VBO pleit bij Theresa May voor overgangsperiode

. © BelgaImage

Een reeks Europese werkgeversorganisaties, waaronder het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO), is maandag op bezoek gegaan bij de Britse premier Theresa May in Londen om hun bezorgdheden te uiten over de brexit. Ze herhaalden dat een harde brexit catastrofaal zou zijn voor het bedrijfsleven en pleitten voor een tijdelijke status quo, een periode na de brexit waarin de spelregels niet veranderen.

‘Het zakenleven is uiterst bezorgd over het trage tempo van de onderhandelingen en over het gebrek aan vooruitgang een maand voor de beslissende Europese top van december’, stelde Emma Marcegaglia, voorzitster van belangengroep BusinessEurope.

Volgens haar willen de bedrijven een harde brexit vermijden. Ze pleiten daarom voor een tijdelijke status quo van de huidige regels op het tijdstip dat de brexit in werking zal treden. ‘Daarbij zou het Verenigd Koninkrijk in de douane-unie en de eengemaakte markt blijven’, aldus Marcegaglia. ‘Dat zou burgers en ondernemingen meer zekerheid bieden.’

Zekerheid is ook een sleutelwoord voor Pieter Timmermans, de gedelegeerd bestuurder van het VBO. Hij vertegenwoordigde het Belgische bedrijfsleven in de ambtswoning van May op Downing Street 10. ‘Voor onze Belgische ondernemingen is het noodzakelijk dat we elke vorm van onzekerheid tot een minimum beperken en dat er een duidelijke, werkbare en uitgebalanceerde oplossing wordt uitgedokterd, en dit binnen een zo kort mogelijke termijn’, stelt Timmermans in een VBO-persbericht. ‘Bedrijven en burgers hebben nood aan perspectief.’

Het VBO herhaalt dat in een ‘no deal’-scenario, waarbij de EU en het VK geen akkoord zouden bereiken over verdere samenwerking na de brexit, de douanekosten voor in- en uitvoer tussen België en het VK zouden oplopen tot 2,22 miljard euro. Zo’n scenario zou België ook meer dan 42.000 jobs kunnen kosten.

Lees ook: Brexit doet Vlaanderen bloeden

Partner Content