'Wie zijn beleggingen spreidt, kan wél rendement halen'

06/09/12 om 09:25 - Bijgewerkt om 09:25

Bron: Trends

De verzekeraars stellen het gegarandeerde rendement van het aanvullend bedrijfspensioen ter discussie. Voor Philip Neyt, voorzitter van de Belgische vereniging van pensioenfondsen, kan daar geen sprake van zijn.

'Wie zijn beleggingen spreidt, kan wél rendement halen'

© Thinkstock

Het is al een tijdje onrustig in de wereld van de aanvullende bedrijfspensioenen. Groepsverzekeringen zijn goed voor ongeveer 60 procent van die contracten, 40 procent van de werknemers is aangesloten bij een sectoraal of een bedrijfspensioenfonds.

De verzekeraars bonden de kat de bel aan. Door de lage marktrente staat het rendement van groeps- en levensverzekeringen onder druk. De wet op de aanvullende pensioenen bepaalt dat de werkgever een minimumrendement van 3,25 procent moet waarborgen op zijn eigen bijdrage en van 3,75 procent op de werknemersbijdrage. Tot dusver namen de verzekeraars die verplichting van de werkgever over. Maar de lage marktrente maakt het volgens hen onmogelijk dergelijke rendementen nog langer waar te maken. En dus willende verzekeraars een verlaging van de wettelijk gegarandeerde minimumrente. Eigenaardig genoeg heerst eenzelfde doemdenken niet bij de andere speler in de markt, de pensioenfondsen. Philip Neyt, voorzitter van de Belgische Vereniging van Pensioeninstellingen (BVPI) en beheerder van het pensioenfonds van Belgacom. Voor hem mag de minimumgarantie blijven.

"De pensioenbelofte is een afspraak tussen werknemer en werkgever, en de rendementsgarantie maakt daar impliciet deel van uit", stelt Neyt "Dat betekent dat elke wijziging aan de tweede pensioenpijler een zaak is van de sociale partners, en niet van de pensioenuitvoerders. De wetgever heeft de garantie van het pensioenbedrag bij de werkgever gelegd en het minimumrendement is duidelijk bedoeld om de pensioenbelofte aan de werknemer veilig te stellen. Het gaat tenslotte om uitgesteld loon. Er is nood aan zekerheid en spijkerhard garanties als we het vertrouwen in de tweede pensioenpijler willen behouden."

TRENDS. Is er dan geen structureel probleem als de marktrente laag blijft? In dergelijke omstandigheden kan je toch geen rendementen van 3 tot 4 procent halen?

PHILIP NEYT. "Niet als je enkel belegt in Duitse staatsobligaties. Dat heet vandaag superveilig te zijn, maar een goede belegging op lange termijn kan het nooit zijn, want ze bieden een negatief reëel rendement. Verzekeraars moeten hun portefeuilles veel meer spreiden, zoals de meeste pensioenfondsen doen. Dan kan je wel rendementen halen die boven de wettelijke minima uitkomen."

Uit berekeningen blijkt dat het rendement van de pensioenfondsen over 25 jaar gemiddeld 6 procent per jaar bedroeg. Over de jongste tien jaar daalt het rendement tot 3,25 procent en sinds 2008 was er amper 1 procent groei.

NEYT. "Daarom is de langetermijnvisie belangrijk. Ik beweer niet dat je die 6 procent kan extrapoleren over de komende 25 jaar. Maar als je goed gediversifieerd belegt, moet het mogelijk zijn de wettelijk gegarandeerde minimumrentes te halen. Als we er niet in slagen op lange termijn beter te doen dan de inflatie, kunnen we er beter mee stoppen. Wat heeft het voor zin als we zelfs de koopkrachtvastheid van de pensioenopbouw niet kunnen garanderen? De onderliggende inflatie is nu 2 à 2.5 procent, dat betekent dat de minimumgarantie ongeveer 1 procent is na inflatie."

Als er geen rendementsprobleem is, waarom trokken de verzekeraars dan aan de alarmbel?

NEYT. "De verzekeraars geven de tariefgaranties op jaarbasis, terwijl dat eigenlijk niet nodig is. De sociale wetgeving heeft het over een gewaarborgd rendement bij uitbetaling, en meestal is dat de pensioenleeftijd."

Sommige economen denken dat Europa afstevent op een Japan-scenario met een lange periode van lage rente en lage economische groei.

NEYT. "Dat zou de verzekeraars recht van spreken geven. Maar wat als de economie weer aantrekt en al de liquiditeiten vrijkomen die in de markt gepompt zijn? Dan kunnen we een stevige inflatieopstoot krijgen. De verzekeraars hebben dan geen problemen, want zij garanderen nominale rentes. Het is vooral voor de pensioenfondsen een doemscenario. Inflatie is onze grootste vijand. Ik zie Nederlandse pensioenfondsen die in langlopend papier over dertig jaar hebben belegd tegen 2 tot 3 procent. Als de langetermijninflatie met 1 of 2 procent toeneemt, is dat voor hen problematisch." (AM/PC)

Onze partners