'Elk kind bij de geboorte een materiepaspoort met honderd kilo plastic'

25/06/15 om 17:55 - Bijgewerkt om 17:55

Bedrijven moeten hun productieketens radicaal inkorten. Door dat te doen, wordt hun zakenmodel duurzamer en socialer, zegt de Nederlander Jan Jonker. "Duurzaam ondernemen is een opportuniteit geworden."

'Elk kind bij de geboorte een materiepaspoort met honderd kilo plastic'

Jan Jonker, professor duurzaam ondernemen Radboud Universiteit Nijmegen/Toulouse Business School © Wouter Rawoens

Jan Jonker, professor duurzaam ondernemen aan de Radboud Universiteit Nijmegen/Toulouse Business School, grijpt naar de Zweedse meubelsupermarkt Ikea om een voorbeeld te geven van hoe bedrijven hun zakenmodel kunnen aanpassen. De goedkope meubels van Ikea stonden vroeger bekend als het tegendeel van duurzaam. Je gebruikte ze een tijdje en daarna deed je ze weg. In het beste geval belandden ze in het containerpark. "Ikea kan die stoel voorzien van een materiepaspoort en dat koppelen aan 3D-printing", legt Jonker uit. "Dan koop je voor de zomer een 3D-geprinte stoel, zit je er een zomer lang op en geef je hem na de zomer weer af bij Ikea. Dat is een nieuw businessmodel met volledig transparant zicht op wat er met de materialen gebeurt. Dat kan je doortrekken naar de eindgebruiker. Ik pleit ervoor dat alle kinderen bij hun geboorte een materiepaspoort krijgen met daarop bijvoorbeeld 100 kilogram plastic. Daarmee moet je het de rest van je leven doen. Dat is een idee dat echt kan."

Jonker heeft haast. Niet voor het interview dat we van hem afnemen, maar wel bij het overtuigen van bedrijven om anders over duurzaamheid te denken. "Ondernemers moeten stoppen duurzaamheid 'erbij' te doen", zegt hij. "Ze moeten dringend hun maatschappelijke doelen even belangrijk maken als hun financiële ambities." Zijn recepten zijn vaak radicaal, maar nooit fictie en hij verdedigt ze met de Hollandse flair. In zijn boek Nieuwe Business Modellen vertrekt vanuit de manier waarop bedrijven hun keten duurzamer kunnen beheren.

Schakels

Veel bedrijven focussen al op duurzaamheid. Ze stellen bijvoorbeeld een manager voor maatschappelijk verantwoord ondernemen aan en maken een jaarlijks duurzaamheidsverslag. Maar dat volstaat niet, blijkt uit het betoog van de Nederlandse managementdenker. Ze denken nog te vaak naïef over hun productieketen, waarbij ze veel moeite stoppen in kleine efficiëntiewinst. Jonker wil dat bedrijven hun productieketens op een radicale manier korter maken: niet van zeventien productieschakels naar twaalf, maar naar drie.

Aan de ene kant wordt er in Europa wel veel meer nagedacht over kortere ketens, maar ze blijven ingewikkeld en lang. "Als we willen groeien naar een moderne vorm van duurzaam ondernemen, dan is een beter ketenbeheer de juiste eerste stap", zegt Jonker. "Het is sociaal en financieel voordelig om ketens in te korten." Het leidt tot 'eco-efficiëntie', een concept dat volgens Jonker al 21 jaar bestaat, maar nu pas begint door te dringen in de bedrijfswereld. "Duurzaam ondernemen is een opportuniteit geworden."

Van zeventien naar drie productieschakels klinkt mooi, maar hoe realistisch is dat? En wie zegt dat een kortere keten ook een meer duurzame keten is? Jan Jonker: "Zo lang je slechts van zeventien naar vijftien schakels gaat, ben je suboptimaal bezig. Het blijft 'business as usual'." Bedrijven die radicaal verkorten, worden verplicht ook na te denken over hoe ze waarde creëren met hun zakenmodel. Ze worden gedwongen slimmer te kijken naar hoe ze omgaan met grondstoffen, samenwerkingen met anderen of hun restafval. Zo belanden ze vanzelf bij integraal circulair denken over hun keten. In een circulaire economie wordt afval hergebruikt als grondstof.

Wouter Temmerman

Onze partners