'Nederlandse multinationals halen financiële centra weg uit België'

26/02/18 om 19:26 - Bijgewerkt om 19:28

Bron: Belga

Nederlandse multinationals zoals Heineken, Philips en Unilever hebben de afgelopen jaren hun financiële centra uit België weggehaald. In totaal werd meer dan 20 miljard euro aan eigen vermogen verplaatst.

Dat schrijft het Financieele Dagblad maandag op zijn website, op basis van een eigen onderzoek. Reden is de lage rente, waardoor er weinig tot geen fiscaal voordeel meer te halen valt uit de notionele-intrestaftrek.

Multinationals konden in ons land jarenlang profiteren van de zogenaamde notionele- interestaftrek, een regeling waarbij een fictieve rente over het eigen vermogen werd berekend. Die rente was gelijk aan de rente op de tienjarige staatsobligaties én fiscaal aftrekbaar.

Maar omdat door het monetaire beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) de rente op die staatsobligaties heel laag is, leverde de aftrekregeling tegenwoordig bijna niets meer op. Reden voor de grote bedrijven om te vertrekken.

Volgens het Financieele Dagblad stond eind 2011 nog zo'n 26 miljard euro aan vermogen van Nederlandse multinationals in ons land gestald. Soms werden hiervoor nieuwe vennootschappen opgericht, soms gebeurde dat via Belgische dochtervennootschappen. Maar nu is dus de omgekeerde beweging aan de gang.

Heineken besliste in 2016 om zijn financieringsactiviteiten over te brengen naar het hoofdkantoor in Amsterdam. Ook chemiebedrijf DSM en technologieconcern Philips haalden de financieringsactiviteiten terug naar Nederland.

Andere multinationals, zoals Randstad en Unilever, verplaatsten hun financieringscentrum naar Zwitserland.

Wolter Kluwer koos dan weer voor Ierland. Alleen ASML heeft nog een substantieel eigen vermogen in België staan.

Bij de hervorming van de Belgische vennootschapsbelasting eind vorig jaar, bleek al dat rekening werd gehouden met het vertrek van een groot deel van de financiële centra. De Nationale Bank ging zelfs uit van een uitdoofscenario.

Onze partners