De bijna continue stijging van het absenteïsme in de Belgische privésector sinds 2001 zette zich ook in het eerste semester van dit jaar zich door. Het totale ziektepercentage voor bedrijven tot 1.000 werknemers evolueerde van 6,70 procent in de eerste helft van vorig jaar naar 6,93 procent in dezelfde periode dit jaar. Terwijl het middellange ziektepercentage (van 1 maand tot 1 jaar) op hetzelfde niveau bleef, kende het lange ziektepercentage (langer dan 1 jaar) een stijging met 4 procent en het korte ziektepercentage (minder dan 1 maand) een stijging met 6 procent.

Dus 'blijft aandacht voor korte, frequente afwezigheden bij bedrijven noodzakelijk', stelt Karin Roskams, Business Unit Manager Absenteïsme: 'Vooral deze afwezigheden zijn op korte termijn kostelijk voor bedrijven en kunnen een indicator zijn voor lange afwezigheden. Want we weten dat iemand die vaak kort afwezig is, een verhoogd risico heeft op een langdurige afwezigheid.'

Lange afwezigheden bepalen steeds meer het totale absenteïsme. In 2001 bedroeg het aandeel lange afwezigheden nog 25 procent van het totale ziektepercentage, in 2018 is dat al 41 procent (telkens eerste helft van het jaar). Bij 50-plussers is dit aandeel lange afwezigheden het hoogst (60 procent versus 29 procent bij 30- tot 49-jarigen en 5 procent bij werknemers jonger dan 30), maar ook arbeiders (46 procent versus 34 procent bij bedienden) hebben met veel lange afwezigheden te maken.

Het aandeel lange afwezigheden is dan wel het hoogst bij de oudste werknemers, maar de stijging is verhoudingsgewijs sterker in de jongere leeftijdsgroepen. Er moeten dus andere bepalende factoren dan ouderdom(skwalen) zijn. 'Ook psychosociale problemen zijn in belang gestegen als oorzaak van lange afwezigheden', stelt Heidi Verlinden, HR Research Expert Securex, vast.

Voor het jaar 2018 verwacht Securex dat het lange ziektepercentage naar 2,94 procent (en het totale cijfer naar 7,06 procent) zal evolueren. Die verwachte stijging is gebaseerd op de evolutie van de absenteïsmecijfers tot nu toe, op demografische evoluties en op de evolutie van de mentale en fysieke gezondheid van werknemers. 'We verwachten een minder sterke stijging dan de voorgaande jaren omdat we in de eerste helft van dit jaar een toename zien van het aantal verzoeken tot re-integratie door werkgevers en adviserend geneesheren', zegt Heidi Verlinden. 'Bij ruim de helft van de verzoeken leidt dit wel nog tot een ontslag om medische redenen, en dus niet tot re-integratie bij de huidige werkgever. Maar dit is alvast beter dan arbeidsongeschikt blijven, want het opent mogelijkheden voor een job elders'.

Zelfstandigen zelden ziek

Hoe anders is het beeld bij zelfstandigen.

Zelfstandigen kunnen wel tegen een stootje, dat is bekend. Twee op de drie (65 procent) van de zelfstandigen in hoofdberoep blijven meestal aan het werk, zelfs als ze ziek zijn. Dat blijkt uit een bevraging van hr-dienstverlener Acerta bij 2.561 zelfstandigen. Bijna 40 procent (38,8) blijft zelfs altijd aan het werk, ook al zouden ze onder de wol moeten kruipen.

Wie denkt dat langdurende, ernstige ziektes een ander beeld geven, heeft het verkeerd voor. Ook daar blijven zelfstandigen maar doorgaan. Iets meer dan 40 procent geeft ondanks een langdurende ziekte aan te blijven werken. Alleen griep lijkt zelfstandigen klein te krijgen: 50 procent begrijpt dat je een dergelijk virus moet uitzieken.

Waarom geven zelfstandigen zo moeilijk toe aan ziekteverzuim? Voor bijna 60 procent (59,3) is het duidelijk: niet werken betekent geen inkomen. Ook deadlines die zijn afgesproken met klanten en/of leveranciers, houden hen uit het ziekbed (55,5 procent). Sommige zelfstandigen (14,9 procent) willen zich aan hun vaste openingsuren houden. Met een werknemersstatuut zijn zelfstandigen minder streng voor zichzelf, maar dan nog. Ook dan zou één op de drie (36,2 procent) nog aan het werk blijven.

Opvallend en tegelijk onrustwekkend volgens Acerta: gemiddeld 7 procent van de zelfstandigen heeft geen enkele bijkomende verzekering voor het geval ze ziek zouden worden. 'Zelfstandigen houden graag zelf de controle, dat is inherent aan hun statuut', zegt Els Schellens van de hr-dienstverlener. 'Ze hebben niet snel de reflex om elders oplossingen te zoeken. Maar soms slaat de slinger wel door.'

Behalve de ziekte-uitkering voor zelfstandigen zijn er nog andere vangnetten in geval van langere werkonbekwaamheid, aldus Schellens. Zo voorziet de verzekering gewaarborgd inkomen een dekking vanaf een arbeidsongeschiktheid van 25 procent.

