'Kan iedereen zomaar doorgaan alsof er niets gebeurd is bij Dexia?'

26/08/13 om 13:34 - Bijgewerkt om 13:34

Bron: Trends

10 WERVEN VAN DI RUPO DEEL 1 DEXIA. Er zijn nog altijd geen verantwoordelijken aangeduid voor het debacle van Dexia. Kan iedereen dan zomaar doorgaan alsof er niets gebeurd is?

'Kan iedereen zomaar doorgaan alsof er niets gebeurd is bij Dexia?'

© Belga

De regering Di Rupo heeft nog 9 maanden te gaan. Wat moet ze in die tijd nog realiseren? Uit de Knack.be-zomerreeks 'De inzet van de verkiezingen' bleek dat in ons land alle aandacht moet gaan naar de sociaal-economische dossiers.

In een nieuwe reeks 'De 10 werven van Di Rupo' maakt Trends.be de balans op van het titanenwerk dat de regering staat te wachten.

Als er één dossier typerend mag heten voor de lakse houding van de regering Di Rupo I, dan is het wel de Dexia-saga. De problemen worden zo veel mogelijk voor zich uit geschoven, in de hoop dat het allemaal meevalt. De confrontatie met de realiteit kan, en zal meer dan waarschijnlijk, lang en pijnlijk uitvallen.

Het zwaard van Damocles. De stijlfiguur kwam al vele malen aan de orde om de erfenis van de Dexia-groep te omschrijven. Het beeld klopt als een bus: nog lange jaren dreigt de potentiële factuur van de teloorgang van deze financiële instelling te wegen op de Belgische openbare financiën. En op het gemoed van 'Jan met de Pet' natuurlijk, want iedere keer als Dexia in het nieuws komt is het omdat er (nog meer) verlies gemaakt wordt. Bevorderlijk voor de economische conjunctuur is anders.

Ondanks de continue afbouw van de balans en de versnelde verkoop van activiteiten gedurende de voorbije jaren houdt Dexia nog steeds een enorm risico in. Met een balanstotaal van 250 miljard euro en een investeringsportefeuille van 190 miljard euro is Dexia nog steeds zo groot als het bijna herstelde KBC en vele malen groter dan de bekende middelgrote banken van dit land. In portefeuille zitten nog grote hoeveelheden schuldpapier uit landen als Italië (32 miljard), Spanje (21 miljard), Frankrijk (30 miljard), de VS en Canada (28 miljard). Het is maar de vraag of alle debiteuren hun kredietwaardigheid intact kunnen houden, ja zelfs of ze hun verplichtingen uberhäupt onverkort zullen kunnen nakomen. Bovendien zit Dexia ook nog eens met 450 miljard aan derivatenproducten in de buidel.

Bovendien is de restbank Dexia - die overigens nog bij Belfius, de afgesplitste Belgische tak van het oude Dexia, in het krijt staat voor 15 miljard euro - operationeel en structureel verlieslatend. De inkomsten uit de portefeuille kredieten en obligaties liggen lager dan de financieringskosten. Ook na de vermindering van de vergoeding die Dexia betaalt voor de garantieregeling van de Franse en Belgische overheid tot 5 basispunten blijft dat het geval. De ECB heeft immers geen zin Dexia onbeperkte toegang tot goedkope middelen te geven en eist dat de instelling zich meer op de markt financiert. Dat is duurder en duwt de kosten omhoog.
Dexia stelde eind vorig jaar een businessplan op, dat o.a. voorzag in een kapitaalverhoging van 5,5 miljard euro. Daarvan nam België 2,9 miljard euro voor zijn rekening. De kapitaalinjectie zou, bij ongewijzigde marktomstandigheden, moeten volstaan om de verwachte verliezen tot 2018 te absorberen en de restbank tot zolang overeind te houden. Vanaf 2018 krijgt de uitdoving van de portefeuille de bovenhand op de verwachte verliezen, waardoor de kapitaalratio's vanzelf zouden moeten verstevigen.

