"Om me goed te voelen moet ik worden uitgedaagd", zegt Ann Wauters. "Dat probeer ik nu elders te zoeken." De Olympische Spelen in 2021 - herinner u de dramatische uitschakeling van de Belgian Cats, de nationale vrouwenbasketbalploeg, in de slotseconden tegen Japan - waren haar afscheid als profspeelster. In clubverband had ze zowat alles gewonnen wat er te winnen valt - van kampioenstitels en bekers in Frankrijk, Spanje, Rusland en Turkije, Europese bekers, tot trofeeën in Zuid-Korea en de Amerikaanse WNBA-competitie. Het brons van de Belgian Cats op het Europees kampioenschap in 2017 deed het besef indalen dat ook het Belgische vrouwenbasketbal een gouden generatie beleeft.
...

"Om me goed te voelen moet ik worden uitgedaagd", zegt Ann Wauters. "Dat probeer ik nu elders te zoeken." De Olympische Spelen in 2021 - herinner u de dramatische uitschakeling van de Belgian Cats, de nationale vrouwenbasketbalploeg, in de slotseconden tegen Japan - waren haar afscheid als profspeelster. In clubverband had ze zowat alles gewonnen wat er te winnen valt - van kampioenstitels en bekers in Frankrijk, Spanje, Rusland en Turkije, Europese bekers, tot trofeeën in Zuid-Korea en de Amerikaanse WNBA-competitie. Het brons van de Belgian Cats op het Europees kampioenschap in 2017 deed het besef indalen dat ook het Belgische vrouwenbasketbal een gouden generatie beleeft. Lang heeft Ann Wauters niet gewacht om nieuwe uitdagingen aan te gaan. Afgelopen zomer debuteerde ze als assistent-coach bij Chicago Sky, een topclub in de WNBA. Maar het sportieve alleen is haar te eng geworden. Zo geeft ze in bedrijven keynotespeeches over veerkracht, de kracht van teamwork en de noodzaak van inclusiviteit, en denkt ze na over manieren om topsporters werkervaring te laten opdoen in ondernemingen. En ze schreef een boek over de inzichten die ze tijdens haar sportcarrière heeft verworven. "Mijn kernboodschap is dat alle levenservaring die je als topsporter opdoet, eigenlijk veel waardevoller is dan om het even welke titel of trofee", schrijft ze daarin. "Die trofeeën zijn natuurlijk belangrijk", legt ze uit. "Ze creëren een soort geloofwaardigheid, want zonder die prijzen zouden we dit interview wellicht niet eens hebben. Maar het zijn niet zozeer de titels die je bijblijven. Wat ik in mijn carrière heb geleerd en wat ik kan doorgeven aan anderen, daar ben ik ook heel trots op. Sport verschaft inzichten die waardevol kunnen zijn voor iedereen die doelen nastreeft." ANN WAUTERS. "Er zijn veel gelijkenissen. Zowel in een teamsport als in een bedrijf moeten mensen samenwerken. Op een basketbalveld zie je dat intens uitvergroot en merk je heel snel of een team goed aan elkaar hangt. De resultaten zijn heel concreet: er wint iemand, er verliest iemand. Als je dieper kijkt naar de methodes om mensen in teamsporten te doen samenwerken, dan kun je dat bijna copy-pasten naar het bedrijfsleven. De coachingstaf kun je zien als de leidinggevende, de spelersgroep als de werknemers. "Dat kan gaan om heel concrete dingen. Zo komen wij vóór een training altijd samen in de middencirkel. De coach zegt dan een paar woorden, bijvoorbeeld wat we die dag gaan doen. Dat is iets supereenvoudigs wat je op een werkvloer ook kunt: de dag goed starten, vóór een meeting bij elkaar eens rondgaan. Elkaar aanmoedigen is nog zoiets wat wij vanzelfsprekend vinden. Als je je gesteund voelt, ga je beter presteren. Op het werk is dat ook zo." WAUTERS. "Met talent alleen kun je al ver komen. Samara had heel wat talent, maar we werkten niet genoeg samen. Dat is niet duurzaam en op de lange termijn hebben we dan ook niet alles gewonnen. Ik denk dat dat in het bedrijfsleven net hetzelfde is. Zo kun je in een team een topperformer hebben die heel goede cijfers haalt, maar die slecht in de groep ligt. Op de korte termijn zal je dan waarschijnlijk supergoede resultaten halen, maar op de lange termijn geloof ik daar niet in. Je moet je als bedrijfsleider of als management heel bewust afvragen welke gevolgen zo'n situatie kan hebben." WAUTERS. "Bij Samara heb ik geleerd mezelf ter discussie te stellen. Hard trainen, elkaar beter maken, zo was ik opgeleid. In Rusland vond ik niet diezelfde werkethiek. Toen heb ik geleerd dat je flexibel moet zijn. In een andere omgeving kun je niet verwachten dat iedereen doet zoals jij het gewoon bent. Maar tegelijk mag je nooit je identiteit verliezen. Ik