AAMS-Salvarani: 'Vroeg begonnen, markt gewonnen'

04/11/15 om 15:22 - Bijgewerkt om 15:22

Een wereldtopper in een hele kleine niche. AAMS-Salvarani produceert keuringsapparatuur voor spuittoestellen in de gewasbescherming.

AAMS-Salvarani: 'Vroeg begonnen, markt gewonnen'

© .

Wereldmarktleider in de niche van een niche. Zo typeert Jan Langenakens, de zaakvoerder van AAMS-Salvarani, zijn bedrijvigheid. De onderneming ontwikkelt en bouwt meetapparatuur voor de uitvoering van officiële keuringen van spuittoestellen in de gewasbescherming.

Nochtans startte Langenakens in 2002 met AAMS (Advanced Agricultural Measurement Systems) zonder klanten of producten. Hij wist dat de Europese Unie een richtlijn zou goedkeuren die de keuring verplichtte. Toch duurde dat nog tot 2009, waarna het wachten bleef op de nationale regelgevers. AAMS legde de boeken neer, maar met de steun van het Italiaanse Salvarani, dat onderdelen van spuittoestellen produceert, volgde eind 2012 een doorstart. Langenakens benadrukt dat hij niet enkel dankzij de wetgeving potentieel zag. "De keuringen zijn door iedereen gewild. Landbouwers halen betere resultaten en het milieu is erbij gebaat. Ook de gewasbeschermingsproducenten juichen het toe, want het brengt hen minder claims en een makkelijker erkenning van nieuwe producten."

Omzet uit export

In het eerste verlengde boekjaar van zes kwartalen tot juni 2014 realiseerde AAMS-Salvarani een omzet van 1,5 miljoen euro. "In ons tweede verlengde boekjaar tot eind 2015 zullen we op een omzet van 2,4 miljoen euro landen", zegt Langenakens.

De productie van de meetapparatuur gebeurt in Vlaanderen. Daarna gaan de toestellen naar vijftig landen. Van de omzet komt 99,7 procent uit export. Duitsland is de grootste markt, maar het potentieel is groot. Langenakens: "Uiterlijk begin november 2016 moet elk toestel in Europa minstens één keer zijn gekeurd. Vandaag is nog geen kwart van de spuittoestellen gekeurd."

In België verkoopt AAMS-Salvarani weinig. De overheid trekt de keuring naar zich toe, maar beschikt over slechts vier testteams, terwijl de Nederlandse private markt 200 teams telt. "In Nederland of Duitsland trekt een keuringsstation al gauw 25.000 euro uit voor een uitrusting", zegt Langenakens. "Gemiddeld heeft een meettoestel een levenscyclus van tien tot vijftien jaar, maar gezien de vele nieuwe markten is die lange cyclus niet echt een probleem. In Duitsland, waar de keuringen in 1992 verplicht werden, zitten we nu in een vervangingsmarkt. We merken dat die markt desondanks goed blijft voor bijna een kwart van onze omzet."

De komst van Salvarani als partner was ook in dat opzicht toekomstgericht. "We zijn ook gestart met het commercialiseren van de componenten van Salvarani. Dat wordt een tweede poot waardoor we op termijn minder afhankelijk zijn van één niche". (WT)

Onze partners