Nog minstens vijf jaar bibberen

Dat betekent wel dat het nog minstens vijf jaar bibberen is voor de belastingbetaler, om de woorden van huidig Dexia-topman Karel De Boeck te gebruiken. Elk bijkomend verlies tast immers het eigen vermogen en de solvabiliteit van Dexia aan. De kans dat de kapitaalbuffers volstaan, slinkt met elk 'onverwacht' verlies dat zich materialiseert. En met Dexia is er geen gebrek aan verrassingen. In de eerste helft van dit jaar deed zich zo een fors uitzonderlijk verlies voor. Een verandering van waarderingsparameter voor de 450 miljard euro derivaten die Dexia heeft uitstaan, leverde 300 miljoen euro niet ingecalculeerde verliezen op. Daardoor stond de teller na zes maanden al op 905 miljoen euro verlies, bijna het cijfer dat eerder voor het hele jaar naar voor geschoven werd.

En toch blijven onze politici opvallend luchtig doen over Dexia. Vooral de huidige minister van financiën Koen Geens (CD&V) blijkt een meester in het minimaliseren van de risico's. Toen de stad Detroit gerechtelijk bescherming tegen zijn schuldeisers aanvroeg, werd snel duidelijk dat Dexia papier van die stad in portefeuille had. Geens was er als de kippen bij om te zeggen dat dat toch niet veel kon zijn - anders had hij het al lang geweten. Toen de blootstelling van Dexia bleek op te lopen tot 300 miljoen euro, waarvoor in het tweede kwartaal een extra provisie van 60 miljoen euro werd genomen, ging Geens met de billen bloot. Toch bleef de minister beweren dat hij gelijk had, want enkele tientallen miljoenen kredietverliezen, dat is toch peanuts voor een bank met een balans van 250 miljard euro.

Even opmerkelijk: minuten nadat Dexia een halfjaarverlies van 905 miljoen euro had bekend gemaakt, stuurde de minister van financiën een persbericht de wereld in om te zeggen dat het allemaal niet zo erg was als het leek: het verlies was vooral toe te schrijven aan eenmalige elementen en bleef binnen de contouren van het businessplan. De minister wees tevens op de gedaalde financieringskosten in het tweede kwartaal, de verbeterde liquiditeitspositie en de versterkte kapitaalratio's. Zaken die normaal gezien de CEO van Dexia doet. Daarmee stak Geens de restbank wel heel expliciet een hart onder de riem.

Risico's voor verre toekomst

De strategie van Dexia bestaat erin zo weinig mogelijk activa te verkopen (om de verliezen te beperken) en de portefeuille kredieten en obligaties geleidelijk te laten uitdoven. Voor de financiering stellen België, Frankrijk en Luxemburg zich garant, ten belope van 85 miljard euro. Vermits de investeringsportefeuille een extreem lange looptijd heeft, zal pas binnen vele jaren blijken hoeveel verlies Dexia uiteindelijk incasseert, en of en hoeveel extra kapitaal daarvoor nodig is. De risico's worden m.a.w. naar de verre toekomst geduwd. De volgende generatie, die met onze hoge staatsschuld sowieso al goed "voorzien" wordt, dreigt ervoor op te draaien. Voor politici wiens horizon klaarblijkelijk niet verder reikt dan enkele jaren is dat een perfect scenario.

Maar u kent het cliché: zachte heelmeesters maken stinkende wonden, en die genezen niet zo gemakkelijk. Daarom pleiten steeds meer economen om ernstig het alternatief van de korte, hevige pijn te bestuderen. In het geval van Dexia zou dat neerkomen op de opdoeking van de restbank, via een gecontroleerde uitverkoop van activa op relatief korte termijn. Dat zou ongetwijfeld gepaard gaan met zware verliezen op de investeringsportefeuille. Maar die verliezen volgen op termijn misschien toch.

