Geert Noels
Geert Noels
Geert Noels is chief economist van Econopolis.
Opinie

01/10/10 om 15:56 - Bijgewerkt om 15:56

Honger als drijfveer

Ik vraag me af hoe China wordt geleid. Zoals de Sovjet-Unie, waar enkele oude mannen amechtig trachtten de touwtjes in handen te houden? Of zou het een hypermoderne board room zijn, waar jonge en scherpe analisten de leiders hun inzichten presenteren, en discussiëren over de mogelijke scenario's? Hoe modern China van buitenaf ook oogt tegenover de roestige USSR van net voor de val, zo oubollig zijn de structuren gebleven.

Het lijkt me heel aannemelijk dat de grote lijnen vrij voorspelbaar tot stand komen. Tot voor kort werden de enorme deviezenreserves van China bijna mechanisch omgezet in aankopen van Amerikaans schuldpapier. Maar dat proces is enkele kwartalen geleden volledig stilgevallen. De appetijt van de Chinese beslissingsnemers is omgeslagen in constipatie: ze willen nu liefst van het papier af.

Maar wat doe je dan met alle dollargerelateerde reserves die binnenstromen? Een of andere leidinggevende Chinees heeft volgens mij het simpele idee geopperd om in plaats van dollarschuldpapier, dollargerelateerde activa te kopen. Dat werd in 2005 al eens voorzichtig geprobeerd, toen de Chinezen het Amerikaanse oliebedrijf Unocal wilden kopen, met een hoger bod dan dat van ChevronTexaco. Onder politieke druk werd dat bod ingetrokken. Toen waren de Chinezen hongerig naar energie, en vooral olie.

Vandaag groeit een ander soort druk: voedsel. Met bijna een kwart van de wereldbevolking en slechts 5 tot 7 procent van de wereldwijde landbouwoppervlakte heeft China een enorme achilleshiel. De Chinezen moeten een maximale opbrengst halen uit hun landbouw, en daar heb je krachtige mest voor nodig, in massale hoeveelheden. Een van de belangrijkste verrijkers is kalium, ook wel potassium (potash) genoemd. Zonder potassium geen rijke oogsten. Dat kostbare goedje wordt gedolven in een beperkt aantal landen en mijnen. Een derde komt uit Canada, waar Potash Corp. of Saskatchewan (spreek dat eens drie keer na elkaar uit), de belangrijkste speler is.

Voor de oude Chinese leiders is de redenering dus eenvoudig: gevaar = honger = landbouw = meststof = potassium = ... Saskatchewan kopen.

De Chinezen hebben net zoals toentertijd met Unocal, een biedoorlog tegen BHP gestart, de grootste mijnbouwer ter wereld. Leuk voor de aandeelhouder, maar er is nog een groter en belangrijker verhaal. Sinds 1960 is de wereldbevolking ruwweg verdubbeld. De landbouwoppervlakte is sindsdien wereldwijd 8 procent groter geworden. Zo goed als niets dus. De productiviteit van de landbouw is dus letterlijk levensbelangrijk. Met klimaatwijzigingen wordt de uitdaging voor de boeren alleen maar groter. Twee factoren worden daarom strategisch belangrijk: water en meststoffen. De Chinezen hebben net een bod gedaan op een derde van de belangrijkste bodemverrijker. Ze denken strategisch en kopen activa, terwijl het Westen de schulden opstapelt.

China heeft honger, naar voedsel en echte activa. China zet strategisch zijn pionnen en geld, niet zijn legers.

Reacties zijn welkom op trends@econopolis.be

Onze partners