09/04/10 om 11:58 - Bijgewerkt om 11:58

De Griekse storm steekt ooit weer op

De heisa over Griekenland ontketende een stroom van geruchten, speculaties en wilde scenario's rond de euro. Voor sommigen was zelfs het voortbestaan van de eenheidsmunt aan de orde. Laat ons we daar kort, krachtig en duidelijk over zijn: dat is onzin.

De Griekse storm steekt ooit weer op

Het voortbestaan van de euro komt enkel en alleen acuut in het gedrang mocht Duitsland het niet meer zien zitten om met de euro door te gaan.

Het afhaken van de economie die een derde van de hele euro-economie uitmaakt, is niet aan de orde. Wat niet betekent dat zo'n scenario nooit op tafel kan komen. Voor een belangrijk stuk van de Duitse publieke opinie blijft het verdwijnen van de Deutschmark een gevoelige kwestie. Het Duitse Grondwettelijke Hof liet tot nu toe nog altijd een stukje grijze zone voorde legitimiteit van de euro in Duitsland. Als de Europese Centrale Bank (ECB) door welke samenloop van omstandigheden de monetaire stabiliteit fundamenteel in gevaar brengt, dan komt het vertrek van Duitsland uit het euroverhaal onmiddellijk op tafel.

Nogmaals, zo'n scenario is vandaag helemaal niet aan de orde. Er blijft echter veel werk aan de winkel om de kans op een vernietiging van de eenheidsmunt te verkleinen. De Griekse saga stemt niet optimistisch. De 'redding van Griekenland' zoals in elkaar geprutst in de aanloop naar de Europese top is een lachertje. In het allerbeste geval kan er sprake zijn van een klein doekje voor het bloeden op korte termijn. Behoudens een mirakel moet Griekenland uit de eurozone stappen. Onvermijdelijk en we leggen onmiddellijk uit waarom.

De dramatische toestand van de Griekse publieke financiën heeft slechts oppervlakkig te maken met de hoge rentekosten die het land op zijn schulden moet betalen. Met een toeslag op de Duitse rente van 3 à 4 procent komt Griekenland zelfs nog goedkoop weg, gegeven de toestand van het land. Griekenland zit in een budgettair moeras omdat het zijn niet-rente-uitgaven niet onder controle kan houden en geen ernstig belastinginningbeleid kan voeren. De rode lijn door die twee zware mankementen van het Griekse bestel is de corruptie die Afrikaanse allures aanneemt in het land van premier Papandreou.

De begrotingsdeficits vloeien ook niet hoofdzakelijk voort uit de financiële en economische crisis. In de absolute boomperiode 2004-2006 lag het begrotingstekort al boven 5 procent van het bbp. Met wat we nu weten over de trucs en cijfervervalsingen kunnen we er rustig van uitgaan dat het reële tekort toen al in de richting van 10 procent ging. Nu kleurt de Griekse begroting 13 procent rood. De overheidsschuld ligt op 123 procent van het bbp en gaat snel verder de hoogte in.

De vraag luidt of met de ingrepen die tot nu toe aangekondigd werden, deze wilde oceaan van rode cijfers kan gedregd worden. Het antwoord is ondubbelzinnig nee, zelfs in de verste verte niet. Simpele maar relevante rekenkunde zegt waarom. Uitgaande van eerder optimistische hypothesen voor economische groei, inflatie en rente-evolutie blijkt al snel dat om tot een stabilisering van de schuldratio te komen, draconische maatregelen noodzakelijk zijn. Meer bepaald zou dat de Griekse overheid verplichten om op zeer korte termijn ofwel haar niet-rente-uitgaven met 25 procent te reduceren, ofwel om de belastingen met 30 procent te verhogen. Dit is volstrekt onrealistisch gegeven de kenmerken van het Griekse bestel.

Concreet betekent dit Griekenland onvermijdelijk (mogelijk pas over een tweetal jaar) weer problemen krijgt om het papier te kunnen slijten dat voor de financiering van de deficits moet zorgen. Want door de aanhoudende tekorten moet niet alleen steeds meer papier worden uitgegeven, het lopende papier moet ook hernieuwd raken. Alleen al in de loop van dit jaar moet Griekenland voor 53 miljard euro aan lopend staatspapier herplaatst krijgen.

Bij het nieuwe crisismoment zijn er twee mogelijkheden. Eén: Europa voert de financiële hulp op de een of andere manier nog veel verder op (het mirakel waarvan hoger sprake). De Duitse (en niet alleen de Duitse) weerstand tegen zo'n scenario zal nog sterker zijn dan de voorbije weken het geval was. Twee: Griekenland kan zijn verplichtingen niet meer nakomen en ziet zich verplicht tot ongewone praktijken om de staatsmachine toch enigszins gaande te houden. De onrust die hierdoor ontstaat, veroorzaakt een run op de Griekse banken en verplicht Athene tot uitstap uit de euro en herinvoering van een eigen munt. Een grote devaluatie leidt tot hoge inflatie en massale verarming. En de door Duitsland gedragen euro bolt gewoon voort.

Johan Van Overtveldt, algemeen directeur van het ondernemersplatform VKW

Onze partners