28/02/11 om 10:07 - Bijgewerkt om 10:07

De Ierse les: de aanpak van de eurocrisis deugt niet

Kan een verenigd Europa de onvermijdelijke titanenjob aan?

Alle peilingen wezen al in die richting, maar uiteindelijk wordt men als neutraal toeschouwer toch wel erg stil bij de omvang van de afslachting die de Ierse regeringspartij bij de voorbije verkiezingen onderging. Ook de nederlaag van de Duitse bondskanselier Angela Merkel bij de regionale verkiezingen in Hamburg oogde indrukwekkend. Mochten de regeringen van Spanje, Portugal en Griekenland morgen de kiezer moeten trotseren dan wacht hen gegarandeerd een Iers of Hamburgs slagveld.

Die electorale slachtpartijen hebben alles te maken met de grote onvrede bij het publiek over de manier waarop de beleidsverantwoordelijken de eurocrisis aanpakken. Het geloof van de bevolking in die aanpak smelt als sneeuw voor de zon.
Vanuit een economische analyse valt die viscerale reactie goed te begrijpen. Europa krijgt zijn anticrisisbeleid maar niet op de rails. Europese toppolitici blijven met opgestoken vingertje luidkeels verkondigen dat de monetaire unie en de eenheidsmunt zullen gered worden, wat het ook kost. Van de geloofwaardigheid van die verklaringen blijft onderhand niet veel meer over.

De electorale schokken en de economische analyse hebben gemeen dat ze aangeven dat het roer drastisch om moet willen we de euro redden (wat nog altijd een zeer lovenswaardige doelstelling blijft). Diverse ingrepen moeten daarvoor nagenoeg tegelijkertijd in de komende vier tot zes maanden gebeuren. Eerst de uitvoering van geloofwaardige stresstests voor de banken, zodat we eindelijk weten hoeveel kapitaal zij nog nodig hebben om solide instellingen te worden.

Vervolgens moet de schuldherschikking van Griekenland en Ierland georganiseerd te worden. Deze landen kunnen hun schuldvolumes niet aan en dreigen in een eindeloze saneringsoperatie terecht te komen die de maatschappelijke stabiliteit grondig zal verstoren. In Griekenland is de destabilisering al duidelijk aan de gang.

Ten derde moet werk gemaakt worden van concrete invulling van wat Merkel een competitiviteitspact voor de eurozone noemde. In feite gaat het hier om een second best-idee, namelijk de schepping van een institutionele omgeving die zo dicht mogelijk aansluit op een nog altijd niet haalbare politieke unie. Zonder een aantal dwingende afspraken om tot een convergerend beleid te komen, blijft de monetaire unie erg kwetsbaar voor crises.
En passant doen de Europese leiders er ook best aan om het stabilisatiefonds dat vanaf 2013 een permanent karakter moet krijgen op een deugdelijke manier te organiseren en op een afdoende manier van middelen te voorzien.

Het bord ligt dus overal. Krijgt het frêle Europese spijsverteringsstelsel dat allemaal verwerkt?

Onze partners