08/02/12 om 08:46 - Bijgewerkt om 08:46

Het PS-gif

Nadat de PS met haar beleid de voorbije decennia Wallonië ten gronde heeft gericht, is de partij nu druk bezig hetzelfde te doen met België.

Het PS-gif

© reuters

De nieuwe pensioenwet wordt bijgesteld. Er komen overgangsregelingen, waardoor de noodzakelijke aanpassingen aan ons pensioenregime nog wat verder in de tijd worden opgeschoven. Toen de wet kort voor Nieuwjaar op tafel kwam en onmiddellijk heibel veroorzaakte, stelde onder anderen minister van Pensioenen Vincent Van Quickenborne (Open Vld) dat we uiteindelijk nog een stuk verder zouden moeten gaan in de omvorming van ons pensioenstelsel. Rond die bijkomende maatregelen blijft het dezer dagen oorverdovend stil. Het is nu vooral terugkrabbelen op de gedane stappen.

De ommezwaai in de regering ten aanzien van de acute pensioenproblematiek heeft veel te maken met het vakbondsprotest en de grote gevoeligheid daarvoor binnen de PS, de partij van eerste minister Elio Di Rupo. Het toenemende aantal ontslagen en herstructureringen werkt versterkend. Degelijke besluitvorming ligt sowieso al erg moeilijk binnen deze coalitie, maar vooral de PS werpt zich toch hoe langer hoe meer op als de partij van het njet, de partij van het compleet immobiliserende conservatisme. Dat blijkt niet enkel uit een dossier als de pensioenhervorming, maar ook uit vele andere dossiers.

Tot de meest sprekende van die andere dossiers behoren zeker dat van migratie en asiel en dat van de indexproblematiek. Aan de basis van de voortdurende heisa in het asiel- en migratiedossier ligt de weigering, vooral geïnspireerd door de PS, om tot een goed doordacht intrede- en exitbeleid te komen. De PS wil een soort van gratuite opendeurpolitiek, maar de partij wil blijkbaar niet de politieke en de maatschappelijke gevolgen daarvan onder ogen zien. Van een beleid waarbij je migratie gedeeltelijk afstemt op de behoeften van onze eigen maatschappij en economie wil men bij de PS helemaal niet horen.

Na enig geroep vanuit ABVV- en vooral FGTB-hoek vormt de automatische koppeling van de lonen aan de index van de consumptieprijzen ook al geen bespreekbaar thema meer voor de Waalse socialisten. Zulk een ingreep kan soelaas bieden voor de begroting van dit jaar en ze kan het gehavende concurrentievermogen van onze ondernemingen ten goede komen. Maar dit type van argumenten werkt de PS-bonzen alleen maar op de zenuwen. Soms sijpelt wel eens een eenzaam geluidje in de andere richting door, maar van een grondige herziening van het principe van de indexering komt wat de PS betreft niets meer in huis.

Nu onze economie, en onze maatschappij in het algemeen, zich moet aanpassen aan zware uitdagingen en nieuwe realiteiten, vormen het conservatisme en het obstructisme van de PS een almaar zwaarder wegend probleem. Hervormingen die absoluut noodzakelijk zijn en in vele gevallen slechts een begin zijn van de te rijden rit, worden in de kiem gesmoord. Nadat de PS met haar beleid de voorbije decennia Wallonië ten gronde heeft gericht, is de partij nu druk bezig hetzelfde te doen met België. Toch wel verbazend hoe wij Vlamingen erbij staan en ernaar kijken.

Waar komt die houding van de PS vandaan? In essentie lijken hier twee elementen een doorslaggevende rol te spelen. Ten eerste: mede door de blijvend nauwe band met FGTB/ABVV blijft de PS vastgeklit aan een hopeloos verouderde ideologie van klassenstrijd, naïef geloof in zaligmakende overheidstussenkomsten en een min of meer uitgesproken aversie voor alles wat met markteconomie te maken heeft. Ten tweede: de PS is meer dan eender welke andere Belgische politieke partij een machtspartij. Overal zitten mannetjes (en dames) van de PS op relevante stoelen. Zo komt het dat een vicepremier van deze regering zich erover kan verbazen dat één telefoontje van premier Di Rupo naar Begacom-baas Didier Bellens volstaat om de regering 100 miljoen euro extra voor de begroting te bezorgen.

De grens tussen alom de postjes bezetten enerzijds en willekeur en corruptie anderzijds is dun. Wie de voorbij jaren bekijkt, kan moeilijk anders dan concluderen dat de PS niet enkel een machtspartij maar ook een corrupte partij is. Zulke politieke partijen hebben sowieso een broertje dood aan veranderingen, want die kunnen enkel maar het gunstige status-quo verstoren. Finaal zal het de betrokken bonzen van deze partij blijkbaar compleet worst wezen dat de economie afkalft, dat jobs bij bosjes sneuvelen en dat de pensioenen en de sociale zekerheid met wiskundige zekerheid onbetaalbaar worden. Als de machtsposities en de vetpotten maar ter beschikking blijven (raken de vetpotten leeg, dan moet de belastingdruk omhoog). Er rijzen dus onvermijdelijk almaar meer vragen over de geschiktheid van de PS om tot een regering te behoren, laat staan ze te leiden.

Johan Van Overtveldt

Onze partners