Jozef Vangelder
Jozef Vangelder
Redacteur bij Trends
Opinie

15/09/14 om 17:32 - Bijgewerkt op 16/09/14 om 11:14

Europa mag niet marchanderen met China over buitensporige overheidssteun

De handelsconflicten tussen de Europese Unie en China zijn gaan liggen. Het komt er nu op aan om dat zo te houden, zonder toe te geven op de eigen principes.

Gemeten naar koopkrachtpariteit, staat China op het punt om de grootste economie ter wereld te worden. Dat wordt wennen voor het Westen. De tijd dat wij de wet konden dicteren in de wereld, is voorbij. Over het dumpen van zonnepanelen op onze markt heeft de EU een compromis moeten sluiten met China, de EU-klacht over de ongeoorloofde overheidssteun aan de Chinese producenten van telecomapparatuur Huawei en ZTE is bevroren.

Een toonbeeld van een vlotte en vruchtbare relatie is het niet, en de tijd lijkt niet bepaald rijp voor verbetering. Europa is verzwakt door een aanslepende economische crisis, China zit gevangen in overcapaciteit en schuldverslaving. In zo'n klimaat staat het eigenbelang voorop. Eigen groei komt eerst.

Delen

Europa mag niet marchanderen met China over buitensporige overheidssteun

Herman Van Rompuy, voorzitter van de Europese Raad, geeft morgen in Brussel de openingsspeech op een conferentie met als titel 'Asia and Europe working together'. Van het dynamisme en de stijgende welvaart in Azië kan de Europese economie alleen maar beter worden. Maar wie wil samenwerken met Azië, kan niet meer buiten China om.

Hopelijk is Van Rompuy in zijn speech niet te voorzichtig over China. Het land is in 2001 lid geworden van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Daardoor kon het zich integreren in de wereldmarkt, en een enorme groei realiseren. Met zijn toegenomen gewicht in de wereldeconomie, stijgt ook de verantwoordelijkheid van China. De vrijhandelsregels van de WTO zijn er voor iedereen. Als China de baten wil, moet het de plichten erbij nemen, en de buitensporige overheidssteun en andere concurrentievervalsing aanpakken.

Europa mag daarover niet marchanderen. De Europese bedrijven kunnen de vette contracten in China goed gebruiken, maar de Chinese exportmachine heeft net zo goed de 500 miljoen EU-consumenten nodig. Compromissen zijn oplapwerk, goede regels duren het langst.

Onze partners