04/05/11 om 08:13 - Bijgewerkt om 08:13

Portugal geciviliseerde versie van Grieks drama

Trends hoofdredacteur Johan Van Overtveldt stelt zich drie vragen bij het hulppakket van 78 miljard euro dat Europa ter beschikking stelt van Portugal.

De contouren lagen al weken vast maar gisterenavond kreeg het een officiële stempel: Portugal bereikte een akkoord met de EU en het IMF voor een financieel hulppakket ter waarde van 78 miljard euro gespreid over drie jaar. In ruil voor deze steun belooft Portugal besparingen, structurele hervormingen en sanering van de financiële sector. Details hieromtrent ontbreken nog in belangrijke mate. Het Portugees begrotingstekort bedroeg in 2010 9,1% van het BBP en zou naar 3% moeten tegen 2013.

Het hulppakket voor Portugal drong zich op omdat het land zich aan de rand van het bankroet bevindt. Niet enkel was de toegang van het land tot de financiële markten erg moeilijk geworden, de financieringskost die het land diende te torsen was ook zeer hoog aan het oplopen. De onderhandelingen omtrent het hulppakket werden zwaar bemoeilijkt door het feit dat de regering Socrates demissionair is. Op 5 juni gaan de Portugezen naar de stembus.

Na Griekenland (110 miljard euro) en Ierland (85 miljard euro) is Portugal nu de derde eurolidstaat die een beroep moet doen op het noodfonds opgericht door de EU en het IMF in het kader van de eurocrisis. Voor zover nodig herinnert de Portugese saga er ons aan dat deze eurocrisis absoluut nog niet voorbij is, integendeel zelfs. Diverse vragen blijven vandaag erg aan de orde.

Ten eerste, gaan deze hulpprogramma's werken? Voor Ierland mag er enige hoop gekoesterd worden dat het land zich er zal doorsleuren maar dit is een optimistische lezing van het scenario. Griekenland daarentegen is een complete puinhoop. Het land zit meer dan ooit tot over de oren in de puree. De saneringsinspanningen, met veel moed en enig tastbaar resultaat ingezet begin vorig jaar, vielen onder druk van het gewelddadig protest in de zomer van 2010 compleet stil. Het begrotingstekort blijft onhandelbaar groot en de recessie houdt aan. Griekse staatsobligaties op 10 jaar gaan nog van de hand aan een rente van ... 25%. De notering van de zogenaamde recovery swaps leert ons dat de markten er nu van uitgaan dat Griekeland op weg is naar default a rato van 55%. De markten zeggen dus dat Griekenland minstens de helft van de uitstaande schulden zal moeten kwijtgescholden worden. Een realistische inschatting is dat Portugal een iets geciviliseerdere maar niet fundamenteel verschillende versie van het Griekse drama zal worden.

Ten tweede, wat betekent dit allemaal voor de situatie van de Europese banken? Er kan maar weinig twijfel over bestaan dat een Griekse default een harde noot om kraken zal zijn voor de Europese banken die qua solvabiliteit nog altijd wankel te been zijn. In de loop van juni komen de Europese instanties met de resultaten van de nieuwe stress tests uitgevoerd op het Europees bankwezen. Komt men niet verder dan de schertsvertoning die de stress tests van vorig jaar waren dan zal de reactie van de markten snel en doortastend zijn. Bijvoorbeeld miskenning van de onvermijdelijkheid van een Griekse default zou een dramatische vergissing zijn. Het vertrouwen in het Europese gegeven brandt nu al op een laag pitje.

Ten derde, blijft de eurobrand beperkt tot de bossen van Griekenland, Ierland en Portugal? Dit is koffiedik kijken. Spanje wordt steevast genoemd als de vierde haard van grote onrust vooral als gevolg van de enorme problemen bij de regionale spaarkassen. Ook het onder controle houden van de regionale overheidsbudgetten vormt een groot potentieel probleem in Spanje. Eén ding staat vast: als ook Spanje onderuit gaat, komen er inzake benodigde hulp heel andere cijfers op tafel dan die voor Griekenland, Ierland en Portugal. De som van wat het tot nu kostte om die drie landen op de been te houden, is geen slecht beginpunt voor de inschatting van waar het in Spaanse reddingsoperatie zou om gaan.

Onze partners