste kwartaal van 2021 net niet over de hoge hordes van de vierde coronagolf, de aanslepende flessenhalzen in de aanvoerketen en de relatief hoge inflatie. De economie dikte nog aan met een povere 0,2 procent, schat de Nationale Bank. Dezelfde horden staan ook nog in het eerste kwartaal van dit jaar opgesteld, maar vanaf de lente zouden ze minder hoog worden. Dat betekent dat de Belgische economie in de loop van 2022 opnieuw vaart moet winnen. Over heel 2022 is een groei van minstens 2,5 procent mogelijk, na de 6,1 procent van 2021.
...

De Belgische economie begint het nieuwe jaar zoals het afscheid nam van het oude: puffend, zwetend en zwoegend. De groei struikelde in het laatste kwartaal van 2021 net niet over de hoge hordes van de vierde coronagolf, de aanslepende flessenhalzen in de aanvoerketen en de relatief hoge inflatie. De economie dikte nog aan met een povere 0,2 procent, schat de Nationale Bank. Dezelfde horden staan ook nog in het eerste kwartaal van dit jaar opgesteld, maar vanaf de lente zouden ze minder hoog worden. Dat betekent dat de Belgische economie in de loop van 2022 opnieuw vaart moet winnen. Over heel 2022 is een groei van minstens 2,5 procent mogelijk, na de 6,1 procent van 2021. De nieuwe omikronvariant is de olifant in de kamer. De doorstart van het herstel is gebaseerd op de veronderstelling dat omikron ons niet veroordeelt tot pittige lockdowns om het aantal besmettingen en het aantal ziekenhuisopnames te beperken. De maximale capaciteit op intensieve zorg blijft een rode lijn voor het herstel. Dreigt die capaciteit overschreden te worden, dan dringen zich opnieuw beperkende maatregelen op. Het is nog niet duidelijk hoe hard omikron om zich heen zal slaan. Die variant is nog besmettelijker dan delta, maar volgens Pfizer zou een derde prik een stevige dam opwerpen tegen ernstige ziekte en ziekenhuisopname. Omikron zal volgend jaar snel zijn ware gelaat tonen. Groepsimmuniteit blijft ook in 2022, 2023 en 2024 onhaalbaar, wat ons vatbaar maakt voor nieuwe coronagolven. De combinatie van een doorgedreven vaccinatie op basis van drie of nog meer prikken en de verder opgebouwde natuurlijke immuniteit verhoogt systematisch de weerstand van de bevolking tegen covid-19. Dat moet de hoogte van nieuwe golven, waarvan er zeker een in het najaar verwacht mag worden, steeds beter aftoppen. De economie bouwde al heel wat resistentie op tegen het virus. De beperkende maatregelen werden steeds doelgerichter, en de bedrijven en de consumenten pasten zich aan. In 2022 zullen we nog beter met het virus leren leven. Al betekent dat nog geen volledige economische immuniteit. Consumenten schroeven nog altijd hun verplaatsingen en bestedingen terug als het virus rondwaart, vooral uit schrik voor een besmetting. Van uitstel van die bestedingen komt ook afstel, maar toch zal een deel van het opgepotte spaargeld dienen als brandstof voor het herstel. Een normalisatie van de spaarquote is voldoende om de binnenlandse consumptie hoger te jagen. Het consumentenvertrouwen hield tijdens de vierde golf vrij goed stand, onder meer dankzij het gedaalde risico op werkloosheid. Eind 2021 telde de Belgische arbeidsmarkt 70.000 banen meer dan aan het begin van de pandemie.Te weinig halfgeleiders, te weinig containers, te weinig dit en te weinig dat. En als het beschikbaar was, dan met lange wachttijden en veel duurder. De meeste flessenhalzen in de aanvoerketens, die dit jaar onverwacht zwaar op het herstel wogen, zullen in de loop van 2022 langzaam maar zeker oplossen. De leveringstijden boeken nog records, maar zullen langzaam maar zeker inkorten. De prijsdruk zal afnemen, zoals al zichtbaar is in het zeetransport van droge bulk en in een aantal grondstoffen zoals ijzererts. Enkel een voldoende aanbod van halfgeleiders kan nog op zich laten wachten. Opnieuw kan omikron roet in het eten gooien, als China hele steden of regio's moet lamleggen om de zero-covid-politiek te handhaven. Ook elders in Azië kunnen nieuwe coronagolven de aanvoerketens verstoren. Uitstel is aan dat front echter geen afstel. De orders die dit jaar