ben extra beginnen te trainen en heb geprobeerd andere teamgenoten mee te krijgen. Die coach was een heel lieve man, maar hij had gewoon niet genoeg kennis om een topteam te leiden. Dus hebben we meer verantwoordelijkheid op ons genomen om na te denken over de tactiek, bijvoorbeeld door naar video's van tegenstanders te kijken, wat we met de echte coachingstaf niet genoeg deden. We probeerden dat diplomatisch te doen, want je blijft natuurlijk een speelster. We waren daar niet om op tafel te slaan en te zeggen: en nu gaan we het zó aanpakken. Dat lukt niet in een team. "Bij Samara hadden we het gevoel dat we elkaar heel erg nodig hadden om te winnen. Later, bij Jekaterinenburg, ontbrak dat. Er waren te veel vedetten en de rollen waren er niet duidelijk genoeg verdeeld. Je wéét dan gewoon dat je op de cruciale momenten tekort zal schieten. Het was een frustrerend jaar, omdat ik er zelf deel van uitmaakte en er niets aan kon veranderen. Dat kun je niet in je eentje." WAUTERS. "De coach heeft een cruciale rol, maar zonder een voet op het veld te zetten. Je moet een visie hebben. Wat wil je? Wat zijn de sterke punten van iedereen? Hoe ga je dat team tot een geheel smeden? En dan moet je je boodschap heel goed kunnen overbrengen. Ook tijdens de wedstrijd: het is heel gemakkelijk achteraf naar de video te kijken en te zeggen wat er had moeten gebeuren. In mijn ogen moet je als coach de discipline handhaven, maar moet je er vooral voor zorgen dat er heel veel vertrouwen is in je ploeg. Als je je team kunt doen geloven dat het kampioen gaat spelen, dan wórdt het ook kampioen. En er moet plezier zijn. Je bent tenslotte met een spel bezig. Dat lijken veel tegenstrijdigheden, maar ze zijn niet tegenstrijdig. Als je hard werkt, kun je ook veel plezier maken. Ook op de werkvloer." WAUTERS. "Absoluut. Ik heb nog nooit iemand goed zien presteren die zich niet goed voelde. Je kunt tegen een groep misschien eens brullen om ze wakker te schudden, maar op de lange termijn werkt dat niet motiverend. Het heeft mij alvast nooit geholpen. Als leider moet je een klimaat creëren waarin mensen zich veilig voelen. Als je spelers voelen dat je oprecht het beste met hen voorhebt, kun je hen ook uitdagen om de lat elke keer weer dat tikkeltje hoger te leggen. Ze weten dan dat je hen uitdaagt om hen beter te maken. Ook dat kan het bedrijfsleven leren van sporters: zij zijn het gewend dagelijks open te staan voor feedback. Vaak zien mensen feedback gewoon als kritiek, maar het is cruciaal om stappen vooruit te zetten." WAUTERS. "In veel bedrijven blijft de feedback beperkt tot één momentje per jaar, waar niemand naar uitkijkt. Dan worden je pluspunten en je minpunten opgesomd, en daarna wordt er niets mee gedaan. En vaak wordt alleen gefocust op de resultaten, maar die zijn slechts een deel van het proces. Ook in de sport is dat zo. Je hebt er geen controle over of je die wedstrijd gaat winnen. Soms komt het aan op één punt. Maar het is niet dat ene shot in de slotseconden dat het verschil maakt, maar al die zaken die je daarvoor hebt gedaan en die je wel kunt controleren: de voorbereiding, de mindset, de groepscultuur. Ook over die topperformer die slecht in de groep ligt, moet je feedback kunnen geven. Als je over al die dingen op een regelmatige basis praat in je bedrijf, in plaats van één keer per jaar, gaat dat veel meer helpen. En je resultaten zullen nóg beter zijn." WAUTERS. "Er zijn ook nog niet zoveel coaches die openstaan voor feedback uit het team (lacht). Dan stel je je kwetsbaar op. Maar dat hoeft niet te betekenen dat je zwak overkomt. Het was afgelopen zomer als assistent-coach heel tof om Emma en Julie in de ploeg te hebben (Emma Meesseman en Julie Allemand, twee sterkhouders van de Belgian Cats, nvdr). Ik ging vaak zaken bij hen afchecken. Hoe voelt dat? Wat denk je hiervan? Gaan we zo verdedigen tegen die ploeg? Zij staan op het veld, ze kunnen me goede ideeën geven. Waarom zou ik dat niet doen? Ik ga toch niet denken dat ik het allemaal beter weet? Ik geloof in gedeeld leiderschap, waarbij je open en eerlijk communiceert en alle leden van het team zich belangrijk voelen en verantwoordelijkheid opnemen." WAUTERS. "Er zijn wedstrijden geweest waar de coach gewoon opgaf. Je voelt het direct als de coach er niet meer in gelooft. Daar werd ik woest van. Op zo'n moment heb je die nog méér nodig." WAUTERS. "Jazeker. Je hebt