'Bereidheid om te werken tot 65 jaar neemt af'

04/06/13 om 16:10 - Bijgewerkt om 16:10

Bron: Trends

De bereidheid om te werken tot aan de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar neemt af. Zo'n 38 procent van de ondervraagde Belgen wil niet werken tot die leeftijd.

'Bereidheid om te werken tot 65 jaar neemt af'

De bereidheid om te werken tot aan de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar neemt af, zo blijkt uit de nationale pensioenenquête van verzekeraar Delta Lloyd Life. Zo'n 38 procent van de ondervraagde Belgen wil niet werken tot die leeftijd. Dat is een toename met 5 procentpunt ten opzichte van de vorige rondvraag in 2012. Delta Lloyd ondervroeg 1.427 mensen tussen 18 en 64 jaar.

Vooral de zogenaamde babyboomers (55 procent) zijn tegen, bij de jongeren is de weerstand minder groot (23 procent). Opvallend meer mensen dan vorig jaar (32 procent, +7 procent) kijken ook uit naar hun pensioen, vooral om te genieten en rustig te leven zonder tijdsdruk.

De 'ideale' pensioenleeftijd voor de Belg ligt op 61 jaar: de helft van de ondervraagden vindt dat men op die leeftijd voldoende heeft gewerkt. Momenteel ligt de gemiddelde pensioenleeftijd in België op 59 jaar.

Tegelijk vindt nog altijd ruim een derde dat vervoegd pensioen niet meer van deze tijd is, evenveel dan vorig jaar. Zij die voor hun 55ste stoppen met werken, worden beschouwd als profiteurs.

Om de mensen te overtuigen langer actief te blijven en zo de pensioenen betaalbaar te houden, is er dus nog werk aan de winkel. Jan Van Autreve, CEO van Delta Lloyd Life, zegt dat de Belg de voorbije twee jaar overladen werd met boodschappen rond de pensioenproblematiek, maar meent dat hierbij te weinig aandacht ging naar het creëren van perspectieven. 'De Belg hoort niet wat hij erbij te winnen heeft als hij langer werkt. Er is nochtans nood aan een zachte landing tussen een actieve en een inactieve loopbaan'.

Dat blijkt ook uit de pensioenenquête: de Belg is duidelijk vragende partij voor een zogenaamd eindeloopbaanbeleid. Zo'n 63 procent van de ondervraagden vindt dat werkgevers een aangepast beleid voor oudere personeelsleden moeten voeren, 10 procent meer dan vorig jaar. Vooral jongeren zijn vragende partij.

Concreet wordt hierbij gedacht aan flexibeler werken met meer vrije tijd, financieel is men niet bereid om in te leveren aan het einde van zijn loopbaan. 'Er is dus nog werk aan de winkel voor werkgevers', aldus Van Autreve. Maar hij ziet ook een rol voor de overheid, bijvoorbeeld door de cumul tussen werk en pensioen aan te moedigen of door de loonkost voor oudere werknemers te verlagen.

Minister van Pensioenen Alexander De Croo (Open VLD) wijst op de paradox die de pensioenenquête laat zien. 'Aan de ene kant vinden de mensen dat er iets moet gebeuren om hun pensioen veilig te stellen, maar aan de andere kant wil men zelf hiervoor geen inspanning doen'.

De Croo gelooft dat het anders organiseren van werk een antwoord kan bieden de verzuchtingen van de Belg en op de vraag tot langer werken. 'We moeten in elk geval gaan voor een pensioenhervorming die breed gedragen is.' De minister heeft een expertencommissie aangesteld die de problematiek bestudeert en met een rapport moet komen dat als basis dient voor de lange termijn. (Belga/SD)

Lees meer over:

Onze partners