24/08/11 om 10:05 - Bijgewerkt om 10:05

Er heerst eens te meer misleidende gerustigheid

Heropleving in zicht? Zo luidde de titel van een stukje dat ik een week geleden op de website van Trends dropte. De basisstelling was eenvoudig.

Er heerst eens te meer misleidende gerustigheid

© belga

Sinds enkele maanden stokt de economische conjunctuur. De vrees voor een nieuwe recessie zit ondertussen al diep ingebakken. Twee elementen speelden zeker een rol in de ontwikkeling van de groeivertraging, namelijk het verstoren van een aantal internationale aanbodketens (supply chains) als gevolg van de tsunamiprobelemen in Japan en de stijging van de olieprijs van 75 dollar per vat in de lente van 2010 tot 115 dollar per vat in april 2011.

De olieprijs is sindsdien behoorlijk gedaald en de verstoringen veroorzaakt door het drama in Japan lijken zo goed als de wereld uit. Mijn stelling luidde dat deze twee correcties perspectieven openden op conjunctuurherstel. Ook al wees ik zeer expliciet op het grote probleem van onzekerheid in de omgeving en het gebrek aan vertrouwen wegens falend beleid, toch kreeg ik de volle laag van flink wat mensen die de idee van enige economische verbetering op dit moment absurd, onnozel of nog erger vonden. Dat roept verscheidene gedachten op.

Eerst en vooral blijft het dus kennelijk zo dat veel mensen moeilijk ontkomen aan lineair denken rond economische thema's. Het gaat niet goed, dus het kan enkel maar slechter worden. Binnen afzienbare tijd gaat het economische beter en dan zien diezelfde mensen de bomen van de weeromstuit tot voorbij de hemel groeien. Nuance is in die argumentaties niet aan de orde terwijl het economisch leven eigenlijk één grote, complexe nuance is. De conjunctuurbeweging is de resultante van de evolutie van een reeks parameters die verre van harmonieus bewegen en waarvan het uiteindelijke gewicht in de eindafrekening zich ook nog eens voortdurend wijzigt. U kunt hier op vele manieren mee omgaan maar eenvoudig linearisme maakt dat u gegarandeerd de omslagpunten mist.

Ten tweede, het economische gebeuren speelt zich steeds meer op wereldschaal af (denk maar aan de impact van een tsunami in Japan). Op wereldvlak zien we sinds de liberaliseringen in China en India, en sinds de implosie van het Sovjetimperium een explosie van entrepreneurship en menselijk streven naar verbetering van het eigen lot. De nieuwe vloedgolf aan ondernemersinitiatief veroorzaakt niet enkel in die contreien snel stijgende welvaart, het legt ook nieuwe en scherpe uitdagingen neer voor de ondernemers en de managers in het Westen. Sommigen kunnen die strijd niet aan, anderen worden er scherper en beter door.

Die kwantitatieve en kwalitatieve expansie van het ondernemingsgebeuren veroorzaakt een nooit eerder geziene dynamiek in nieuwe goederen en diensten, verbeterde productietechnieken, beter uitgekiende logistieke systemen enzovoort. Kan deze forse dynamiek zich ontwikkelen in een rustige omgeving dan krijg je snelle en breed uitgesmeerde vooruitgang, gekenmerkt door de massale creatie van nieuwe banen, behoorlijk gevulde overheidskassa's en een algemene positieve maatschappelijke evolutie. Heerst er vanuit de omgeving grote onzekerheid, dan boet de ondernemingstrein aan snelheid in. Ons aanvoelen is dat de jongste tijd de ondernemingstrein zo hard doordendert dat de omgeving al voor enorme obstakels moet zorgen om stilstand van de trein te veroorzaken.

Het valt moeilijk te ontkennen dat inderdaad de jongste tijd vanuit het overheidsbeleid de onzekerheden weer rijkelijk in het rond gestrooid werden. De toestanden met het schuldenplafond in de VS waren typerend ter zake. De crisis in de eurozone ook. Geen van de drie aspecten in die crisis kreeg tot nu toe zelfs maar een begin van deugdelijke beleidsrespons. De drie fundamentele crisishaarden zijn: de structurele tekortkomingen van het concept van monetaire unie in de Europese Unie, de problematiek van de publieke financiën in de meeste eurolanden en de situatie van het Europese bankwezen.

Vooral dat laatste element krijgt de jongste tijd te weinig aandacht. De jongste stresstests uitgevoerd op de Europese banken hebben de gevestigde hypotheken wederom niet gelicht, integendeel. Er heerst eens te meer misleidende gerustigheid. De solvabiliteit van te veel Europese banken blijft echter een precaire zaak en het too big to fail-syndroom stelt zich meer dan ooit. Een groeiende economie heeft behoefte aan een stevig en goed functionerend financieel systeem waarin de banken en andere kredietverlenende instellingen hun rol spelen. In Europa zitten we nog altijd een heel eind van dat ideaalbeeld af. En dus verliest de ondernemingstrein nogal wat tractie. Een beetje moed en constructief beleid zou echter wonderen kunnen doen en voor een snelle en krachtige heropleving kunnen zorgen.

Onze partners