De MBA ontsnapt niet aan de crisis

24/05/13 om 16:17 - Bijgewerkt om 16:17

Bron: Trends

Tijdens de crisis is de meerwaarde van een MBA intact gebleven. Maar werkgevers zijn almaar minder bereid de kosten te betalen. Daardoor stijgt het aantal studenten dat een executive MBA volgt. Die opleiding valt te combineren met een loopbaan.

Een MBA is de Rolls-Royce onder de businessopleidingen. Wie zo'n diploma behaalt, behoort meteen tot een elite. Zelfs tijdens de crisis is de meerwaarde van een MBA intact gebleven. "We beleven woelige economische tijden. Die hebben overal ter wereld een impact op het aantal vacatures", zegt Nunzio Quacquarelli, de directeur van het internationale consultancybureau QS Consulting, dat is gespecialiseerd in hoger onderwijs. "Maar in plaats van te snoeien in het personeelsbestand, rekenen de werkgevers van MBA'ers op die talentrijke medewerkers om de moeilijkheden het hoofd te bieden."

Het recentste verslag van QS, dat dateert van eind 2012, heeft het over een "robuuste" vraag naar medewerkers met een MBA bij Aziatische en Amerikaanse werkgevers. De vraag vertraagt alleen in Europa. In landen die worstelen met een hoge overheidsschuld zoals Griekenland, Italië en Ierland sputtert de rekrutering van MBA-houders het meest. Maar er zijn uitzonderingen. Rusland bijvoorbeeld is een markt in volle expansie: in 2012 steeg de vraag naar MBA'ers er met 70 procent. "Er is een grote behoefte aan niet-Europese medewerkers in de hoofdkwartieren van Europese bedrijven die meer omzet willen realiseren buiten het oude continent", vertelt Nunzio Quacquarelli. De MBA is meer dan ooit een diploma voor reisduiven.

De kandidaat betaalt

Zelfs voor de crisis liep de financiële bijdrage van de werkgevers aan de opleiding van hun (vaak toekomstige) werknemers al terug. Na 2008 schroefden de werkgevers hun tegemoetkomingen nog meer terug, al blijft zo'n opleiding een uitstekende incentive om talentvolle medewerkers aan boord te houden. Slechts 12 procent van de studenten aan het Insead, de prestigieuze Franse businessschool, krijgt zijn studie terugbetaald door hun werkgever. Tegen 2014 kost die opleiding dan ook 59.500 euro.

De scholen en de kandidaten organiseren zich om geld bijeen te brengen. De vraag naar leningen bij de banken of de scholen en naar beurzen is groot, want vaak zijn de eigen middelen of die van de familie ontoereikend. Vooral het toenemende succes van deeltijdse MBA's is een symptoom dat de werkgevers afhaken. Parttime of executive MBA's (EMBA's) krijgen almaar meer de wind in de zeilen.

Hoog inkomen

Quacquarelli bestudeerde de wereldwijde loonprogressie van de gediplomeerden. In Noord-Amerika en Europa verdient een werknemer die vrij recentelijk zijn MBA heeft gehaald ruim 100.000 dollar per jaar. Dat zijn de best betalende regio's, gevolgd door het Midden-Oosten en Afrika, waar het gemiddelde 70.000 dollar bedraagt. Alumni met een langere ervaring verdienen nog meer. En wie aan de beste scholen kan studeren, heeft nog een hoger loon. De houder van een diploma aan een elite global-school mag een jaarinkomen van gemiddeld 101.100 dollar verwachten. In Europa bieden het Insead, de London Business School en de Spaanse Esade Business School uitzicht op een jaarsalaris van 109.000 dollar. De emerging regional-scholen (businessscholen die volgens QS enkel een nationale uitstraling hebben) staan garant voor een jaarsalaris tussen 35.000 en 110.000 dollar. In dat domein blijkt de conjuncturele onrust weinig impact te hebben.

Maar een hoog inkomen is niet de enige drijfveer van de studenten. Er zijn er ook die hun eigen project willen lanceren, nieuwe competenties willen ontwikkelen of een andere functie ambiëren. Of hun verwachtingen uitkomen nadat ze hun diploma hebben behaald, valt moeilijker te onderzoeken. "Een MBA is in het zakenleven geen tovermiddel, maar helpen doet het zeker. Bovendien geeft het toegang tot een netwerk", stelt Quacquarelli. De nieuwe trends in de lesprogramma's, zoals maatschappelijk verantwoord ondernemen en het opstarten van bedrijven, geven de diploma's een extra meerwaarde.

Olivier Standaert

Onze partners