Italië is een bedreiging voor Belgische banken

03/08/11 om 10:47 - Bijgewerkt om 10:47

Bron: Trends

De stresstests en het Europese reddingsplan voor Griekenland maakten van juli een spannende maand voor de Belgische banken. Ze slaagden met vlag en wimpel, maar hun zorgen zijn zeker niet van de baan.

Italië is een bedreiging voor Belgische banken

© belga

Uit de stresstests bleek dat in de meest ongunstige scenario's de Belgische banken een meer dan voldoende grote kernkapitaalratio zouden overhouden.

Dexia kwam aan 10,4 procent, KBC aan 10 procent. De Europese stresstests legden de lat op 5 procent, de Basel III-normen gaan uit van 7 procent tegen 2018. Ook andere banken die in ons land actief zijn, slaagden in de stresstests. ING hield bij de zwaarste schok 8,7 procent kernkapitaal tegenover zijn risicogewogen activa over, BNP Paribas kwam op 7,9 procent uit.

Als de stresstests iets uitwezen, dan wel dat de Belgische banken tot de best gekapitaliseerde van Europa behoren. De Duitse banken bijvoorbeeld halen gemiddeld de kernkapitaalratio van 7 procent niet.

Zijn daarmee alle problemen van de baan? Niet helemaal. In een verduidelijking geeft de EBA toe dat de banken getest werden op hun blootstelling aan Zuid-Europese overheidsobligaties, maar niet in een mate die het niveau van de huidige schuldencrisis in Europa weerspiegelt. Er werd vooral gefocust op het trading book (effecten die op korte termijn verhandeld worden), terwijl in het banking book (effecten die tot einde looptijd worden aangehouden) enkel een schuldvermindering van 15 procent op Grieks overheidspapier getest werd.

Extremere tests
Een aantal analisten gebruikte de vrijgegeven informatie om zelf strengere stresstests te simuleren. Het analistenteam van ABN Amro in Amsterdam bijvoorbeeld paste, op basis van de prijzen van verzekeringen tegen wanbetalingen (de zogenaamde credit-default swaps), een aantal extreme schuldverminderingen toe. Wat als de banken geconfronteerd worden met 70 procent verlies op hun Griekse, 30 procent op Ierse en Portugese, 15 procent op Spaanse en 10 procent op Italiaanse overheidsobligaties?

Eigenlijk zijn de resultaten niet zo verschillend, maar de getallen zijn groter. 31 banken zouden falen in deze extreme stresstest, samen goed voor een kapitaaltekort van 40 miljard euro. De Griekse en Cypriotische banken zouden van de kaart geveegd worden en ook in Spanje en Portugal zou de situatie voor de banksector ronduit dramatisch zijn.

De Belgische en Nederlandse banken houden ook in dat extreme scenario relatief goed stand. Bij een kleinere haircut van 50 procent op Grieks staatspapier en van 5 procent op Spaanse en Italiaanse obligaties zouden de Belgische banken hun kernkapitaal zien slinken met 20 procent maar nog altijd een ratio van 8 procent overhouden. Daarmee doen ze beter dan de Franse en Duitse banken.

Uit de informatie die de banken bij de stresstests vrijgaven, blijkt eigenlijk zwart op wit dat de Belgische banken een Griekse default (wanbetaling) kunnen verteren, en dat ze pas echt in de problemen komen als Italië kapseist. Van Dexia weten we dat de bank 15,6 miljard euro Italiaanse staatsobligaties aanhoudt, op een Europese overheidsportefeuille van 49,7 miljard euro. Maar ook KBC is erg kwetsbaar voor Italië. Bij KBC bedroeg de blootstelling aan overheidspapier uit de PIIGS-landen eind vorig 7,9 miljard euro, of twee derde van het kernkapitaal. Italiaanse en Spaanse staatsobligaties vertegenwoordigen samen 7 miljard euro.
Overigens zijn de meeste Europese banken in hetzelfde bedje ziek.

Betalingsproblemen in Italië en Spanje zouden zo'n impact hebben op de Europese bankensector dat de twee landen de facto too big to fail zijn, maar meteen ook heel moeilijk te redden. Dat begrijpen ook de Europese regeringsleiders. Het plan dat ze eind juli voorstelden, is in de eerste plaats gericht op de redding van Griekenland en het inperken van het besmettingsgevaar. Het noodfonds EFSF krijgt ruimere bevoegdheden, waardoor het voortaan kredieten kan verstrekken om banken te herkapitaliseren en overheidsobligaties op de secundaire markt kan opkopen. Een minpunt is dat het EFSF voorlopig niet meer middelen krijgt, waardoor het nooit in staat kan zijn om, indien nodig, Spanje en Italië te redden.

Patrick Claerhout

Lees meer over:

Onze partners