niet uitgevoerd worden, krijgen volgend jaar hun beslag. Het dikke orderboek van de bedrijven vormt een stevig voorraadje groei voor 2022. De grootste flessenhals en dus ook de grootste horde voor de Belgische economie is de structurele krapte op de arbeidsmarkt. Personeelstekorten kostten een doorsneebedrijf gemiddeld 5 procent van de productie of dienstverlening. Het krachtige herstel heeft die chronische handicap van de Belgische economie snel op scherp gezet. Op korte termijn romen ziekte-uitval en quarantainemaatregelen het beschikbare arsenaal arbeidskrachten af. Op lange termijn is zelfs zonder covid geen beterschap in zicht, omdat de bevolking op arbeidsleeftijd niet langer toeneemt en zelfs begint te krimpen. De speurtocht naar personeel zal in 2022 ook wegen op de bedrijfsinvesteringen. Wie wil uitbreiden als je toch niemand vindt om de machines te doen draaien? Daartegenover staat dat bedrijven kunnen of zelfs moeten investeren in efficiëntie om de productie minder arbeidsintensief te maken. Ook de snelle transformatie naar een digitale economie verplicht de meeste bedrijven te investeren in software en digitale vaardigheden. De comeback van een inflatie van meer dan 7 procent eind 2021 en begin 2022 hadden weinigen verwacht. Achter het tijdelijke karakter van die opstoot werden steeds meer vraagtekens geplaatst, maar in de loop van 2022 zal de inflatie opnieuw afkoelen. De inflatie is, zeker in het eurogebied en België, vooral te wijten aan de spectaculaire stijging van de energieprijzen. Vooral de prijs voor aardgas, en in dat spoor ook de prijs voor elektriciteit, is door het dak gegaan. De hogere olieprijs vervolledigt het grimmige plaatje van dure energie, die weegt op de binnenlandse consumptie, omdat hoge energieprijzen onze invoerfactuur de hoogte injagen en dus ons beschikbare inkomen aanvreten. Het nieuwe jaar zal van start gaan met astronomisch hoge energieprijzen, maar na de winter zouden ook de aardgas- en olieprijzen moeten dalen, al blijft dat bang afwachten omdat er de voorbije jaren relatief weinig geïnvesteerd is in de productiecapaciteit van fossiele brandstoffen. De Nationale Bank verwacht over heel 2022 een gemiddelde inflatie van 4,9 procent. Een afkoeling van de inflatie komt voor de Belgische economie niets te vroeg. Via de automatische loonindexering wordt het grootste deel van de hogere factuur doorgeschoven naar de bedrijven. Dat tast de concurrentiekracht aan, wat zich op termijn laat uitbetalen in een tragere groei en een dalende werkgelegenheid. Gelukkig kampen ook de belangrijkste handelspartners met de hogere energiefactuur, en ook daar vertaalt een hogere inflatie zich in hogere lonen, al verloopt dat proces iets trager dan in België. Vooral in 2022 boeten de Belgische bedrijven heel wat concurrentiekracht in, wat zich vertaalt in een versnelde daling van hun marktaandeel op de arbeidsmarkten.Worden de drie eerste hordes wat lager gezet in de loop van het jaar, dan is de vierde horde een nieuwe, maar nog maar heel lage hindernis op het parcours. De hardnekkig hoge inflatie laat de Europese Centrale Bank (ECB) weinig andere keuze dan het geldbeleid iets krapper te maken. Maar een eerste renteverhoging is nog niet voor 2022, en de ECB laat er geen twijfel over bestaan dat de geldpers opnieuw op volle toeren kan draaien, mocht de economie te veel vaart verliezen. Naast het monetaire beleid zal ook het fiscale beleid van koers veranderen. In het eurogebied was het fiscale beleid in 2021 al neutraal geworden onder impuls van de uitdovende steunmaatregelen. Vanaf 2022 zal het terugdringen van de begrotingstekorten lichtjes op de conjunctuur wegen, zonder een echte rem te zetten op het herstel. Dat is toch het basisscenario. Dreigt het herstel toch te struikelen over de omikronvariant of andere hordes, dan zullen de regeringen opnieuw de portefeuille bovenhalen om grotere schade te voorkomen. Voor België zou dat een lastige klus worden, want de buffers om nieuwe tegenslagen op te vangen, zijn oncomfortabel klein geworden. Struikelen wordt in 2022 nog minder wenselijk dan ooit.