24/02/11 om 16:06 - Bijgewerkt om 16:06

Wil de nieuwe Jef Houthuys opstaan?

De ontslagnemende regering-Leterme giet dezer dagen haar bemiddelingsvoorstel voor het interprofessioneel akkoord in wetteksten.

Vooral de socialistische vakbond blijft zich luidkeels verzetten, zelfs tegen het door de regering gesuikerde akkoord. In maart komen er acties en de onderhandelingen in de sectoren kondigen zich behoorlijk moeilijk aan.

In de slipstream van het gedoe lijkt de discussie over de index te verzanden in een debat over de prijsvorming voor energieproducten. Twee belangrijke dossiers dreigen hier door elkaar gehaspeld te worden, met als gevolg dat geen van beide de behandeling krijgt die zich acuut opdringt.

Als het fout zit met de prijsvorming voor energieproducten, vooral elektriciteit, - en veel wijst erop dat dit inderdaad zo is - dan los je dat niet op door de energieprijzen anders te berekenen of anders in de index te brengen. Dan moet er ten gronde gesleuteld worden aan de concurrentiële omstandigheden op die energiemarkten en aan de regelgeving.

Die discussie staat volkomen los van wat er met de index moet gebeuren. Willen we in de eurozone tot een efficiënt sociaaleconomisch beleid komen, dan moeten we de indexering zoals we die vandaag kennen integraal loslaten. Wie dat niet inziet, heeft echt niet begrepen wat het lidmaatschap van een monetaire unie aan onvermijdelijke consequenties met zich brengt (zie blz. 26).

Dat mensen als premier Yves Leterme en vicepremier Laurette Onkelinx zich onverzettelijke strijders voor het behoud van het indexmechanisme tonen, heeft natuurlijk alles te maken met de impact van de vakorganisaties. Leterme behoort in de CD&V tot de ACV-vleugel en de PS is het politieke aanhangsel van de socialistische vakbond.

De vakbonden verdedigen in deze en andere discussies van langsom meer het corporatistische belang van hun groep, zoals trouwens vele andere belangengroepen dat ook doen. Bijvoorbeeld elektriciteitsmaatschappijen, grootbanken, boerenorganisaties en federaties van vrije beroepen. De vakbonden slagen er voortdurend in om, beter dan de meeste andere belangengroepen, hun corporatistische kreten te verkopen als ingegeven door het algemeen belang. Wat dus helemaal niet meer klopt.

Om tot een serene discussie te komen over de afschaffing van het indexmechanisme moeten vakbondsmensen opstaan die bereid zijn om het algemeen belang te laten primeren op het enge groepsbelang. Dat vergt een type van moed en burgerzin waar het binnen belangengroepen meestal aan ontbreekt. Nochtans zijn er binnen het vakbondsgebeuren duidelijke voorbeelden. Dat van ACV-boegbeeld Jef Houthuys ten tijde van de devaluatie van februari 1982, spreekt wellicht het meest tot de verbeelding.

De grijsaards onder ons roepen nu in koor: "Poupehan", het liefelijke Ardense dorp waar Wilfried Martens, Fons Verplaetse (Nationale Bank), Hubert Detremmerie (topman van de toenmalige ACV-bank BAC) en Jef Houthuys in de loop van 1981 tot de conclusie kwamen dat het zo niet verder kon. Forse ingrepen drongen zich op, ook al omdat internationale instellingen als het IMF dreigende taal begonnen te hanteren.

"Fons, Hubert, zeg me wat er moet gebeuren en ik sleur het er bij mijn achterban door", besloot Houthuys volgens de overlevering een van de vele Poupehan-wandelingen van het kwartet. In februari 1982 vond de devaluatie van de Belgische frank plaats. Het pakket begeleidende maatregelen bestond onder meer uit een tijdelijke opschorting van de automatische indexering en een aantal ingrepen in de sociale zekerheid. Houthuys hield woord en de sociale rust bleef bewaard.

België staat er sociaaleconomisch zeker niet zo beroerd voor als aan het begin van de jaren tachtig. Toch staat het buiten kijf dat er zich serieuze ingrepen opdringen: ons concurrentievermogen kalft af, de tewerkstellinggraad blijft veel te laag en de publieke financiën zijn volstrekt onvoldoende voorbereid op de financiële schok van de vergrijzing.

De euro maakt dat we een devaluatie niet meer kunnen gebruiken als breekijzer om het beleid in beweging te brengen. De noodzaak aan moedige beleidsmensen komt daardoor nog uitdrukkelijker aan de oppervlakte. Dit geldt zeker niet alleen voor de vakbonden, maar met hun enorme impact op de politieke besluitvorming moet er zeker in die hoek iets fundamenteels veranderen tegenover het trieste spektakel dat nu wordt opgevoerd.

Onze partners