De bijna continue stijging van het absenteïsme in de Belgische privésector sinds 2001 zette zich ook in het eerste semester van dit jaar zich door. Het totale ziektepercentage voor bedrijven tot 1.000 werknemers evolueerde van 6,70 procent in de eerste helft van vorig jaar naar 6,93 procent in dezelfde periode dit jaar. Terwijl het middellange ziektepercentage (van 1 maand tot 1 jaar) op hetzelfde niveau bleef, kende het lange ziektepercentage (langer dan 1 jaar) een stijging met 4 procent en het korte ziektepercentage (minder dan 1 maand) een stijging met 6 procent. Dus 'blijft aandacht voor korte, frequente afwezigheden bij bedrijven noodzakelijk', stelt Karin Roskams, Business Unit Manager Absenteïsme: 'Vooral deze afwezigheden zijn op korte termijn kostelijk voor bedrijven en kunnen een indicator zijn voor lange afwezigheden. Want we weten dat iemand die vaak kort afwezig is, een verhoogd risico heeft op een langdurige afwezigheid.' Lange afwezigheden bepalen steeds meer het totale absenteïsme. In 2001 bedroeg het aandeel lange afwezigheden nog 25 procent van het totale ziektepercentage, in 2018 is dat al 41 procent (telkens eerste helft van het jaar). Bij 50-plussers is dit aandeel lange afwezigheden het hoogst (60 procent versus 29 procent bij 30- tot 49-jarigen en 5 procent bij werknemers jonger dan 30), maar ook arbeiders (46 procent versus 34 procent bij bedienden) hebben met veel lange afwezigheden te maken. Het aandeel lange afwezigheden is dan wel het hoogst bij de oudste werknemers, maar de stijging is verhoudingsgewijs sterker in de jongere leeftijdsgroepen. Er moeten dus andere bepalende factoren dan ouderdom(skwalen) zijn. 'Ook psychosociale problemen zijn in belang gestegen als oorzaak van lange afwezigheden', stelt Heidi Verlinden, HR Research Expert Securex, vast. Voor het jaar 2018 verwacht Securex dat het lange ziektepercentage naar 2,94 procent (en het totale cijfer naar 7,06 procent) zal evolueren. Die verwachte stijging is gebaseerd op de evolutie van de absenteïsmecijfers tot nu toe, op demografische evoluties en op de evolutie van de mentale en fysieke gezondheid van werknemers. 'We verwachten een minder sterke stijging dan de voorgaande jaren omdat we in de eerste helft van dit jaar een toename zien van het aantal verzoeken tot re-integratie door werkgevers en adviserend geneesheren', zegt Heidi Verlinden. 'Bij ruim de helft van de verzoeken leidt dit wel nog tot een ontslag om medische redenen, en dus niet tot re-integratie bij de huidige werkgever. Maar dit is alvast beter dan arbeidsongeschikt blijven, want het opent mogelijkheden voor een job elders'.Hoe anders is het beeld bij zelfstandigen.Zelfstandigen kunnen wel tegen een stootje, dat is bekend. Twee op de drie (65 procent) van de zelfstandigen in hoofdberoep blijven meestal aan het werk, zelfs als ze ziek zijn. Dat blijkt uit een bevraging van hr-dienstverlener Acerta bij 2.561 zelfstandigen. Bijna 40 procent (38,8) blijft zelfs altijd aan het werk, ook al zouden ze onder de wol moeten kruipen.Wie denkt dat langdurende, ernstige ziektes een ander beeld geven, heeft het verkeerd voor. Ook daar blijven zelfstandigen maar doorgaan. Iets meer dan 40 procent geeft ondanks een langdurende ziekte aan te blijven werken. Alleen griep lijkt zelfstandigen klein te krijgen: 50 procent begrijpt dat je een dergelijk virus moet uitzieken. Waarom geven zelfstandigen zo moeilijk toe aan ziekteverzuim? Voor bijna 60 procent (59,3) is het duidelijk: niet werken betekent geen inkomen. Ook deadlines die zijn afgesproken met klanten en/of leveranciers, houden hen uit het ziekbed (55,5 procent). Sommige zelfstandigen (14,9 procent) willen zich aan hun vaste openingsuren houden. Met een werknemersstatuut zijn zelfstandigen minder streng voor zichzelf, maar dan nog. Ook dan zou één op de drie (36,2 procent) nog aan het werk blijven. Opvallend en tegelijk onrustwekkend volgens Acerta: gemiddeld 7 procent van de zelfstandigen heeft geen enkele bijkomende verzekering voor het geval ze ziek zouden worden. 'Zelfstandigen houden graag zelf de controle, dat is inherent aan hun statuut', zegt Els Schellens van de hr-dienstverlener. 'Ze hebben niet snel de reflex om elders oplossingen te zoeken. Maar soms slaat de slinger wel door.' Behalve de ziekte-uitkering voor zelfstandigen zijn er nog andere vangnetten in geval van langere werkonbekwaamheid, aldus Schellens. Zo voorziet de verzekering gewaarborgd inkomen een dekking vanaf een arbeidsongeschiktheid van 25 procent.