Roeland Byl
Opinie

16/01/12 om 11:46 - Bijgewerkt om 11:46

Besparen bij De Lijn mag geen taboe zijn

De Vlaamse regering zoekt 500 miljoen. Een stuk kan ze vinden bij De Lijn, maar het verzet tegen besparingen bij de busmaatschappij groeit. Nochtans: basismobiliteit garanderen kan enkel een prioriteit blijven als er centen zijn.

Besparen op de verwarming omdat het winter wordt? Dat is geen goed idee. Even dom is het te besparen op het openbaar vervoer omdat het slechte tijden zijn. Met die redenering riep Guillaume Van der Stighelen de Vlaamse regering op niet te snijden in de dotatie van de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn. De voormalige reclameman deed zijn oproep in een overigens hartverwarmende column in De Morgen. Maar hij vergist zich. Het is niet de winter die bepaalt of een rantsoenering van de energie nodig is. Dat hangt veel meer af van de kostprijs en het beschikbare budget dan van de seizoenen.

Er waren de afgelopen dagen wel meer mensen die het voor De Lijn opnamen. De opvallendste was misschien wel Vlaams minister van Mobiliteit Hilde Crevits (CD&V). Zij verdedigde de vervoersmaatschappij na een gesprek dat ze vrijdag had gehad met topman Roger Kesteloot. Het moest maar eens gedaan zijn met het bashen van De Lijn. Daar was al genoeg bespaard en welke besparingen vallen er tenslotte te rapen in een openbare dienst die maar 4 procent van het Vlaamse budget opslorpt?

Het is niet dat er geen begrip valt op te brengen voor de argumenten van Crevits of voor het pleidooi dat Van der Stighelen hield over de meerwaarde van het openbaar vervoer. Het is veeleer een kwestie van prioriteiten. Er zit een groot gat in de Vlaamse begroting. Dat gat moet nu eenmaal worden opgevuld. Basismobiliteit voor iedereen garanderen is belangrijk, maar je moet ze ook kunnen betalen.

De eigen inkomsten van De Lijn bedragen slechts 16 procent van de werkingskosten. Daarmee hangt de Vlaamse vervoersmaatschappij aan de staart van het Europese peloton. Voor wie gelooft in het status-quo voor de 8000 personeelsleden van De Lijn en de 3000 werknemers bij de onderaannemers van de busmaatschappij is er slecht nieuws. Volgens het Vlaamse regeerakkoord en de beheersovereenkomst moet die dekkingsgraad omhoog. Besparingen zijn dus onvermijdelijk. De Lijn krijgt in 2012 overigens een exploitatietoelage van 837 miljoen euro en moet dit jaar dus al een toelageverlaging van 58 miljoen euro zien weg te saneren. De besparingen waarover nu zoveel te doen is, komen daar dus bovenop.

Volgens de topman van De Lijn en de vakbonden kan dat niet zonder in het aanbod te snijden. Et alors? Het aantal bussen dat leeg rondrijdt op de vreemdste plaatsen en de onmogelijkste uren biedt nog ruimte voor zo'n oefening. Ook het systeem van belbussen verdient een evaluatie. Als zo'n belbus voor een of twee passagiers uitrukt, kan je maar beter voor taxicheques opteren. Dat is een pak goedkoper.

De dekkingsgraad bij De Lijn verhogen kan natuurlijk ook via extra inkomsten. Zo wil Kesteloot de strijd tegen zwartrijden opvoeren. Bovendien ligt de prijs voor een tramkaartje of busticket in Vlaanderen aanzienlijk lager dan in onze buurlanden en zijn er heel wat gunsttarieven. Een verhoging van de ticketprijs verdient dus een eerlijke overweging. Een probleem voor de lage inkomens? Tja, stijgende prijzen horen nu eenmaal bij de crisis. En dat geldt voor iedereen. Solidariteit mag niet tot onrechtvaardigheid leiden.

Onze partners