Alain Mouton
Alain Mouton
Redacteur bij Trends
Opinie

01/04/10 om 18:15 - Bijgewerkt om 18:15

Beleid Brusselse arbeidsmarkt is hopeloze zaak

Vorig jaar vonden meer dan 5000 Brusselaars werk in de Vlaamse rand, mede dankzij een samenwerking van de VDAB en zijn Brusselse tegenhanger Actiris.

Beleid Brusselse arbeidsmarkt is hopeloze zaak

Komt het dan toch nog goed met het Brusselse arbeidsmarktbeleid? Het valt te betwijfelen. Elke keer dat een Brusselse regering maatregelen wil nemen om de torenhoge werkloosheid van 20 procent aan te pakken staat de PS, nipt de grootste partij in het gewest, op de rem.

Brussels minister van Werk Benoît Cerexhe (cdH) is vol goede wil en spiegelt het Brusselse activeringsbeleid aan het VDAB-succes in Vlaanderen. Maar bepaalde vormen van activering - zoals een verplichte individuele begeleiding van werkzoekenden - zorgen in Brussel voor hevige politieke debatten. Terwijl het in Vlaanderen, zelfs bij de linkerzijde en de vakbonden, de evidentie zelve is. Voor Cerexhe in 2004 minister van Werk werd, bestond er niet eens een beheersovereenkomst voor de Brusselse arbeidsbemiddelingsdienst. Nu die er wel is, probeert de PS Actiris zoveel mogelijk uit te hollen. De Brusselse arbeidsbemiddelingsdienst mag voor de PS niets meer zijn dan de leverancier van formulieren waarmee de Brusselse werkzoekende bij de RVA kan aantonen dat hij zogezegd naar werk zoekt. Een slaappil voor de werkloze dus.

Met een PS die tegen elke versterking van het activeringsbeleid haar veto stelt, is de Brusselse werkloosheid een hopeloze zaak. Het arbeidsmarktbeleid in Brussel moet dan ook uit handen van de gewestregering worden genomen en aan de gemeenschappen worden overgedragen. Dan kunnen de veel efficiëntere VDAB en het Waalse Forem voluit en zonder beperkingen actief zijn op de Brusselse arbeidsmarkt. Bovendien komen arbeidsbemiddeling en opleiding dan opnieuw op hetzelfde bestuursniveau. Het Brusselse werkgelegenheidsbeleid wordt op die manier ook immuun gemaakt voor politieke spelletjes.

Deze aanpak is de enige manier om het tij te keren. Toen het Brussels Gewest in 1989 werd opgericht, was het gemiddelde inkomen van de Brusselaar gelijk aan het Belgisch gemiddelde. Nu ligt het meer dan 20 procent lager. Dat is natuurlijk voor een deel het gevolg van de stadsvlucht, maar ook de sterk toegenomen werkloosheidsgraad is een deel van de verklaring.

De Brusselse politici hadden altijd hetzelfde antwoord klaar wanneer ze met die cijfers werden geconfronteerd: ze klaagden over het gebrek aan middelen om een efficiënt beleid te voeren, en de federale regering kwam over de brug. Dat bij de jongste begrotingscontrole nog eens 20 miljoen euro wordt vrijgemaakt voor de activering van werklozen, waarbij een groot deel van de middelen naar Brussel gaat, is eigenlijk wraakroepend. Met een budget van 230 miljoen euro - bijna de helft van dat van de VDAB - beschikt Actiris over voldoende geld om een doortastend arbeidsmarktbeleid te voeren. Dat is het probleem niet. Enkel het arbeidsmarktbeleid weghalen van het Brusselse gewestelijke niveau kan een einde maken aan de bedeltocht van de Brusselse politici.

Trends-journalist Alain Mouton

Onze partners