"De perfecte storm." Zo noemt Bart Steukers zijn eerste jaar aan het hoofd van de technologiefederatie Agoria. "Er zijn dingen gebeurd die je niet in een jaar zou verwachten, misschien zelfs niet in vijf jaar. Coronagolven, de oorlog in Oekraïne, de inflatie, ..."
...

"De perfecte storm." Zo noemt Bart Steukers zijn eerste jaar aan het hoofd van de technologiefederatie Agoria. "Er zijn dingen gebeurd die je niet in een jaar zou verwachten, misschien zelfs niet in vijf jaar. Coronagolven, de oorlog in Oekraïne, de inflatie, ..." De Agoria-bedrijven worden midscheeps geraakt, stelt Steukers vast. "Er zijn drie grote ankerpunten die maken dat de technologiesector in België succesvol is of niet: de competitiviteit van de bedrijven, voldoende onderzoek en ontwikkeling dicht bij huis, en voldoende talent. Die ankerpunten staan alle drie onder druk. Onze concurrentiekracht lijdt niet alleen onder de stijgende loonkosten door de automatische loonindexering, je moet ook vechten tegen oplopende grondstoffen- en onderdelenprijzen en schaarste. Tegelijk moeten we de energieprijzen in het oog houden. Neem daar de talentschaarste bij en dan moet je geen econoom zijn om te weten dat dit pijn doet. We komen uit een aanbodcrisis die zich via de inflatoire druk zal vertalen in een vraagcrisis. Dan zitten we pas echt in de problemen." BART STEUKERS. "De digitale industrie voerde in januari een indexaanpassing van goed 3 procent door. Het gros van de werknemers in de maakindustrie krijgt op 1 juli een loonsverhoging van zo'n 8 procent. Dat is ongezien." STEUKERS. "Agoria zit hier op de lijn van het VBO: als het pijn doet, moet de pijn verdeeld worden. Ik ben wel boos over de fixatie op de bescherming van de koopkracht van iedereen. Niemand kijkt naar wat dat doet met de competitiviteit van de bedrijven. Sommigen hoor ik zeggen: 'Dat zal wel meevallen.' Neen, het zal niet meevallen. Je moet de pijn verdelen. De overheid en ook de burgers moeten mee in het bad. Op termijn moeten we zoeken naar een model dat slimmer omgaat met de automatische loonindexering. Ik ben nu bijvoorbeeld beter beschermd dan de zwakkeren. Een uitstel van de indexering - zoals in Luxemburg - is een mogelijkheid." STEUKERS. "De Duitse metaalsector is altijd een goed vergelijkingspunt. Volgens het Agoria-studiecentrum gaan we snel opnieuw naar een competitiviteitsverschil van 3 tot 4 procent ten opzichte van Duitsland. Er is ook een handicap ten opzichte van Frankrijk, waar de energieprijs werd geplafonneerd." STEUKERS. "Vorig jaar heeft een aantal bedrijven het goed gedaan. Ze kwamen ook uit de moeilijke coronaperiode, wat betekent dat ze een stuk hebben teruggehaald wat ze in 2020 hadden verloren. Daar is niets verkeerd mee. Maar als je de bedrijven de inflatieschok laat betalen omdat hun winst hersteld is, dan zijn zij opnieuw de melkkoe." STEUKERS. "Ja, ze zullen de inflatoire druk proberen te temperen met technologie. Dat zal zich ook uiten in een stelselmatige verlaging van de energiekosten. Bij de voorstelling van het duurzaamheidsrapport van Agoria hebben onze leden onze gemeenschappelijke klimaatambities onderschreven. De teneur is echt wel never waste a good crisis. Onze bedrijven gaan versneld de groene transitie doorvoeren. De overheid moet een stukje helpen door het vergunningsproces vlotter te laten verlopen, maar voor de rest kunnen de bedrijven zelf met oplossingen komen. Belgische bedrijven willen bijvoorbeeld een voortrekkersrol spelen in de duurzame productie van waterstof." STEUKERS. "Ik ben iets positiever dan een jaar geleden over dat dossier. Het gaat veel te traag, maar federaal minister Petra De Sutter (Groen) heeft een aantal knelpunten kunnen deblokkeren. We zien ook verschillende ICT-spelers, zoals Cegeka en NRB, zich klaarmaken om zakelijke toepassingen aan te bieden, en in de haven van Antwerpen hebben we proeftuinen waar bedrijven al toepassingen met 5G kunnen gebruiken. Ik zie ook dat zelfs in Wallonië en Brussel de bezorgdheid over de milieu- en gezondheidsimpact wegebt en dat is goed. Het betekent dat we goed hebben gecommuniceerd." STEUKERS. "De krapte zit natuurlijk overal. Voor de Oekraïne-crisis telden we een record van 21.000 vacatures, vrij evenwichtig verdeeld over de digitale en de maakindustrie. Door de digitalisering is de behoefte aan werkkrachten in de maakindustrie steeds acuter. Het aantal vacatures stagneert wel. De pijnpunten zijn algemeen, met een ondervertegenwoordiging van werknemers met een migratieachtergrond, zeker bij de vrouwen. Onze sector voelt ook dat slechts één op de drie 60-plussers nog werkt. Ik zie dat bij mezelf als bijna 60-jarige. Ik krijg alle prikkels op mij afgevuurd: zou je niet wat minder werken, is je work-lifebalans in orde? Je ziet vrienden uitbollen." STEUKERS. "Aan de federale regering vraag ik maar twee dingen: bewaar de competitiviteit. Voor innovatie vraag ik: doe niets. België heeft iets sterks in handen met de vrijstelling van bijzondere voorheffing voor onderzoek en ontwikkeling. Dat is een van de weinige succesfactoren in dit land. "De federale ambitie om naar een werkzaamheidsgraad van 80 procent te gaan, is lachwekkend. Vlaanderen vertaalt die ambitie tenminste nog in het beleid." STEUKERS. "Computerchips en andere halfgeleiders zijn nog altijd het grootste probleem. Er is een rechtstreekse impact door de lockdowns in China. We hebben ondertussen wel allemaal de kaartjes met al de geblokkeerde schepen rond de Chinese havens gezien. De situatie zal niet snel verbeteren en voor veel van onze leden is dat een enorm probleem. Daarnaast, en dat is wel verbonden aan de oorlog in Oekraïne, zijn onze bedrijven bezorgd over de aanvoer van staal, nikkel, zink, titanium en palladium. Je ziet al die problemen het beste in de auto-industrie, die al die metalen en halfgeleiders nodig heeft. Het is anekdotisch, maar een collega kreeg de keuze voor zijn nieuwe wagen: een jaar wachten of twee opties laten vallen waarvoor de specifieke soorten chips lang op zich zullen laten wachten. We zullen nog veel van die keuzes moeten maken, vooraleer we er weer vat op krijgen. "De jongste tijd horen we ook dat er betaal- en financieringsproblemen zijn om de logistiek te regelen, bijvoorbeeld in de handel met Rusland. Bovendien worstelen bedrijven met de vraag of ze daar nog actief moeten zijn. Ik vind dat een positieve zaak. Pakweg tien jaar geleden zouden bedrijven dat puur economisch bekeken hebben. Nu houden ze veel meer rekening met hun doelstellingen in duurzaamheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid, of ze de situatie slechter of beter maken door er te blijven."