Notionele-intrestaftrek brengt geld op

16/02/11 om 15:19 - Bijgewerkt om 15:19

Bron: Trends

De topfiscalisten in dit land zijn unisono. In tegenstelling tot wat sp.a-fractieleider Dirk Van der Maelen beweert, kost de notionele-intrestaftrek geen 5,8 miljard euro, maar levert de maatregel de schatkist geld op.

Notionele-intrestaftrek brengt geld op

© belga

De notionele interestaftrek levert de staat ieder jaar netto meer dan 150 miljoen euro op. Dat is de conclusie van Trends over het fiscale voordeel voor ondernemingen, dat nu fel onder vuur ligt.

Ten eerste slaat de factuur van 5,8 miljard euro nergens op. Dat betekent namelijk dat de inkomsten uit de vennootschapsbelasting 60% hoger zouden moeten liggen. Toch blijven deze opbrengsten - uitgezonderd crisisjaar 2009 - stijgen. Ongeacht de maatregel schommelen deze bedragen al een decennium lang tussen 3% en 3,5% van het Bruto Binnenlands Product (BBP), waarmee we nog altijd duidelijk boven het Europees gewogen gemiddelde van 2,7% zitten. Zo'n fiscaal paradijs voor vennootschappen zal België dus wel niet zijn.

Ten tweede zet de notionele interestaftrek België fiscaal opnieuw op de kaart. Met een nominaal tarief van 33,99% - hiermee staan we op de derde plaats in Europa nà Malta (35%) en Frankrijk (34,43%) - kun je het concurrentievermogen van ons land niet op peil houden. Het enig ander alternatief is een drastische verlaging van de aanslagvoet tot onder het Europese gemiddelde van 25%. Volgens het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) kost deze operatie 2,7 miljard euro.

Ten derde trekt de notionele interestaftrek internationale investeringen aan. Volgens de recente cijfers van de handels- en ontwikkelingspoot van de Verenigde Staten (Unctad) heeft België vorig jaar niet minder dan 50,5 miljard dollar aan buitenlandse investeringen aangetrokken. Dit komt neer op 37,27 miljard euro. Hiervan mogen de bedrijven 1413,60 miljoen euro fiscaal in mindering brengen (aftrek van 3,8%). Stel dat je op dat bedrag vennootschapsbelasting (33,99%) zou mogen heffen, kom je aan een bruto verlies van 480,48 miljoen euro. Maar die buitenlandse investeringen leveren de schatkist ook geld op. Met een gemiddeld rendement van 5% verhoogt de belastbare basis met 1863,5 miljoen euro. Tegen een aanslagvoet van 33,99% komt zo dus 633,40 miljoen euro in het laatje. Netto houdt de schatkist dus 633,40 - 480,48 = 152,92 miljoen euro op.

Ten vierde bespaart de notionele interestaftrek de kostprijs voor de coördinatiecentra, die nu afgelopen zijn: goed voor 442 miljoen euro in 2006, aldus de Nationale Bank (2006).

Ten vijfde versterkt de maatregel de solvabiliteit van de ondernemingen, waardoor ze beter het hoofd hebben kunnen bieden tegen de crisis. Dankzij de notionele interestaftrek steeg de financiële onafhankelijkheidsgraad het afgelopen decennium naar respectievelijk 50,7% (grote bedrijven + 10,1%) en 37,1% (KMO +5,3%).

E.P.

Onze partners