Uitweg uit de crisis volgens Peter Vanden Houte

09/11/12 om 08:50 - Bijgewerkt om 08:50

Bron: Trends

Trends.be zoekt een uitweg uit de crisis. Wij vroegen de vooraanstaande economen in het land om drie voorstellen te doen aan de regering Di Rupo. Drie voorstellen die ons land uit de economische crisis halen, volgens Peter Vanden Houte, Chief Economist van ING.

Uitweg uit de crisis volgens Peter Vanden Houte

© Philippe Baert

Gisteren: Jef VuchelenMorgen: Jan Denys

Uitweg uit de crisis

1. Hou de begrotingsconsolidatie op de juiste lange-termijnkoers Gegeven onze slechte uitgangspositie (schuldratio van 100% van het BBP) en de hoge vergrijzingskost in België, kunnen we ons geen budgettaire ontsporingen veroorloven. Dat betekent echter niet dat de regering zich moet blindstaren op de doelstelling voor 2013 en via allerhande eenmalige maatregelen en trucs proberen om de 2.15% tekort-doelstelling te halen.

Het is zoveel belangrijker om te werken aan een lange-termijnhoudbaarheid van de overheidsfinanciën. Gezien het grote overheidsbeslag zou op zijn minst een plan moeten worden uitgewerkt om dit geleidelijk naar een lager peil te brengen. "zero-base-budgeting" zou in dit verband een essentieel onderdeel moeten uitmaken van de begroting. Dat moet ook vermijden dat er structureel wordt aangemoedigd tot meer uitgaven (zoals nu het geval is in de gezondheidszorg, waar het toegewezen budget structureel sneller blijft groeien dan de economie: een vrijgeleide om nieuwe behoeftes te creëren).

Wat betreft de pensioenuitgaven moet ernaar gestreefd worden om de effectieve pensioenleeftijd op te trekken, maar vooral ook om het aantal gelijkgestelde periodes (die meetellen voor de pensioenberekening) drastisch te verminderen. Gezien de hoge belastingdruk kunnen bijkomende inkomsten maar een laatste redmiddel zijn.

Maar een vereenvoudiging op het vlak van de kapitaalbelasting lijkt aangewezen en zou ook meer kunnen opbrengen. Waarom niet alle inkomsten uit vermogen (ook huurinkomsten) liberatoir en gelijk belasten (bv. 25%) met een bepaalde vrijstelling om de kleine spaarder wat te ontzien?

2. Zorg voor een concurrentiële omgeving, waar bedrijven kunnen groeien en bloeien De talrijke herstructureringen en bedrijfssluitingen doen toch vermoeden dat er een probleem is met de concurrentiekracht in België. Het zou kortzichtig zijn om hierbij alles aan de loonkosten te wijten (het ontbreken van een efficiënt energiebeleid is zeker voor de industrie een groot probleem), maar we kunnen er niet omheen dat België binnen internationale groepen altijd met een loonhandicap zit opgezadeld t.o.v. de andere vestigingen.

De automatische loonindexering is daarbij een doorn in het oog, omdat het de Belgische loonhandicap bij externe schokken nog verergert en tevens voor een gemiddeld hogere inflatie zorgt (wat binnen een muntunie dodelijk kan zijn).

Automatische indexering afschaffen, zou vermoedelijk maar tot beperkt koopkrachtverlies leiden bij de gezinnen, omdat de loon-inflatie-spiraal daardoor ook wordt doorbroken. Alternatief zou men bv. ook kunnen proberen om de loonindexering conjunctuurafhankelijk te maken. Bv. wanneer de werkloosheid stijgt, geen indexering. Een andere mogelijkheid om de lonen iets meer op de economische cyclus af te stemmen, is een groter deel van het loon afhankelijk te maken van de winstontwikkeling van de bedrijven.

Daarnaast moet in het algemeen gedacht worden aan het stimuleren van ondernemerschap. Dit zou kunnen door de bedrijfsbelasting te vereenvoudigen en te verlagen. Soms vergeet men dat een bedrijf dat weinig belasting bijdraagt voor ons land nog altijd beter is dan geen bedrijf. Het is tekenend dat in België de overheid in de top staat van de favoriete werkgevers van de studenten (geen risico, goede work-life-balans).

Hoewel een goede en efficiënte overheid belangrijk is, blijkt uit dergelijke enquêtes dat risico nemen, allerminst populair is. Nergens in Europa is de bereidheid om te ondernemen bij jongeren lager dan bij ons. De drempel om te ondernemen moet dan ook verlaagd worden. Een voorbeeld is het systeem in Duitsland van de Ich-AG, waarbij werklozen die eenmansbedrijven oprichten tijdelijk steun krijgen van de overheid.

Tenslotte moet men ondernemers ook het succes gunnen, dat hen toekomt, iets dat in België helaas niet altijd het geval is. Het is tekenend dat het aantal multinationale ondernemingen van Belgische oorsprong beperkt is. Waarom verkopen Belgische ondernemers liever aan buitenlandse groepen, i.p.v. zelf verder te internationaliseren?

3. Volop inzetten op hogere toegevoegde waarde Bedrijven met standaardproducten kunnen zelfs bij beheersing van de loonkosten moeilijk concurreren met productiefaciliteiten in de groeilanden. België kan enkel zijn welvaart bestendigen indien het land verder specialiseert in goederen & diensten met een hogere toegevoegde waarde.

Het zou echter fout zijn dat de overheid gaat bepalen welke sectoren dat zijn (zo'n industriepolitiek van selectieve steun draait meestal op een mislukking uit). Beter is om te streven naar een klimaat waarin de creatie van meer toegevoegde waarde mogelijk is.

We moeten het label "Made in Belgium" opnieuw kwalitatieve glans geven. Dit vereist enerzijds dat we moeten mikken op hoogstaand onderwijs, maar ook op doorgedreven vorming. Nu bestaat er al een grote mismatch op de arbeidsmarkt, met een teveel aan laag opgeleide jongeren die de vacatures niet kunnen opvullen. Misschien kan men bedrijven die bereid zijn om opleidingstrajecten te verzorgen voor niet-gekwalificeerde werknemers bepaalde voordelen verschaffen.

In Duitsland bestaat al lang het systeem waarbij jongeren in feite hun opleiding grotendeels krijgen in het bedrijfsleven, waardoor men het gebrek aan gekwalificeerde arbeidskrachten tracht op te vangen. Maar streven naar hogere toegevoegde waarde is niet alleen een opdracht voor het bedrijfsleven.

Ook de overheid moet zo efficiënt en kwalitatief mogelijk werken. De Copernicushervormingen vormden een goede start, maar zijn intussen een beetje in de vergeethoek beland. De moeilijke staatsstructuur en overlapping van bevoegdheden is in dat verband een efficiëntieverlagende en kostelijke factor. Een betere afbakening van bevoegdheden en een vermijden van een vermenigvuldiging aan vergunningen & reglementeringen is onontbeerlijk. Administratieve eenvoud moet voor België een comparatief voordeel worden.

Peter Vanden Houte Chief Economist ING België

Onze partners