mensen die van nature charisma hebben, maar er zijn zoveel sociale vaardigheden die je kunt leren, ook hoe je met mensen communiceert, hoe je een groep aanspreekt. Je kunt fantastische ideeën in je hoofd hebben, maar als je het niet kunt overbrengen, wordt het moeilijk natuurlijk." WAUTERS. "Absoluut. Ik denk daar veel over na. Ik ben een mama van drie kinderen. Je voelt voor hen zo'n onvoorwaardelijke liefde dat je het hen altijd makkelijk probeert te maken. Dan denk ik vaak: néé, dat mag ik niet doen. Soms mág het een keer moeilijk zijn. Werken aan veerkracht zit ingebakken in de sport, waar je dingen leert die pas na veel keren proberen lukken. Je leert te denken in oplossingen in plaats van in obstakels, je leert je over nederlagen heen te zetten. Ik ben in een beschermd milieu opgegroeid. Veel ploeggenotes die uit andere achtergronden kwamen, hebben op een veel hardere manier geleerd tegenslagen te verwerken. Ik ben blij dat ik dat in de sport heb geleerd." WAUTERS. "Sport is hier heel toegankelijk, dat speelt een grote rol. Ik zie het in de sportclub van onze kinderen: je speelt samen, je leert samen, en om sporten goedkoop te houden, rekenen de clubs op de vrijwillige inzet van de ouders. Dat helpt mensen om zich op een spontane manier te integreren. We moeten sport blijven gebruiken als katalysator voor inclusiviteit. En die inclusiviteit moet niet alleen beter doorstromen naar de bedrijven, maar ook naar de omkadering van de sportteams en naar de sportfederaties. Daar is evengoed nog een lange weg te gaan." WAUTERS. "In de WNBA is er een regel dat er minstens één ex-speelster in de staf moet zitten. De FIBA, de internationale basketbalbond, overweegt die regel algemeen in te voeren. Zulke regels - of noem het quota of aanmoedigingen - zijn nodig om iets te veranderen. Maar één staflid is nog altijd veel te weinig natuurlijk. Het kan wel bijdragen tot het bewustzijn dat het niet gezond is als er alleen copycats van jezelf in je organisatie zitten. Ik zal me blijven inzetten om meer diversiteit in de sportwereld te laten doorstromen. Er is wel al een positieve evolutie. Ik heb nagenoeg uitsluitend mannen als coach gehad. Dit jaar was voor het eerst meer dan de helft van de coaches in de WNBA een vrouw." WAUTERS. "Dat is nu niet aan de orde. Ik zou eerst meer ervaring willen opdoen als assistent-coach. De WNBA is de beste competitie ter wereld, mijn leerproces zal daar veel sneller gaan. Bovendien is het een zomercompetitie. Dat is combineerbaar met het gezinsleven. Mijn gezin is mijn grootste prioriteit. Als het daar niet goed zit, kan ik niet het beste van mezelf geven. Ook dat zeg ik vaak in mijn keynotespeeches: neem af en toe de tijd en maak de balans op. Neem niet alles erbij, zeg niet altijd ja, zeg op tijd stop. Heel wat mensen willen alles perfect doen: een goede ouder en partner zijn, het professioneel uitstekend doen, een sociaal leven hebben, sporten. Het is moeilijk dat allemaal goed te doen zonder te verzuipen." WAUTERS. "Sporters zitten in een heel enge wereld. Vaak vraag je je af: wat ga ik hierna doen? Wat heb ik de afgelopen tien jaar eigenlijk geleerd als basketter? Maar sporters hebben kwaliteiten waar ze zich soms niet bewust van zijn, die heel nuttig kunnen zijn voor bedrijven. Ze willen zich inzetten, ze willen uitgedaagd worden, ze willen leren. Wees maar gerust dat ze hun afspraken nakomen, want dat hebben ze al vroeg geleerd. Als ze in bepaalde fases in hun loopbaan ervaring kunnen opdoen in ondernemingen, zullen ze later de overstap naar de werkvloer gemakkelijker maken. Dat kan in twee richtingen werken, want een sporter kan een cultuur binnenbrengen in een bedrijf, zoals positiviteit en een open mindset voor feedback. Aangezien sport heel inclusief is, kan dat helpen om meer diversiteit te laten doorstromen naar ondernemingen." WAUTERS. "Dat is nog niet concreet. België is misschien wat te klein om dat alleen hier in de markt te zetten. Ik moet het wellicht internationaler zien. Maar een ex-ploeggenote is daar in Amerika wel al mee bezig." WAUTERS. "Ik heb geluk gehad dat ik bij de ploegen waar ik speelde altijd kon gaan voor de titel. Ik besef dat niet elke speelster die kansen krijgt. Maar zelfs als je nooit een trofee hebt gewonnen, kan je carrière even waardevol zijn, omdat je alles hebt gedaan om je droom waar te maken. Wat heb ik geleerd? Daar gaat het vooral om."