15/11/12 om 11:09 - Bijgewerkt om 11:09

Het uur van de waarheid

De Europese Unie, de Verenigde Staten en China maken samen ruim de helft van de wereldeconomie uit. Op basis van de cijfers van 2011 staat de EU voor 20,8 procent van de wereldeconomie, de VS voor 19,1 procent en China voor 14,3 procent. Elk van deze drie grote blokken staat voor cruciale beslissingen.

De Europese Unie, de Verenigde Staten en China maken samen ruim de helft van de wereldeconomie uit. Op basis van de cijfers van 2011 staat de EU voor 20,8 procent van de wereldeconomie, de VS voor 19,1 procent en China voor 14,3 procent. Elk van deze drie grote blokken staat voor cruciale beslissingen.

Welke richting het uitgaat, werpt niet alleen voor elk blok apart een lange schaduw over de toekomst, het heeft voor de wereld als geheel verregaande consequenties. Een ding is daarbij absoluut gemeenschappelijk: het onvermogen van het beleid om de uitdagingen echt aan te pakken. Kick the can down the road blijft voor de publieke beleidsniveaus de meest voorkomende houding.

De VS staan niet alleen voor een fiscal cliff op korte termijn, hun publieke financiën zitten voor de langere termijn op een onhoudbare koers. Democraten en Republikeinen lijken zich na de jongste verkiezingen in te graven in egelstellingen. De Republikeinen blijven elke vorm van belasting- verhoging afwijzen. De Democraten van president Barack Obama slagen er niet in plannen voor een coherent begrotingsbeleid te ontvouwen. Naast, maar toch ook weer gekoppeld aan de problematiek van de publieke financiën, zijn er in de VS enorme problemen met de kwaliteit van de infrastructuur en het onderwijs. Allemaal urgente zaken waar politiek Washington maar geen blijf mee weet.

In China krijgen de partij en het land met Xi Jinping een nieuwe leider. Het moet blijken in hoeverre vanuit de voorbije hoogmis van de Communistische Partij een oplossing kwam voor de prangende problemen waar de Aziatische gigant mee kampt. De vergrijzing van de bevolking, de corruptie en de ecologische degeneratie zijn drie acute problemen voor China, maar lang niet de meest beklemmende. We moeten het onvermijdelijk hebben over de noodzakelijke, fundamentele omslag in de organisatie van de economie van een exportmodel naar een model met veel meer binnenlandse expansie. En over het stijgende spanningsveld tussen politieke dictatuur en toenemende welstand en het daaraan onvermijdelijk gekoppelde verlangen naar meer vrijheid en meer levenskwaliteit. De Chinese elite geeft absoluut niet de indruk dat ze die problemen op een doortastende wijze wil en kan aanpakken.

In Europa blijft de crisis in de eurozone onverbiddelijk duren. De periode van relatieve rust op dat front mag geen zand in de ogen strooien. Een monetaire unie vereist een politieke unie en flexibele arbeidsmarkten om efficiënt en duurzaam te kunnen functioneren. Stappen in die richting zijn al gedaan, maar het grootste stuk van de weg moet nog afgelegd worden. Toenemende nationalistische reflexen gooien steeds meer roet in het eten. Tegelijk met die aanpassingen moeten nagenoeg alle Europese landen grondig orde op zaken stellen in hun publieke financiën. Bij het huidige beleid stormen ze allemaal af op onhoudbare situaties in de schuldevolutie, een realiteit die ook geldt voor niet-eurolanden als de VS, het Verenigd Koninkrijk en Japan. Het gebrek aan een ernstige aanpak van die twee fundamentele problemen maakt het voortbestaan van de EU zoals we die vandaag kennen onmogelijk.

Het valt op hoe de beleidselite in elk van de drie grote economische wereldblokken erg worstelt met de aanpak van de problemen die zich aandienen. Meer nog, ondanks veel retoriek dansen ze gewoon om de hete brij heen. Dat heeft alles te maken met de omvang van die problemen. Zowel de VS en Europa als China kunnen niet meer morrelen in de marge. De voorbije periode is afdoende gebleken dat hun aanpak niet meer volstaat. Je kan een longontsteking niet op dezelfde manier aanpakken als een verkoudheid. Het maatschappelijk model in elk van de drie grote blokken vereist ingrijpende wijzigingen, structuurbreuken. Zowel in democratische als in dictatoriale regimes valt het de politieke elite erg moeilijk dat beleidsgericht onder ogen te zien.

Dezelfde vaststelling kan ook voor België en Vlaanderen gemaakt worden. De discussie over de begrotingsopmaak en het concurrentievermogen van onze economie - wat nu, na Ford Genk? - illustreert het treffend. Het inzicht groeit dat er veel meer moet gedaan worden dan de voorbije jaren. Tegelijk zie je iedereen verkrampen op de oude, om niet te zeggen ouderwetse, standpunten. Nagenoeg iedereen beseft dat het anders moet, om 1001 redenen slaagt men er niet in die sense of urgency te vertalen in beleid. Net als in de VS, in China en op Europees niveau geldt ook voor België de vaststelling dat de marge om nog via kleine aanpassingen de boot drijvend te houden voortdurend krimpt. Het uur van de waarheid komt er onvermijdelijk aan. De hamvraag lijkt steeds meer te zijn hoeveel ontsporing en achteruitgang we nog tolereren voor echt de hand aan de ploeg wordt geslagen.

Onze partners