De pil in een keer doorslikken

Het voordeel van deze aanpak is dat de pil in één keer doorgeslikt wordt en dat het land dan weer voort kan, zonder zwaard van Damocles boven het hoofd.
De regering Di Rupo heeft de morele verantwoordelijkheid tegenover deze en de volgende generaties om dit scenario minstens te onderzoeken en er naar de bevolking toe onverbloemd te communiceren. Idealiter gebeurt het onderzoek naar diverse alternatieve benaderingen door een onafhankelijke partij die in kaart zou moeten brengen wat een snelle ontbinding van Dexia ons land zou kosten, en hoe hoog de factuur kan oplopen als we blijven aanmodderen. Uiteraard gaat het om scenario's waarvoor allerhande hypotheses zullen moeten gemaakt worden. Het feit dat het geen exacte wiskunde kan zijn, doet niets af aan de verdienste van dergelijke oefeningen. De kans dat er zulk een vergelijkende studie komt, is evenwel klein. Wellicht heeft iedereen schrik voor de hoge bedragen die de wereld zouden ingestuurd worden.

Verantwoordelijken

Wat de burgers hun politici misschien nog meer kwalijk nemen, is dat er nog altijd geen verantwoordelijken zijn aangeduid voor het debacle van Dexia. De parlementaire commissie die zich over het dossier boog, bleek een maat voor niets. Er werd alleen vastgesteld dat een bank, zonder dat iemand zich daar zorgen over maakte, haar balans kon opblazen tot drie keer het bbp van dit land door massaal schulden aan te gaan. Als erfopvolger van Bacob en het Gemeentekrediet zaten heel veel politici en vertegenwoordigers van belangengroepen in de raden van bestuur van de verschillende bancaire vennootschappen van Dexia. Ze zaten erbij en keken ernaar. En dus lijkt het alsof dat potje gedekt moet blijven.

Aan mensen met boter op het hoofd is er geen gebrek. De megalomane internationalisering en schuldgedreven expansie van Dexia vond plaats onder leiding van voorzitter Pierre Richard en CEO Axel Miller. Richard geniet hedentendage van een riant pensioen op kosten van Dexia, Miller maakt gewoon verder carrière (na Petercam staat hij nu aan het hoofd van D'Ieteren). De toenmalige Belgische toezichthouder FSMA, onder leiding van Jean-Pol Servais, zag, hoorde en merkte niets van de ontsporingen bij Dexia. Toch staat dezelfde Servais vandaag nog altijd aan het hoofd van de FSMA, en mikt hij bovendien op een verlenging van zijn mandaat.

Ook na 2008 werden fouten gemaakt. Het zinkende schip werd niet op het droge getrokken door voorzitter Jean-Luc Dehaene en CEO Pierre Mariani, o.a. omdat ze de Dexia-groep als geheel wensten te behouden, en de bestaande aandeelhouders en schuldeisers ontzagen. Daardoor werd, op een moment dat het misschien nog kon, niet radicaal afscheid genomen van de gigantische portefeuille overheidsobligaties en werden de schuldeisers niet mee in het bad getrokken.

En wat gezegd van de vele bestuurders van Dexia Groep en Dexia Bank België (het huidige Belfius), en de verantwoordelijken bij Arco en de Gemeentelijke Holding, de twee Belgische grootaandeelhouders van Dexia? Treft er dan niemand schuld? Het Franse Rekenhof publiceerde recent een analyse die aantoonde dat Dexia kapseisde als gevolg van zijn kwetsbaar financieel model (lange termijn obligaties op korte termijn financieren) en zijn bestuurlijke zwakte waarbij bestuurders, aandeelhouders, directie en toezichthouders zich gedroegen als een clubje van vrienden en gelijkgezinden. Kan iedereen dan zomaar doorgaan alsof er niets gebeurd is? In België blijkbaar wel.

Nieuwsbrief

Ontvang elke middag een update van het belangrijkste economische nieuws in uw mailbox!

Onze partners