Daan Killemaes
Daan Killemaes
Hoofdredacteur Trends
Opinie

29/07/10 om 10:31 - Bijgewerkt om 10:31

Konijnenpooteconomie

We zijn bijna allemaal staatskapitalisten nu. In het Westen staan we weliswaar nog ver van het Chinese staatskapitalisme, maar ook hier zullen de overheden en centrale bankiers nog jaren een hoofdrol spelen in de economie.

Hun succesvolle ingrijpen heeft een nieuwe depressie in de kiem gesmoord, maar de grootschalige reddingsoperaties hebben voorlopig niet meer dan een kunstmatig hersteld gebaard. De bocht naar een duurzaam herstel moet nog genomen worden, en het stuur ligt in handen van beleidsmakers die weliswaar het crisismanagement op korte termijn beheersen, maar slecht zijn in het scheppen van duurzame groei en stabiliteit op lange termijn.

Beleidsfouten vormen de volgende jaren de grootste bedreiging voor de wereldwijde welvaart. En zelfs als de Obama's en Trichets van deze wereld het goed met u voor hebben, dan nog zullen ze onvermijdelijk de bal misslaan. Te veel, te weinig, te vroeg, te laat, te zacht, te bruusk,.... De kans dat de beleidsmakers de juiste medicatie in de juiste dosis toedienen, is klein. We leven nu eenmaal in een bijzonder complexe wereldeconomie, waarin de waarheid gegijzeld wordt door soms onvoorspelbare gemoedsveranderingen van u en mij, en waarbij elke beleidsactie zich met vertraging een weg door het systeem moet zoeken.

Bovendien biedt het verleden geen leidraad. Het huidige reflatiebeleid is een groot experiment. De overheidstekorten en schulden stijgen tot recordniveaus in vredestijd. Centrale bankiers hebben enorm veel geld in de economie gepompt. De piloten vliegen op onbekend terrein, en de kaart is wazig. We kunnen alleen maar hopen dat we heelhuids de bestemming bereiken. Wijsheid en kunde klaren de klus niet langer, we hebben ook een stevige konijnenpoot of andere geluksbrenger nodig.

Maar ook de wijsheid en kunde zijn niet gegarandeerd. Een groot gevaar is dat de beleidsmakers het lot nog eens tarten, en de economie weer aan de praat willen krijgen door de intussen decenniaoude kredietzeepbel nog eens nieuw leven in te blazen, deze keer met overheidschulden en vers gedrukt (en dus nep) geld. Deze vluchtweg is verleidelijk, want loopt gemakkelijker voor politici die nooit veraf van de volgende verkiezingen staan, en die in een klimaat van aanhoudend hoge werkloosheid en een algemeen gevoeld van onbehagen voor hun politiek overleven moeten vechten.

De oude reflatietruc kan nog een laatste keer werken, maar de enige garantie van dit beleid is dat de volgende crisis nog heviger zal zijn, en niet meer zonder een zware sociaaleconomische ontwrichting verteerd kan worden.

Een andere grote valkuil is dat de beleidsmakers zichzelf in slaap wiegen. Het kunstmatige herstel dat ze zelf ontworpen hebben, of geruststellende stresstesten (die eigenlijk niet veel bewijzen) dreigen de druk van de ketel te halen, terwijl overheden het mes op de keel nodig hebben om te doen wat ze moeten doen. België bijvoorbeeld heeft zich relatief goed door de crisis geslagen, maar of de les echt begrepen is, moet nog blijken uit de regeringsonderhandelingen.

Alleen een gezonde groei kan de schuldenhypotheek lichten die op de wereldwijde economie rust. Maar deze groei komt niet uit de lucht vallen. Groei vraagt investeringen, eist hervormingen in de sociale zekerheid, veronderstelt een sanering van de overheidsfinanciën, en kan niet zonder een stabiel financieel systeem Het trackrecord van de bewakers van deze deugden, de politici en centrale bankiers, is allesbehalve overtuigend. Tijdens de goede jaren was het vergeefs roepen in de woestijn om de overheidsfinanciën op het juiste spoor te zetten. En nu, tijdens de slechte jaren, heten overheidstekorten een deel van de oplossing te zijn.

Quod non. Schulden bestrijden met schulden, verlengt alleen maar de crisis en staat een nieuwe duurzame start in de weg. En als de overheden hun huiswerk niet maken, hebben de centrale bankiers vaak geen andere keuze dan hun principes overboord te gooien en geld te drukken om de economie drijvende te houden. Ook al levert dit hoogstens uitstel van executie op. Bovendien hebben de centrale bankiers verre van de wijsheid in pacht. Sinds de wereld afscheid nam van de goudstandaard begin vorige eeuw, is de monetaire geschiedenis een aaneenschakeling van periodes van inflatie, zeepbellen, crises en wisselkoersinstabiliteit. Ook centrale banken zijn dus goed in crisismanagement, maar hebben de heilige graal van stabiliteit op lange termijn nog niet gevonden. Ook hier is het vingers kruisen dat ze de juiste snaren raken.

De situatie is dus nog voor jaren instabiel en gevaarlijk, maar niet uitzichtloos. Het komt erop aan om de volgende jaren te doorspartelen zonder dat panikerende overheden de toekomst onderuit schoppen. Het kapitalisme is regeneratief en vernieuwend. Nieuwe technologie en eeuwige ondernemersdrift zijn onvermoeibare krachten die de economie nieuw leven zullen inblazen. Daar is geen geluk voor nodig. Voorwaarde is wel dat beleidsmakers een klimaat scheppen waarin deze krachten zich kunnen ontplooien. En daarvoor is op dit moment wel een stevige dosis geluk nodig.

Daan Killemaes, chief economist van Trends

Onze partners