Pieter Timmermans (VBO)
Pieter Timmermans (VBO)
Gedelegeerd Bestuurder van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO)
Opinie

10/12/15 om 10:07 - Bijgewerkt om 10:07

Fiscale transparantie: 'Kunnen Belgische ondernemingen het hoofd boven water houden?'

'Terwijl alle wetgeving in het verleden gebruikt werd om dubbele belasting te vermijden, bestaat nu het risico dat het omgekeerde zal gebeuren', schrijft Pieter Timmermans (VBO) naar aanleiding van de onlangs voorgestelde belastingshervorming van de OESO.

Fiscale transparantie: 'Kunnen Belgische ondernemingen het hoofd boven water houden?'

© Thinkstock

Op vraag van de G20 werkte de OESO een internationale belastinghervorming uit, die BEPS gedoopt werd en staat voor 'Base Erosion and Profit Shifting. De hoofddoelstelling hiervan is het creëren van fiscale transparantie en het toezien opdat ondernemingen hun 'fair share' aan vennootschapsbelastingen betalen. De OESO-aanbevelingen, die door Europa worden omgezet in bindende regels, zullen een belangrijke impact hebben op onze Belgische bedrijven. Kunnen zij het hoofd boven water voor de nakende BEPS-golf?

De OESO lanceerde haar actieprogramma om een einde te maken aan de erosie van de belastinggrondslagen en de kunstmatige verschuiving van winsten. Alleen zo kunnen belastingen effectief betaald worden daar waar de activiteiten worden uitgeoefend en de winsten worden gemaakt. Uiteraard is het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) een absolute voorstander van een correcte toepassing van de regels en voor een gezonde fiscale concurrentie tussen de lidstaten.

Delen

Fiscale transparantie: 'Kunnen Belgische ondernemingen het hoofd boven water houden?'

Het is echter voor de Belgische bedrijven, die functioneren in een kleine en open economie en sterk inzetten op export, van cruciaal belang dat alle landen van de OESO deze aanbevelingen op een correcte manier implementeren. Waarom? Zij hebben immers een effect op de Belgische concurrentiepositie, onze belastingdruk en onze fiscale transparantie.

Ten eerste. Waar de OESO enkel beleidsaanbevelingen formuleert, wil Europa bindende regelgeving uitwerken. Het risico bestaat dan ook dat Europese ondernemingen aan zwaardere regels inzake transparantie en fiscale verplichtingen moeten voldoen dan hun Amerikaanse, Chinese of andere niet-Europese evenknieën. Dit zou als gevolg hebben dat de concurrentiepositie van België opnieuw een flinke knauw krijgt.

Daarnaast willen de OESO-aanbevelingen ook leiden tot een hogere mate van transparantie. De waarheid is echter dat Belgische ondernemingen reeds zeer transparant (in het jargon 'BEPS-compliant') zijn. Zo heeft België de regels inzake verrekenprijzen bijvoorbeeld reeds geïmplementeerd. Dit moet ervoor zorgen dat alle verrichtingen tussen vennootschappen die met elkaar verbonden zijn gebeuren tegen marktconforme prijzen. Er is daarom geen nood om bijkomende en overdreven verplichtingen inzake documentatie hiervan op te leggen. Wij moeten erover waken dat BEPS niet gebruikt wordt om nog meer verplichtingen aan bedrijven op te leggen, maar we zijn het er allemaal over eens dat ondernemingen in staat moeten zijn om hun fiscaal beleid te rechtvaardigen ten aanzien van de fiscale overheid.

Twee keer belast

Het risico dat eenzelfde winst dubbel belast wordt, zal wel toenemen. Door de verplichte rapportering zullen fiscale administraties perfect kunnen zien waar multinationals actief zijn en hoeveel belastingen zij waar betalen. Terwijl alle wetgeving in het verleden gebruikt werd om dubbele belasting te vermijden, bestaat nu het risico dat het omgekeerde zal gebeuren. Elk land zal denken dat het deel dat ze ontvangen van de belastbare basis van grote bedrijven te klein is, en zal dus zijn deel opeisen. Als werkgeversorganisatie kunnen wij dit niet aanvaarden. Wij zullen dit dan ook van nabij opvolgen.

Uiteindelijk hebben deze regels een zekere impact op die ondernemingen die er een punt van gemaakt hebben hun fiscale verplichtingen na te komen: zo bestaat er het risico dat de BEPS-actieplannen leiden tot een verhoging van de belastingdruk. De OESO berekende immers dat BEPS tussen de 100 en 240 miljard zal opbrengen, wat zou betekenen dat de gemiddelde belastingvoet van de Belgische ondernemingen, die internationaal actief zijn, zou kunnen stijgen met 2 tot 3 procentpunten. Dit leidt dus niet tot de instorting van ons fiscaal systeem, maar dwingt ons wel om na te denken over onze ondernemingsfiscaliteit en in het bijzonder over onze vennootschapsbelasting.

Uitdagingen

Terwijl BEPS op korte termijn vooral uitdagingen met zich meebrengt, is het belangrijk dat we ook de lange termijn in rekenschap brengen. Als overheden zich willen profileren als een fiscaal aantrekkelijk land, zullen zij zich moeten richten op een daling van de vennootschapsbelasting om competitief te blijven. BEPS heeft dan ook veel gemeen met het klimaat: iedereen moet mee in het bad om tot internationaal aanvaarde regels te komen. Gebeurt dat niet, dan gaan we kopje onder. Het is in het belang van de concurrentiekracht onze Belgische ondernemingen dat dit niet gebeurt.

Lees meer over:

Onze partners